Nieuws Actueel

Alles over Tour de France 2015: Van hobby naar big business

Rik Nizet 30 juni 2015

Grand depart big business tour de france utrecht middelgroot

Voor de zesde keer gaat de Ronde van Frankrijk in Nederland van start. Amsterdam had in 1954 de primeur van de eerste buitenlandse Tourstart. Het kostte de hoofdstad een ton in guldens, zo'n 45.000 euro. Tijden veranderen: Utrecht betaalt Tourorganisator ASO 4 miljoen en werkt met een budget van ruim 15 miljoen euro.

Tour 2015: De tourfavorietenTour 2015: Compleet etappeschemaTour 2015: Alles over Tour de France 2015Tourstart goudmijn voor UtrechtNederland stond er goed op bij toenmalig Tourbaas Jacques Goddet. In 1953 won de door Kees Pellenaars geleide ploeg het landenklassement. Wim van Est, Jan Nolten, Gerrit Voorting en Wout Wagtmans wonnen etappes, de laatste zelfs twee. Maar het geld speelde zeker een rol dat de Tourkaravaan begin juli 1954 in en rond het Olympisch Stadion neerstreek. Het was slechts de start van een etappe, maar in Amsterdam was het dagenlang feest vanwege het wielerspektakel. Wagtmans won de eerste rit, maar dat gebeurde ver van de festiviteiten in het Belgische Brasschaat.

Het duurde negentien jaar eer Nederland een nieuwe kans kreeg de Tour te aanschouwen. Het kostte Scheveningen in 1973 inmiddels het drievoudige maar daarvoor kreeg de badplaats wel een proloog en de start van de eerste etappe. Joop Zoetemelk zorgde voor Tourkoorts met winst op de boulevard waar de meegereisde gendarmerie alle moeite had het publiek van de weg te houden.

Vijf jaar later (1978) betaalde Leiden 360.000 gulden (163.000 euro) voor een spraakmakende proloog. Het regende en het bochtige parcours was spekglad. Jan Raas won, maar de jury nam wraak voor tal van strubbelingen met de lokale organisatoren en verklaarde de uitslag ongeldig. Woest was Raas die de volgende dag in Sint Willebrord alsnog naar het geel sprintte. Initiatiefnemer Joop Riethoven kreeg er niets van mee; een dag voor de proloog werd hij na een hersenbloeding opgenomen in het ziekenhuis.

Het totale budget van Leiden was 800.000 gulden, 360.000 euro. Achttien jaar later (1996) hanteerde Den Bosch een begroting die meer dan het tienvoudige was. De Brabantse hoofdstad betaalde 3 miljoen gulden (1,3 miljoen euro) voor een proloog en start en finish van de eerste etappe. Het weer zat opnieuw niet mee, in de stromende regen bleef ook Oranje-succes uit, al had proloogwinnaar Alex Zülle wel een Nederlandse moeder. Een dag later sprintte de Fransman Frédéric Moncassin naar de ritzege.

In 2010 was Rotterdam aan de beurt. De havenstad had Utrecht afgetroefd, maakte 2,5 miljoen euro over aan de ASO en werkte met, net als Utrecht nu, een budget van zo'n 15 miljoen euro. Hoewel Nederland tegelijkertijd in een roes het WK voetbal beleefde - de dag voor de proloog versloeg Oranje Brazilië in de kwartfinales - keek de gemeente Rotterdam terug op een geslaagd evenement: met naar schatting 875.000 bezoekers en een economische impuls die alles bij elkaar op meer dan 30 miljoen euro werd geschat. Hobbyisme van een enkele wielerfanaat was inmiddels big business geworden.