Door: Kluwer
Een ondernemer moet de winsten van zijn onderneming bepalen volgens het principe van ‘goed koopmansgebruik' (gkg) en volgens een bestendige gedragslijn. Hoofdregel van goed koopmansgebruik vormt het realisatiebeginsel.
Dit houdt in dat voordelen en lasten die op enig jaar betrekking hebben, aan dat jaar moeten worden toegerekend. Verder worden voorzichtigheid, eenvoud en realiteitszin als elementen gezien van goed koopmansgebruik.
Het element van de voorzichtigheid betekent dat de ondernemer zich in ieder geval niet rijker moet rekenen dan hij in werkelijkheid is. Zo is het uit den boze om het bedrijfspand op te waarderen naar de veelal veel hogere verkoopwaarde van vandaag de dag. Of om eventueel zelf opgebouwde goodwill op de balans op te nemen. Verder worden volgens gkg niet-gerealiseerde verliezen meteen als aftrekpost opgevoerd, terwijl nog niet-gerealiseerde winsten buiten beschouwing blijven.
Enkele nieuwe regels per 2007
De winst op onderhanden werken en opdrachten moet sinds de inwerkingtreding van 'Werken aan winst' (1 januari 2007) volgens goed koopmansgebruik evenredig met de voortgang van die werken en opdrachten worden belast. Hierbij moet de belastingplichtige tevens een winstopslag én het constante deel van de algemene kosten in aanmerking nemen.
Wel kan de belastingplichtige vanaf 2007 voortbrengingskosten van immateriële activa (zoals zelf ontwikkelde software) ineens ten laste van de winst brengen in het kalenderjaar van voortbrenging.
Afschrijving op goodwill kan vanaf 2007 jaarlijks tot maximaal 10% van de aanschaffings- of voortbrengingskosten. Voor andere bedrijfsmiddelen geldt sinds 1 januari 2007 een maximum van 20% van de aanschaffings- of voortbrengingskosten. Is de restwaarde van een bedrijfmiddel nihil dan is de afschrijvingsperiode voor dat bedrijfmiddel dus minimaal vijf jaar.
Activa met geringe waarde
Wat betreft voorwerpen met een geringe waarde (maximaal € 450) is er een goedkeurende beleidsregel, op grond waarvan de ondernemer de aanschafprijs ineens ten laste van het resultaat kan brengen (mits ze geen onderdeel uitmaken van een complex van voorwerpen). Deze afschrijvingsmaatregelen zijn ook van toepassing op bedrijfsmiddelen ter zake waarvan vóór 1 januari 2007 verplichtingen zijn aangegaan of voortbrengingskosten zijn gemaakt.
Bestendige gedragslijn
De eis van de bestendige gedragslijn betekent dat er een zekere mate van continuïteit zit in de methode om de winst te bepalen. De ondernemer moet ook consequent zijn. Niet het ene jaar afschrijven via de lineaire methode en het andere jaar volgens de degressieve methode.
Een methode kan slechts worden gewijzigd als dat in overeenstemming is met goed koopmansgebruik. Overigens is het begrip goed koopmansgebruik nogal rekkelijk. Gerechtelijke uitspraken zijn uiteindelijk bepalend.