Door: Kluwer
In het eindgesprek van de controle zal de belastingcontroleur de werkgever informeren over zijn bevindingen. Als de controleur fouten heeft geconstateerd zal hij ook aangeven wat dit voor gevolgen heeft. De controleur zal op grond van zijn constateringen correctievoorstellen doen.
Het is aan te bevelen om de accountant ook het eindgesprek bij te laten wonen. Naast het feit dat de accountant meestal het beste op de hoogte is met de administratie, kan het ook zijn dat de controleur in vakjargon spreekt. De accountant weet hiermee beter om te gaan dan de werkgever zelf. Bovendien zal de accountant vaker te maken hebben met belastingcontroles. De accountant weet dus beter wat de gebruikelijke gang van zaken is en zal hierdoor wat makkelijker met de controleur in discussie kunnen gaan.
Correctievoorstellen
Noteer de eventuele voorgestelde correcties en vraag naar de berekeningswijze van de correctie. Neem rustig de tijd om na te denken over het correctievoorstel van de belastingcontroleur. Het is meestal niet aan te raden om direct tijdens het eindgesprek te gaan onderhandelen over de voorgestelde correcties. De ervaring leert dat de werkgever dan vaak achteraf nog dingen bedenkt die de correctie hadden kunnen beperken of zelfs voorkomen.
Vanzelfsprekend hoeft de werkgever niet akkoord te gaan met de visie van de controleur. Een controleur heeft meestal niet de tijd om alle jaren van het controletijdvak te controleren. Hij kan daarom volstaan met een onderzoek van één bepaald jaar; het peiljaar. Vervolgens worden de bevindingen over dat jaar geacht ook betrekking te hebben op de niet-gecontroleerde jaren. Voor de werkgever is het hierbij van belang om te beoordelen of de jaren wel vergelijkbaar zijn. Wellicht waren er omstandigheden waardoor de vergelijking mank gaat, zoals de aanwezigheid van meer of minder personeel in het peiljaar.
Compromis
Soms kan over de hoogte van een bepaalde correctie een discussie ontstaan. Beide partijen kunnen dan proberen elkaar ergens in het midden te vinden; een compromis sluiten. Zoals hiervoor al aangegeven is het meestal niet aan te raden om direct tijdens het eindgesprek te gaan onderhandelen over de voorgestelde correcties. Neem rustig de tijd om na te denken over het correctievoorstel van de belastingcontroleur.
Als er een compromis wordt gesloten heeft dit betekenis. Men gaat dan niet meer uit van de boekhouding of van de berekening van de controleur, maar van een voor beide partijen acceptabel bedrag. Voor het bedrag waarover overeenstemming is bereikt, zal dan een naheffingsaanslag worden opgelegd. Hou er rekening mee dat verder nog heffingsrente en wellicht een boete erbij kunnen komen.
Let op
Als het compromis wordt geaccepteerd, zijn beide partijen eraan gebonden. Leg daarom de inhoud van het compromis ter plekke vast. Het kan voorkomen dat achteraf niet duidelijk is wat er nu eigenlijk is afgesproken. Leg het vast en laat de controleur deze notitie mede ondertekenen.
Geen overeenstemming over correctie
Wordt men het op bepaalde punten niet eens, of niet helemaal eens, dan zal desondanks voor het bedrag dat de controleur heeft berekend, een naheffingsaanslag worden opgelegd. Zodra de naheffingsaanslag is opgelegd, kan men hiertegen bezwaar maken. Het bezwaarschrift richt men aan de inspecteur. Mogelijk kan in deze fase alsnog een compromis worden gesloten.
Komt ook de inspecteur niet tegemoet aan het bezwaar, dan kan de werkgever het discussiepunt aankaarten bij de rechter. Allereerst bij de rechtbank en daarna eventueel nog bij het gerechtshof. Komen beide rechters niet tegemoet aan het bezwaar, dan is de laatste mogelijkheid hoger beroep bij de Hoge Raad. Echter, de mogelijkheden om de Hoge Raad over een discussiepunt te laten beslissen, zijn beperkt. De door de rechtbank het gerechtshof vastgestelde feiten zijn voor de Hoge Raad in principe een gegeven. De Hoge Raad beoordeelt eigenlijk alleen of de rechtsgang wel naar behoren is verlopen en of de vastgestelde feiten passen bij de door het gerechtshof genomen beslissing.
Loonadministratie onbetrouwbaar
Als er ernstige onjuistheden in de loonadministratie aanwezig zijn, kan de conclusie worden getrokken dat de administratie onbetrouwbaar is. Men zegt dan ook wel dat de administratie wordt 'verworpen' als basis voor het vaststellen van de fiscale verplichtingen. In dat geval kan de controleur de correcties schatten. De controleur zal dan schattenderwijs de loonsom bepalen en uit de geschatte loonsom de af te dragen loonheffingen berekenen. De controleur is dan wel gebonden aan de redelijkheid. Hij zal dus niet helemaal zijn gang kunnen gaan. Bij het schatten van de loonsom zal de controleur alle relevante feiten en omstandigheden in aanmerking moeten nemen. De controleur zal ook moeten kunnen aangeven hoe hij de geschatte loonsom heeft bepaald.
Bij het verwerpen van de administratie volgt ook een 'omkering' van de bewijslast. Niet de controleur moet dan aantonen dat de gemaakte schatting juist is, maar de werkgever moet aantonen dat de schatting van de controleur onjuist is. Dit is niet eenvoudig in het geval dat de werkgever een administratie heeft die verworpen is. Immers, hierin is geen betrouwbaar bewijsmateriaal aanwezig om de onjuistheid van de schatting aan te kunnen tonen.
Zwarte lonen
De administratie kan om verschillende redenen verworpen worden. Bijvoorbeeld als de ondernemer er van wordt verdacht uitbetaalde lonen buiten de loonadministratie te hebben gehouden (zwarte lonen). Het brutowinst-percentage wijkt af van het gebruikelijke en in de boekhouding zijn enkele onjuistheden geconstateerd. Eén van de leveranciers heeft verklaard dat aan de ondernemer meer goederen geleverd zijn dan uit de boek-houding blijkt. De boekhouding en de loonadministratie worden als onbetrouwbaar aangemerkt. De loon-administratie wordt verworpen. De werkelijk uitbetaalde loonsom wordt geschat. Over het geschatte bedrag worden de af te dragen loonheffingen berekend.