Door: Ea Visser » Meer blogs van Ea Visser 
Gepubliceerd: donderdag 9 juni 2011 09:55
Update: donderdag 9 juni 2011 11:50
Als ergens de kloof tussen juristerij en maatschappij groot is, dan is het wel in alles wat met het concurrentiebeding te maken heeft. De slechte kennis hierover en de vraag of je iemand mag beperken in zijn beroep, zorgen voor verhitte discussies.
Arbeidsrechtadvocaten kunnen uren debatteren over het
concurrentiebeding, colleges volgen en schande spreken over de van grote onkunde blijkgevende opmerkingen die bijvoorbeeld door een bepaalde minister zijn gemaakt. Het is een onderwerp dat in ieder geval garant staat voor interessante discussies met filosofische aspecten (“mag je iemand beperken in zijn beroep en daarmee in zijn ‘zijn’).
HandtekeningHoe anders is dit bij degene die even lekker zijn handtekening zet onder een arbeidscontract. Die heeft namelijk geen idee waaraan hij of zij zichzelf net heeft verbonden. Vraag maar eens rond in je omgeving. De meesten weten niet of dit in hun contract staat en als het wel zo is, dan denkt men dat het zo’n vaart niet zal lopen.
Denk aan reacties als: “Zo’n concurrentiebeding vervalt toch als ik een betere baan kan krijgen?” “Maar ik heb een tijdelijk contract, dus dan is het toch niet redelijk als ik wel word gehouden aan dat beding?”Ik kan geen heel ander werk gaan doen dus ik zal nooit aan dat concurrentiebeding worden gehouden.”
Sneue realiteit
Dit klinkt allemaal heel fijn, geruststellend ook. Het kan echter allemaal iets minder geruststellend worden als je het bedrijf waar je ooit zo blij bent begonnen, wilt gaan verlaten. Want wat is de sneue realiteit: je kunt zeker wel worden gehouden aan dat beding. Dat kan betekenen dat je niet bij concurrenten mag werken, niet voor jezelf mag beginnen en dat je relaties niet meer mag benaderen. Soms mag je zelfs ook niet bij relaties gaan werken. Rechters zijn heel streng als je eenmaal je handtekening hebt gezet. En ja, ook bij tijdelijke contracten, blijft dat gewoon staan.
Aanbieding
Dit kan grote gevolgen hebben. Stel, je werkt al jaren bij hetzelfde werving- en selectiebureau en richt je op ICT’ers. Dit is echt jouw markt, je hebt alle contacten, groot netwerk etc. Dan krijg je een aanbieding van een ander mooi bureau. Na zoveel jaar wil je wel eens een ander koffieautomaat zien, dus je gaat. Je krijgt een tijdelijk contract waar je fluitend je handtekening onder zet. En dan botert het niet tussen jou en je nieuwe werkgever. Of je wil daar zelf niet blijven. In ieder geval, je gaat daar weg. En mag dan vervolgens een jaar lang niet in dezelfde branche actief zijn. Kan dit? Ja. Is dit redelijk? Dat is een hele andere discussie.
Onder de huidige wetgeving en jurisprudentie is het in ieder geval zo dat je heel voorzichtig moet zijn met ondertekening van een concurrentiebeding en dit niet moet doen met hetzelfde gemak als je de nieuwe algemene voorwaarden van iTunes accepteert. Mocht je jezelf al hebben beperkt met een concurrentiebeding, dan wordt het zaak dat je eens heel serieus gaat nadenken over hoe je er weer vanaf komt.
Ea Visser heeft ruim veertien jaar ervaring als arbeidsrechtspecialist en is verbonden aan Abeln Advocaten in Amsterdam.
Zij richt zich met name op werkgevers en werkt samen met MKB Amsterdam. Daar schrijft zij ook regelmatig columns voor. Haar kantoor staat ondernemers bij op het gebied van personeelszaken, contracten, aansprakelijkheden en bedrijfsonroerend goed en incasso’s, zodat zij dagelijks te maken heeft met de (juridische) problemen waar het MKB tegen aanloopt. Dit betreft vooral alles wat met personeel en arbeid te maken heeft. Vooral de (on)mogelijkheden van het ontslagrecht laten de gemoederen vaak hoog oplopen. Daar besteedt zij dan ook regelmatig aandacht aan; via publicaties maar ook door deelname in de werkgroep ontslagrecht.
Visser is lid van de specialistenvereniging van arbeidsrechtadvocaten (VAAN) en redacteur van het tijdschrift voor de procespraktijk.