Door: Kluwer
De Belastingdienst kan ondernemingen samen met andere ondernemingen beschouwen als één ondernemer voor de btw. Over de leveringen en diensten binnen zo'n fiscale eenheid wordt geen btw btw geheven.
Wanneer is er een fiscale eenheid omzetbelasting?
Een fiscale eenheid bestaat meestal uit één moedermaatschappij en meerdere dochtermaatschappijen, maar ook natuurlijke personen (bijvoorbeeld een éénmanszaak of een VOF) kunnen samen met rechtspersonen een fiscale eenheid omzetbelasting vormen. Een onderneming vormt een fiscale eenheid omzetbelasting met andere ondernemingen, als:
- de ondernemingen financieel, organisatorisch en economisch zodanig met elkaar verweven zijn, dat ze een eenheid vormen; én
- de ondernemingen op zichzelf kunnen worden aangemerkt als zelfstandig ondernemer; én
- de ondernemingen zijn gevestigd in Nederland; én
- de Belastingdienst een beschikking heeft afgegeven.
Een onderneming die met andere ondernemingen samen een fiscale eenheid omzetbelasting vormt, wordt voor de btw als één ondernemer aangemerkt.
Beschikking
De ondernemer (of de ondernemingen) kan een verzoek indienen om als fiscale eenheid voor de btw en dus als één btw-ondernemer te worden aangemerkt. De Belastingdienst keurt dit verzoek goed in een beschikking. De fiscale eenheid omzetbelasting gaat dan in op de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de Belastingdienst de beschikking heeft afgegeven. Eventueel kan de ondernemer de inspecteur ook verzoeken om de beschikking eerder te laten ingaan, op het moment dat aan de voorwaarden voor een fiscale eenheid werd voldaan.
De Belastingdienst kan ook zonder verzoek beslissen of er sprake is van een fiscale eenheid omzetbelasting, bijvoorbeeld naar aanleiding van bevindingen bij een onderzoek. Ook dan krijgt de ondernemer een beschikking. Hij kan eventueel bezwaar aantekenen tegen de beslissing.
Gevolgen fiscale eenheid omzetbelasting
Als de Belastingdienst bij beschikking besluit om de ondernemingen als een fiscale eenheid omzetbelasting te beschouwen, heeft dit voor de btw de volgende gevolgen:
- Over leveringen en diensten tussen de onderdelen die de fiscale eenheid vormen, wordt geen btw geheven. De ondernemer mag dus geen btw in rekening brengen over een interne prestatie.
- De fiscale eenheid zelf krijgt een nieuw omzetbelastingnummer om aangifte te doen.
- Elk onderdeel van de fiscale eenheid behoudt zijn eigen omzetbelastingnummer. Het van dit nummer afgeleide btw-identificatienummer blijft gelden voor intracommunautaire transacties en diensten en voor de verlegging van de heffing van btw bij invoer.
- De fiscale eenheid kan volstaan met het indienen van één geconsolideerde aangifte Omzetbelasting. Op verzoek mag de ondernemer ook per onderdeel van de fiscale eenheid aangifte blijven doen.
- Dat sprake is van een fiscale eenheid blijkt uit de tenaamstelling op de aangiften. De Belastingdienst zal die naam en de omzetbelastingnummers in de beschikking vermelden.
- Bij fiscale eenheden zal de ondernemer soms voor elke werkmaatschappij afzonderlijk een opgaaf intracommunautaire leveringen (Opgaaf ICL) moeten doen, ook al doet de fiscale eenheid voor alle werkmaatschappijen gezamenlijk één btw-aangifte.
- Alle onderdelen van de fiscale eenheid zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de btw die de fiscale eenheid is verschuldigd.
Wijzigingen in fiscale eenheid omzetbelasting
Als een ondernemer een onderneming wil toevoegen aan de fiscale eenheid omzetbelasting, moet hij dit schriftelijk melden. De Belastingdienst beslist hierover bij een voor bezwaar vatbare beschikking. Hij hoeft alleen het nieuwe onderdeel aan te melden, maar hij moet bij de aanmelding wel verwijzen naar de bestaande fiscale eenheid, zodat de Belastingdienst de gegevens kan koppelen.
Ook als de ondernemer een deel of delen van de fiscale eenheid ontkoppelt of ontbindt, moet hij dit zo snel mogelijk aan de Belastingdienst melden. De Belastingdienst bevestigt de ontkoppeling of ontbinding dan schriftelijk aan de ondernemer. Let erop, dat een onderneming die uittreedt zich tijdig als nieuwe ondernemer aanmeldt om afzonderlijk aangifte te kunnen doen.
Fiscale eenheid omzetbelasting beëindigen
Een fiscale eenheid omzetbelasting houdt op te bestaan als de eenheid in financieel, organisatorisch en/of economisch opzicht verbroken wordt. Zo'n feit moet zo spoedig mogelijk schriftelijk worden gemeld aan de Belastingdienst in verband met de tenaamstelling van de aangifte en de aansprakelijkheid. De hoofdelijke aansprakelijkheid houdt namelijk pas op te bestaan op het tijdstip waarop de melding van beëindiging de Belastingdienst bereikt. Het feit dat niet (meer) wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor een fiscale eenheid, is niet voldoende om de aansprakelijkheid te beëindigen. De Belastingdienst kan ook bij onderzoek een ontkoppeling of ontbinding constateren.
De ondernemer krijgt geen beschikking voor de beëindiging.
Berekening van btw bij wijzigingen bij fiscale eenheid
Bij vorming van een fiscale eenheid wordt deze voor het berekenen van de verschuldigde btw geacht in de plaats te zijn getreden van de afzonderlijke ondernemingen die de fiscale eenheid vormen. Bij beëindiging van een fiscale eenheid worden de afzonderlijke ondernemingen die de fiscale eenheid vormden voor het berekenen van de door hen verschuldigde btw geacht in de plaats te treden voor dat deel dat tot hun bedrijfsvermogen behoort. Bij wijzigingen in de fiscale eenheid geldt deze strekking eveneens.
Bij toepassing van de margeregeling bestaan hierop uitzonderingen.
[ Bron: Belastingdienst ]