Door: Kluwer
Met ingang van 1 januari 2006 moet de werkgever het voordeel van het privé-gebruik van een personen- of bestelauto van de zaak belasten bij de betreffende werknemer als loon in natura. Er komt dan een bijtelling op zijn loon: de autokostenbijtelling (of autokostenforfait). Over deze bijtelling moet de werkgever loonbelasting/premie volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet inhouden (geen premies werknemersverzekeringen).
Het nettoloon van de werknemer wordt door deze inhoudingen lager. De werknemer hoeft de bijtelling niet meer aan te geven in zijn aangifte inkomstenbelasting (en/of het verzoek om een voorlopige teruggaaf).
Berekening van de bijtelling
Hoe u de bijtelling berekent staat hieronder uitgelegd. U kunt rekenmodellen vinden bij veel leasemaatschappijen. Een rekenmodel is ook te vinden op de site van Bereken Het.
De autokostenbijtelling is 25 % van de catalogusprijs van de auto. Die percentages verschillen naarmate de auto meer of minder milieuvriendelijk is. Zie Milieu-onvriendelijke auto gaat meer kosten. Onder de cataloguswaarde wordt verstaan de prijs van de auto zoals die in de officiële prijslijsten van het jaar waarin de auto voor het eerst geleverd werd, voorkomt (inclusief omzetbelasting en BPM). Anders gezegd: de prijs van de auto op het moment dat deze de fabriek uit wordt gereden. Dit bedrag is inclusief de accessoires die 'af-fabriek'. Sinds eind 2006 tellen de accessoires die niet door de fabrikant en/of importeur zijn aangebracht, niet meer mee in de cataloguswaarde. Het gaat dan echter om de auto's die op óf na 1 juli 2006 zijn tenaamgesteld. Concreet betekent dit dat de autokostenbijtelling, die immers van de cataloguswaarde is afgeleid, voor deze auto's lager is dan zonder deze maatregel.
Bij bestelauto's waarvoor het kentekenbewijs deel 1 is afgegeven op of na 1 juli 2005 wordt voor de berekening van de bijtelling uitgegaan van de catalogusprijs inclusief BTW en BPM. Is het kenteken afgegeven vóór 1 juli 2005, dan wordt voor de berekening van de bijtelling uitgegaan van de catalogusprijs inclusief BTW.
Vanaf het moment dat de (bestel)auto ouder is dan 15 jaar, geldt de waarde in het economische verkeer in plaats van de catalogusprijs. Als de auto bijvoorbeeld op 1 mei 2006 15 jaar oud is, wordt voor de eerste 4 maanden uit gegaan van de catalogusprijs. De overige maanden wordt uit gegaan van de waarde in het economische verkeer.
Eigen bijdrage
Een eventuele eigen bijdrage uit het netto loon van de werknemer vermindert de bijtelling voor privégebruik. Denk aan bijdragen voor parkeerkosten, accessoires, een hoger leasebedrag voor een auto uit een duurdere klasse, de afkoopsom van het leasebedrag bij het einde van de dienstbetrekking of een vast bedrag per gereden privékilometer. Voor de eigen bijdrage bij schade geldt dat de schade niet het gevolg mag zijn van onrechtmatig of onzorgvuldig handelen van de werknemer.
Betaling aan derden
Een betaling aan derden vermindert de bijtelling voor privégebruik niet, tenzij de betaling is aan te merken als een betaling aan de werkgever. Dat kan alleen als de werknemer met de werkgever is overeengekomen om zulke betalingen aan te merken als bijdragen voor privégebruik. Werkgever en werknemer dienen dus vooraf met elkaar af te spreken dat de bijdrage van de werknemer een eigen bijdrage is voor privégebruik.
Het saldo van de autokostenbijtelling en de eigen bijdrage van de werknemer mag op kalenderjaarbasis niet lager zijn dan nihil.
Auto van de zaak
Voor de toepassing van de bijtelling privé-gebruik auto wordt onder een auto verstaan een personenauto of een bestelauto. Bij een auto van de zaak gaat het niet alleen om een auto van de werkgever. Ook in de volgende situaties stelt de werkgever een auto ter beschikking:
- De werkgever heeft de afspraak gemaakt dat de werknemer de auto van de zaak alleen voor zakelijke ritten gebruikt.
- De werkgever heeft de auto voor zijn werknemer gehuurd of geleast.
- De werknemer heeft een eigen auto en de werkgever vegoedt hem alle kosten (inclusief de afschrijving). Dit wordt op één lijn gesteld met een ter beschikking gestelde auto. Krijgt de werknemer alleen een vergoeding van € 0,19 per kilometer, dan is er geen sprake van een aan de werknemer ter beschikking gestelde auto.
- De werknemer heeft zelf een auto gehuurd of geleast en de werkgever vergoedt de kosten daarvan.
Bestelauto's
Voor bestelauto's hoeft geen bijtelling plaats te vinden als de werknemer de bestelauto niet kan gebruiken buiten werktijd, bijvoorbeeld omdat de werknemer de bestelauto plaatst op een afgesloten bedrijfsterrein. De werkgever kan ook een schriftelijk verbod op privé-gebruik opleggen aan de werknemer. Hierbij is vereist dat hij controle uitoefent op de naleving van het verbod en een passende sanctie oplegt als het verbod wordt overtreden Bij bestelauto's die door de aard van het werk doorlopend afwisselend worden gebruikt door twee of meer werknemers kan het privé-gebruik moeilijk vast te stellen zijn. Het privé-gebruik wordt dan door middel van eindheffing bij de werkgever belast. Deze eindheffing bedraagt € 300 per bestelauto op jaarbasis
[ Bron: Belastingdienst ]