Gepubliceerd: woensdag 28 november 2007 12:31
Het CDA wil dat minister van Binnenlandse Zaken Guusje ter Horst (PvdA) collegialer is ten opzichte van haar collega's in het kabinet. Dat bleek woensdag in een debat in de Tweede Kamer dat was aangevraagd door de PVV in verband met uitspraken van Ter Horst in een interview met Nieuwe Revu twee weken geleden. Ter Horst zei in dat interview dat onderhandelingen met de Taliban mogelijk waren als de beweging geweld zouden afzweren.
Reden voor PVV-leider Geert Wilders om een interpellatiedebat met Ter Horst en minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen (CDA) aan te vragen. Volgens Wilders mag er nooit worden onderhandeld met terroristen. Ter Horst en Verhagen benadrukten dat het kabinetsbeleid was dat er onderhandeld kan worden als er uitzicht is op het neerleggen van de wapens door een terroristische groepering of als de terroristen geweld afzweren. Volgens de bewindslieden zat er geen licht tussen de uitspraken van Ter Horst en het beleid van het kabinet.
Het CDA vond het echter oncollegiaal van Ter Horst dat ze niet had verwezen naar de standpunten van de betrokken ministers, minister van Defensie Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) en Verhagen. Ter Horst stelde moeite te hebben om tijdens een interview steeds te verwijzen naar de ministers die eerst verantwoordelijk zijn voor het onderwerp waarnaar zij gevraagd wordt. ''Ik word moe om altijd te verwijzen naar de betreffende collega. Iedereen weet dat dit de portefeuille van collega Verhagen is.''
Aan het einde van het debat was CDA-Tweede Kamerlid Karien van Gennip, die de minister ferm aanviel op haar gedrag, tevreden met de beantwoording van Ter Horst. Die liet weten voortaan te proberen te verwijzen naar haar voor het onderwerp verantwoordelijke collega's. "Hoewel het wel wat moeite kostte", aldus Van Gennip.