Door: Kluwer
Als echtgenoten of partners in de onderneming samenwerken kan het fiscaal voordelig zijn om allebei als ondernemer te worden aangemerkt. Zij kunnen dan immers beiden profiteren van de fiscale ondernemersfaciliteiten.
Daarvoor is het van belang dat beiden aan het urencriterium voldoen. Hoofdregel is dat de ondernemer per jaar meer dan de helft van zijn besteedbare tijd en ten minste 1225 uur besteedt aan zijn onderneming.
Partners
Bij de man-vrouwfirma of -maatschap geldt echter voor het urencriterium een aanvullende toets. Bij de aanvullende toets wordt er gekeken of dit samenwerkingsverband ook gebruikelijk zou zijn is als er geen ‘relatie’ is tussen de partners. Die relatie kan bestaat uit het behoren tot dezelfde huishouding of het zijn van bloed- en aanverwanten in de rechte lijn.
In de aanvullende toets wordt beoordeeld of de het geheel van werkzaamheden als hoofdzakelijk ondersteunend kan worden gezien. Als beide partners bijvoorbeeld samen het beleid bepalen, en de partners het bedrijf ook zelfstandig zouden kunnen leiden mogen ze beiden gebruik maken van de fiscaal aantrekkelijke ondernemersfaciliteiten.
Verschillen de werkzaamheden van de partners echter zodanig dat een van de twee als voornamelijk ondersteunend kan worden gezien, en de gekozen constructie bij niet-gerelateerde partners ongebruikelijk is, dan mag de ‘ondersteunende’ partner niet worden aangemerkt als ondernemer en kan deze onder andere de zelfstandigen- en startersaftrek en de fiscale oudedagsreserve mislopen.