Spaarloonregeling: fiscaal vriendelijk sparen

Door: Kluwer

Bij de spaarloonregeling spaart de werknemer uit zijn brutoloon. Dit bedrag, het spaarloon, stort de werkgever op een geblokkeerde spaarrekening. Het spaarloon hoort niet tot het belaste loon van de werknemer; hij is er dus geen loonheffingen over verschuldigd.

Wel moet de werkgever er een eindheffing over afdragen van 25% (tot voor 2001: 10% en in 2002 tot en met 2005: 15%). De werkgever is er geen premies voor de werknemersverzekeringen over verschuldigd. Dit fiscaalvriendelijke sparen kan jaarlijks voor een bedrag van € 613 per werknemer. De inhouding van het spaarloon kan bij iedere loonbetaling gebeuren, maar het bedrag kan ook worden gespaard uit bijvoorbeeld een tantième, een 13e-maanduitkering of de eindafrekening. Daarnaast is het mogelijk dat de werkgever een extra bedrag toekent als spaarloon.

Vóór 2003 was er nog een andere fiscaalvriendelijke spaarregelingen, namelijk de premiespaarregeling, maar die is per 1 januari 2003 afgeschaft.

Voorbeeld

Een werknemer neemt deel aan de spaarloonregeling bij zijn werkgever. Jaarlijks wordt € 600 van zijn brutoloon op een spaarloonrekening gestort. Over dit zogenoemde spaarloon hoeft de werknemer geen belasting en sociale premies te betalen. Zou dit loon als normaal loon aan de werknemer zijn uitgekeerd, dan zou hij daarvan bij een belastingtarief (incl. premie volksverzekeringen) van 42% € 348 overhouden. Door dit loon op de spaarloonrekening te zetten, wordt door de werknemer dus een netto voordeel genoten van € 252. 48 maanden na elke storting van € 600 mag de werknemer dit bedrag van de spaarrekening afhalen.

De werkgever is over het gespaarde bedrag 25% eindheffing verschuldigd. De totale loonkosten bij een spaarloon van € 600 bedragen voor de werkgever € 750.

Het kost de werkgever derhalve € 150 minus zijn aandeel in de premies voor de sociale verzekeringen die verschuldigd zouden zijn als de € 600 als normaal loon zou zijn uitbetaald. De werknemer bespaart zich € 252 loonbelasting/premie volksverzekeringen + zijn aandeel in de premieheffing werknemersverzekeringen. Per saldo is het nog een aantrekkelijke transactie.

Als de werknemer meer dan € 613 uit zijn brutoloon spaart, moet over het bedrag boven de € 613 volgens de normale regels loonbelasting/premie volksverzekeringen worden ingehouden, en moeten premies voor de sociale verzekeringen en de Zorgverzekeringswet worden afgedragen.

Voorwaarden spaarloonregeling

Aan de spaarloonregeling worden voorwaarden gesteld. Deze voorwaarden zijn:

  • deelname aan de spaarloonregeling moet mogelijk zijn voor 75% voor het personeel;
  • deelname aan de spaarloonregeling is alleen mogelijk voor werknemers met een vast dienstverband. Hieronder vallen ook de werknemers die in eerste instantie met een tijdelijk contract werken, bijvoorbeeld een jaarcontract, oproepkrachten en deeltijdwerkers. Freelancers en zelfstandigen die voor een opdrachtgever werken, maar daarbij niet in dienstbetrekking staan, kunnen niet deelnemen aan de spaarloonregeling. Daarentegen kunnen de werknemers die in fictieve dienstbetrekking tot de werkgever staan, of een pseudo-dienstbetrekking hebben, uiteraard wel deelnemen aan de spaarregeling; zij staan in fictieve fiscale dienstbetrekking tot de werkgever;
  • de spaarloonregeling moet schriftelijk zijn vastgelegd, een spaarloonreglement. Hierin staat onder andere wie mogen meedoen aan de regeling, hoeveel er gespaard mag worden, hoeveel premie de werkgever toekent, wie de spaarregeling uitvoert (bijvoorbeeld een bank), welke onbelaste deblokkeringsmogelijkheden er zijn en wat er gebeurt indien het tegoed wordt opgenomen vóórdat de blokkeringstermijn voorbij is;
  • de gespaarde bedragen moeten op een speciale spaarrekening worden gezet;
  • de gespaarde bedragen moeten in principe 48 volle maanden geblokkeerd staan op een speciale spaarrekening. Er bestaat een beperkt aantal deblokkeringsmogelijkheden, dat wil zeggen: mogelijkheden voor de werknemer om voor een bepaald doel toch over het spaargeld te kunnen beschikken. Zie verderop voor de deblokkeringsmogelijkheden.
    Voldoet de spaarloonregeling niet aan de hierboven vermelde voorwaarden, dan mist de regeling de belasting- en premievrijstelling voor de werknemer.

 

Spaarloon in een jaar vergeten

Is de werkgever vergeten het spaarloon over een bepaald jaar in te houden, of is er een administratieve fout gemaakt waardoor het niet is verwerkt, dan is inhaal in een volgend jaar niet mogelijk. Het spaarloon moet daadwerkelijk in het betreffende jaar zijn afgezonderd van het loon van de werknemer.

Wel is het geoorloofd het in december ingehouden spaarloon pas in januari van het volgende jaar te storten.

Werknemer heeft meer dan één dienstbetrekking

Heeft een werknemer twee dienstbetrekkingen (bij twee verschillende werkgevers) dan is het vanaf 2005 niet meer mogelijk om bij beide dienstbetrekkingen de spaarloonfaciliteit te benutten. De werknemer kan nog maar bij één werkgever de spaarloonfaciliteit benutten, en wel bij de werkgever bij wie hij:

  • op 1 januari van het betreffende kalenderjaar in dienst is, en
  • op dat moment ook de algemene heffingskorting laat toepassen.

 

Mocht een werknemer na de eerste dag van het kalenderjaar bij een werkgever in dienst treden, dan kan hij bij die werkgever dus niet van de spaarloonregeling gebruikmaken. Hij is daar immers op 1 januari niet in dienst. Zo wordt voorkomen dat de werknemer die in de loop van het jaar verandert van werkgever, niet nog een keer gebruik kan maken van de spaarloonregeling bij de nieuwe werkgever. Echter, hierin zit enige overkill voor de nieuwe toetreder op de arbeidsmarkt in de loop van het kalenderjaar. Hij kan zijn eerste arbeidsjaar niet meedoen aan de spaarloonregeling, omdat hij niet op 1 januari in dienst was bij een werkgever.

Levensloopregeling

Op 1 januari 2006 is de levensloopregeling ingevoerd. De levensloopregeling kan niet samengaan met de spaarloonregeling. Een werknemer moet kiezen tussen deelname aan de levensloopregeling óf de spaarloonregeling (of niets).

Opnemen van tegoeden binnen 48 maanden

Een werknemer kan in beginsel zijn spaarloon altijd van zijn rekening halen. Dit heeft wel tot gevolg dat hierover alsnog op de normale wijze de loonheffingen moeten worden ingehouden en afgedragen. De loonbelasting/premie volksverzekeringen moet dan worden ingehouden met toepassing van de tabel bijzondere beloningen. Let wel: de werkgever krijgt de eerder afgedragen 25%-eindheffing dan niet terug.

Het beëindigen van het dienstverband (bijvoorbeeld omdat elders een baan is aanvaard of door overlijden) betekent niet dat het spaartegoed moet worden opgenomen. Op grond van de fiscale wetgeving is dit geen 'must', maar de werkgever kan dit wel hebben gesteld in het spaarreglement. In dat geval is het wel belangrijk dat de werknemer uiterlijk op de laatste dag van zijn dienstbetrekking moet hebben aangegeven of hij zijn spaarloontegoed wil deblokkeren. Dit is ook het geval als nog na die laatste dag zijn eindafrekening komt.

Voor de werknemer is het aantrekkelijk als hij de spaargelden op de geblokkeerde spaarrekening mag laten staan. Hij heeft zo de kans de blokkeringstermijn vol te maken en uiteindelijk zonder verdere belastingheffing zijn spaarloon op te kunnen nemen. Moet de werknemer bij beëindiging van het dienstverband zijn spaarsaldo opnemen, dan moeten alsnog de loonheffingen worden afgedragen naar rato van het deel van de blokkeringstermijn dat nog niet is verlopen.

Voorbeeld

A doet mee aan de spaarloonregeling. Jaarlijks wordt in mei € 600 van zijn brutovakantiegeld op de geblokkeerde spaarrekening gestort. De blokkeringstermijn voor elk spaarbedrag begint telkens vanaf 1 juni te lopen. Per 1 februari 2003 beëindigt A zijn dienstbetrekking. Hij neemt het over 2001 en 2002 gespaarde bedrag op.

Het normaal belaste deel is: 40/48 maal € 600 (spaarloon 2002 heeft 40 maanden niet geblokkeerd gestaan) + 28/48 maal € 600 (spaarloon 2001 heeft 28 maanden niet geblokkeerd gestaan) = € 500 + € 350 = € 850. Dit betekent dat € 350 belastingvrij kan worden opgenomen.

De eerder afgedragen 25% (of voorheen 15%) over de € 850 krijgt de werkgever niet terug.

Gevolgen voor sociale zekerheid

Bij de spaarloonregeling moet rekening worden gehouden met consequenties in de sfeer van de sociale zekerheid. Zoals hierboven is gemeld, behoort het spaarloon niet tot het loon voor de loonheffingen, dus ook niet tot het premieloon, en daarmee evenmin tot het uitkeringsloon. Meedoen aan de spaarloonregeling kan leiden tot vermindering van uitkeringsrechten, zodat bijvoorbeeld een in de toekomst te genieten WAO/WIA-uitkering lager uitvalt. Anders gezegd: bij ziekte, arbeidsongeschiktheid of werkloosheid is de uitkering lager dan in het geval dat niet wordt meegedaan aan de spaarloonregeling. Dit nadeel geldt overigens niet bij deelname aan de levensloopregeling. Verder is dit nadeel evenmin bij de spaarloonregeling aanwezig als de werknemer toch al boven het premiemaximum zit; dan zijn er geen consequenties voor een eventuele uitkering.

Gevolgen voor subsidies en dergelijke

Subsidies en inkomensafhankelijke uitkeringen zijn veelal afhankelijk van het fiscale belastbare inkomen, het zogenoemde verzamelinkomen, of van het netto-inkomen. Meedoen aan de spaarloonregeling verlaagt alle typen loon. Hierdoor kan een werknemer die meedoet aan de spaarloonregeling, in aanmerking komen voor een hogere subsidie of inkomensafhankelijke uitkering dan degene die niet meedoet.

Sparen in de vorm van aandelen(opties): dubbele faciliteit

Voor zover het spaarloon bestaat uit aandelen in de vennootschap van de werkgever of dat van een verbonden vennootschap, wordt het bedrag van € 613 verdubbeld . Dit geldt ook als wordt gespaard in de vorm van aandelenopties. Benut de werknemer al de mogelijkheid om vanuit zijn brutoloon € 613 cash te sparen (de spaarloonregeling), dan kunnen daarnaast geen aandelen/aandelenopties tegen slechts de werkgeversheffing van 25% worden verstrekt. De aandelen zijn bij deze werknemer dan volgens het normale regime belast. Wel kan bijvoorbeeld voor € 500 worden meegedaan aan de spaarloonregeling en voor € 226 (2 × (613 - 500)) spaarloon in de vorm van aandelen/aandelenopties.

Er mag dus ter waarde van € 1226 aandelen (of aandelenopties) worden uitgereikt tegen een tarief van 25%. Bij sparen in de vorm van aandelen spaart de werknemer niet in cash, maar in aandelen. Deze aandelen moeten ook voor minimaal 48 maanden worden geblokkeerd. De reden voor de verdubbeling is, dat de wetgever op deze manier beoogt de betrokkenheid van de werknemers bij het bedrijf te vergroten. De werknemer is immers door zijn aandelenbezit een beetje eigenaar van het bedrijf geworden. Vandaar dat de werknemer de aandelen ook geblokkeerd moet houden voor minimaal 48 maanden. Zou de werknemer de aandelen meteen kunnen verkopen, dan is er geen betrokkenheid bij het bedrijf meer. En dit is niet wat de wetgever beoogd heeft. 

Deblokkeringsmogelijkheden

Het doel van de spaarloonregeling is het vormen van duurzaam bezit onder werknemers. Dit kan bereikt worden door contant geld op de bankrekening, maar er zijn ook andere vormen van sparen die kunnen worden aangemerkt als het vormen van duurzaam bezit. Hierbij kan gedacht worden aan het kopen van een eigen huis of het afsluiten van een kapitaalverzekering voor de oude dag. Om deze reden heeft de wetgever een aantal bestedingen goedgekeurd waarvoor het geblokkeerde spaartegoed tussentijds mag worden opgenomen, zonder dat alsnog belasting en premies moeten worden betaald. Deze deblokkeringsmogelijkheden zijn in de wet beperkt tot:

  • het betalen van (een deel van) de koopsom bij de aankoop van een eigen woning;
  • het betalen van premies voor een lijfrenteverzekering waarvoor in de Wet op de inkomstenbelasting is gesteld dat de premies voor de betreffende lijfrenteverzekering aftrekbaar zijn van het inkomen;
  • het betalen van premies voor een levensverzekering;
  • het kopen van effecten;
  • het vrijwillig betalen van extra pensioenpremies;
  • het starten van een eigen bedrijf;
  • het opnemen van onbetaald verlof;
  • het betalen van een studie;
  • het betalen van de kosten van kinderopvang;
  • het betalen van de kosten van een EVC-procedure (sinds 2007).

 

De spaarregeling mag minder deblokkeringsmogelijkheden bevatten dan wettelijk is toegestaan.

Het is niet mogelijk dat een werknemer zijn spaargeld deblokkeert in strijd met het reglement, bijvoorbeeld voor de start van een eigen onderneming terwijl deze deblokkeringsmogelijkheid niet in het reglement is opgenomen. Gebeurt dat wel, dan worden de gespaarde gelden op de normale wijze in de loonheffingen betrokken.

Het is evenmin mogelijk om in het reglement op te nemen dat als de werknemer zijn spaargeld deblokkeert voor een niet erkend doel, bijvoorbeeld de aankoop van een wasmachine, dat de werkgever dan alsnog op de normale wijze de loonheffingen op het gedeblokkeerde geld inhoudt. Een spaarregeling waarin een dergelijke bepaling is opgenomen, is geen spaarregeling.

 
  Plaats dit bericht op Twitter Voeg dit bericht toe aan NuJij.nl Voeg dit bericht toe aan linkedin.com Voeg dit bericht toe aan hyves.nl Voeg dit bericht toe aan facebook.com Reageer Stuur dit bericht door per email Stuur door Druk deze pagina af op je printer Print  


Reageer op dit artikel:  

Reageer Door: hansregelink, 27 sep 2011 20:52
ik ben met ingang van heden volledig afgekeurd.
kan ik mijn al mijn spaarloon opnemen?

Reageer Door: BBH18A, 20 apr 2011 15:28
Geachte heer, mevrouw,

Ik heb een vraag naar aanleiding van dit artikel. Ik ben werkzaam bij een bouwbedrijf en doe daar de salarisadministratie. Nu zijn er eind 2010 en in januari & februari 2011 mensen in de WW gekomen met de toezegging om in 2011 weer in dienst te komen. Dit is ook gebeurd alleen nu is de indienst datum bij deze werknemers niet 1 januari. Als ik het goed begrijp mogen deze mensen niet meedoen met de spaarloonregeling. Klopt dit?

Met vriendelijke groet,


Saskia
Administratie

Reageer Door: Merenman, 17 jan 2011 15:52
Komt goed uit dat ik binnenkort een huisje ga kopen ;-)
Wat me opvalt is dat er weinig wordt verteld over de werkgever. Deze moet namelijk ook op tijd weten of ze voor de spaarloonregeling of voor de levensloopregeling kiezen.
Ik zat net op deze site: http://www.bcsbv.nl/Over_BCS/Nieuws/articleType/ArticleView/articleId/17/Levensloop-of-spaarloon--Keuze-voor-1-januari-2011.aspx
En daar stond dat op, neem dus wel aan dat het waar is.
Ik ga in ieder geval de spaarloonregeling gebruiken.

 
 
 


© Copyright DePers.nl