Door: FTM
Gepubliceerd: maandag 30 augustus 2010 16:31
Hugh
Hefner wil de aandelen van Playboy Enterprises
van de markt halen en het heft weer in eigen hand nemen. De Amerikaanse
Playboy kampt met teruglopende inkomsten.
“Vervelend voor ze,” merkt Jan
Heemskerk, hoofdredacteur van de Nederlandse editie, droog op. Gelukkig
voor hem heeft zijn blad geen financiële banden met het Amerikaanse
bedrijf. Heemskerk ‘heeft wel eens betere dagen
gekend’, maar er is geen reden tot zorg voor het door Sanoma uitgebrachte
tijdschrift.
De Amerikaanse collega’s daarentegen
moeten flink in de kosten snijden. Heemskerk: “De problemen die ze daar ervaren,
hebben denk ik ook iets te maken met de inefficiënte manier van werken.
In plaats van zelf stukken naar de postkamer te brengen, nemen ze daar
een loopjongen aan.”
De Nederlandse editie heeft een oplage
van zo’n zestig tot zeventigduizend exemplaren, in de V.S. gaat het
om drie miljoen stuks. “Die schaalgrootte brengt voordelen met zich
mee, maar als het slecht gaat ook nadelen. Wij gaan door omstandigheden
gewiekster om met onze resources,” zegt Heemskerk, die sinds 2004
de scepter zwaait over de vijfkoppige redactie. “Ik zou niet weten
hoe we hier nog kunnen snijden. Moeten we met onze laptops buiten gaan
zitten.”
Met de opkomst van het internet en
concurrerende bladen als de Maxim en de FHM ging de oplage van de Nederlandse
editie flink achteruit. In haar hoogtijdagen kende het in 1983 opgerichte
blad namelijk een oplage van 150.000 exemplaren. “Toen had je nog
geen internet. Wat moest je als man anders, behalve misschien een paar
schimmige seksshops in Amsterdam.”
De laatste jaren is de oplage vrijwel
stabiel. Heemskerk probeert vooral verder te kijken dan het tijdschrift
alleen. “Je moet als mediamerk steeds meer te bieden hebben.” Playboy
doet steeds meer online en adverteerders verbinden zich niet aan het
blad, maar aan het merk. Er zijn verschillende Playboy
events en in de winkels ligt Playboy merchandising.
Het Nederlandse mediaconcern is niet
de enige die de naam kan gebruiken. Een ieder die ‘iets wil doen dat
Playboy heet’, sluit een contract met de Amerikaanse afdeling. Voor
Hef en consorten een lucratieve bron van inkomsten. Maar, vertelt Heemskerk:
“Zo wordt elk product apart in de markt gezet. Het zou kunnen dat
die manier van doen uit de tijd raakt. Die versnippering komt het merk
niet ten goede.”