Door: Kluwer
De overheid gaat burgers en bedrijven meer betalen als zij in procedures in het gelijk worden gesteld. Ook komt er een dwangsom als overheden niet op tijd een besluit nemen.
Burgers en bedrijven die in het gelijk worden gesteld in een bestuursrechtelijke procedure ontvangen vanaf 1 oktober 2009 een hogere proceskostenvergoeding.
Wanneer een bestuursorgaan in een bestuursrechtelijke procedure in het ongelijk wordt gesteld, moet het de kosten aan de burger vergoeden. Sinds de invoering van het besluit in 1994 zijn de bedragen niet geïndexeerd. Met de wijziging van het besluit vindt deze indexering plaats aan de hand van de consumentenprijsindex over de jaren 1994 tot en met 2008. Dit komt neer op een eenmalige verhoging van iets meer dan 35%. De uiteindelijke vergoeding verschilt per zaak en hangt onder meer af van het werk dat een rechtsbijstandverlener in een zaak heeft verricht.
Belastingzaken
Een soortgelijke regeling geldt voor belastingzaken. De proceskostenvergoeding voor door derden beroepsmatig verleende rechtsbijstand in belastingzaken gaat omhoog, afhankelijk van de soort zaak. Bij een bezwaar gaat de vergoeding van € 161 naar € 218 naar, bij een beroep, hoger beroep en cassatie van € 322 naar € 437.
De belastingplichtige kan een dwangsom eisen als de Belastingdienst niet op tijd reageert op een aanvraag of een bezwaar. Daarvoor moet een formulier worden ingevuld.
Lagere overheden
Een dwangsom kan ook worden gevraagd van lagere overheden als die niet op tijd reageren. De hoogte van deze dwangsom is maximaal € 1260. Daarmee kan een gemeenten, provincie onder druk worden gezet om op tijd te reageren op bezwaarschriften of aanvragen voor subsidie of een vergunning. Wordt de termijn overschreden dan kan een betrokkene om de dwangsom vragen. Is er dan na twee weken nog geen besluit genomen, dan gaat de meter lopen - gedurende maximaal 42 dagen.
[ Bron: Pleinplus.nl ]