Door: Kluwer
Hoe moet de werkgever zich opstellen als een medewerker uitvalt en de re-integratie niet soepel verloopt? De hoofdregel is duidelijk: zo´n werkgever moet nóg harder zijn best doen. Blijft hij in gebreke dat loopt hij een dubbel risico: én twee jaar loon doorbetalen én na die twee jaar nog steeds geen ontslagvergunning krijgen. Rechters zijn streng voor lakse werkgevers.
Ontslag tijdens die twee jaar is bijna onmogelijk - bijna, want hieronder kan het één keer tóch - en vaak kan de werkgever beter de loondoorbetaling staken of opschorten. Ook dit heeft alleen succes als de werknemer weigert mee te werken.
Maar dat zijn de hoofdregels. Hieronder zeven aanvullende tips. Ze zijn gebaseerd op uitspraken van de rechter.
1. Verwar ziekte niet te snel met arbeidsongeschiktheid
Een vakassistent bij de Sociale Werkvoorziening krijgt last van zijn maag en meldt zich ziek. Niets ernstigs, zegt de bedrijfsarts. Gewoon arbeidsgeschikt, beaamt het UWV. De werkgever besluit de loondoorbetaling te staken, maar hervat die weer als de werknemer twee maanden later wordt geopereerd aan een maagzweer. De man was tóch ziek.
Logisch dat de medewerker nu ook over de tussenliggende tijd loon vordert, maar verrassend genoeg ziet hij zijn pogingen bij het Gerechtshof stranden. Hij mag dan in mei zijn geopereerd, dat wil nog niet zeggen dat hij in maart en april volledig arbeidsongeschikt was. Hij heeft geen medische verklaringen overlegd waarmee hij aantoonde dat de bedrijfsarts en verzekeringsarts zich vergisten.
2. Bedenk dat ook een zieke werknemer soms kan worden ontslagen
Een onaangename verrassing voor een zieke Computer Operations Officer, maar hij heeft zijn ontslag aan zichzelf te wijten. Als hij zijn oude werk niet meer kan uitvoeren, krijgt hij diverse alternatieve functies aangeboden. Maar een voor een wijst hij ze af, hoewel bedrijfsarts én UWV geen bezwaren zien. Nee, een arbeidsongeschikte werknemer kan niet worden ontslagen, maar een werknemer met een negatieve werkhouding wél. En aldus geschiedt.
3. Maar ga eerst na of weigerachtig gedrag een gevolg is van de ziekte
Een andere zieke medewerker gaat eveneens strak met zijn hakken in het zand. Alle brieven van de werkgever verdwijnen ongeopend op een stapel. Bij iedere afspraak zit de bedrijfsarts vruchteloos te wachten.
Maar dit is geen voor ontslag. Volgens de rechter kan deze zieke medewerker niet meewerken aan zijn re-integratie omdat... hij ziek is. Door zijn psychische toestand kan hij al die gesprekken niet aan en daarom mag hij niet worden ontslagen. Wél kan de werkgever de loondoorbetaling opschorten.
4. Wees niet te streng voor liegende sollicitanten
Een medewerker bij een kinderdagverblijf verzwijgt bij een sollicitatiegesprek haar schouderklachten, hoewel ze hier misschien aan moet worden geopereerd. Maar als de werkgever een ontslagvergunning aanvraagt, vangt hij bot. De kwaal is immers niet van invloed op het werk.
En zelfs als het werk er wél onder lijdt, kan een medewerker niet altijd worden ontslagen. Dat blijkt als een productiemedewerker die zijn suikerziekte verzwijgt. Door zijn ziekte heeft hij problemen met de slagaders van zijn benen - heel vervelend bij werk dat voor 75 procent staand moet worden uitgevoerd. Toch loopt zelfs hier de gang naar de rechter dood. De werkgever kan niet bewijzen dat de medewerker al tijdens de sollicitatie voldoende van zijn gezondheidstoestand afwist.
5. Ga niet te snel uit van opzet
Als de werknemer moedwillig zijn eigen arbeidsongeschiktheid in de hand werkt, kan hij worden ontslagen. Maar die moedwil is moeilijk te bewijzen. Dat zien we als een laborante deelneemt aan het programma ´Make me beautiful´. Ze neemt zes weken vrij om bij te komen van de noodzakelijke operaties, maar helaas rekent schoonheid een hogere prijs: door complicaties kan ze een maand lang slechts op halve kracht aan de slag. Opzettelijk veroorzaakte arbeidsongeschiktheid, meent de werkgever. Welnee, zegt de kantonrechter, de vrouw wilde mooi worden, niet ziek. Het loon moet dus worden doorbetaald.
6. Zorg dat u bij iedere stap van de re-integratie een actieve rol speelt
Vaak zit het hem in kleine dingetjes. Dat blijkt als een verkoopster bij een bakker na een jaar ziekte weer hersteld wordt verklaard. Haar werkgever spreekt met haar af dat ze het bedrijf een maand later zal verlaten, en... leunt vervolgens tevreden achterover. Aangezien de werknemer thuis hetzelfde doet, gaat er weer een maand werk verloren. Een maand die de werkgever gewoon moet betalen, want volgens de kantonrechter had hij zijn medewerker op moeten roepen het werk te hervatten.
7. Laat de arbodienst zonodig gedegen onderzoek doen
Een operator zit al twee jaar thuis, maar toch is hij vol goede hoop. Volgens hem kan hij aan de slag in een alternatieve functie. Werkgever en bedrijfsarts geloven er niets van, want die functie is volgens hen veel te zwaar. Maar het vervelende - voor die werkgever - is dat de UWV-arts het eens is met de medewerker. Twee afwijkende oordelen dus, van twee verschillende artsen.
De werkgever volgt een dubbel traject. Allereerst biedt hij zijn medewerker een cursus Nederlands aan, zodat die gemakkelijker aan de slag kan bij een ander bedrijf. Nog belangrijker is dat de bedrijfsarts en de arbeidsdeskundige een gedegen rapport produceren. Hun conclusie: er is geen alternatieve functie binnen het bedrijf te vinden. De kantonrechter is snel overtuigd, vooral als blijkt dat het oordeel van het UWV bij lange na niet zo goed is onderbouwd.