Nieuws Actueel

Automobilist ergert zich vaker aan rijgedrag politie

Van onze redactie 17 oktober 2015

Image 5346415

Dat blijkt uit cijfers die het AD heeft opgevraagd bij de Nationale Politie. Kwamen er in 2013 nog 424 officiële klachten binnen over het rijgedrag van agenten, vorig jaar steeg dat aantal tot 506. Iedere automobilist maakt het weleens mee. Sta je keurig te wachten voor het rode licht, rijdt er plotseling - met een bloedvaart - een politieauto voorbij. Zonder zwaailicht of sirene. Of je ziet op de provinciale weg voor je twee scheurende politieauto's elkaar inhalen. Alsof ze een wedstrijdje doen. Mag dat allemaal zomaar? ,,Ja, dat mag. We spelen echt geen spelletjes," zegt Mark Jansen, agent en rijinstructeur bij de Politieacademie. Elke dag gaat hij de weg op met agenten in opleiding die leren hoe ze de verkeersregels veilig kunnen 'overtreden'. OnwetendheidDat leidt vaak tot scheve gezichten bij andere weggebruikers. ,,We rijden in gewone politieauto's. En we dragen ons uniform. Ik snap heel goed dat het er vreemd uitziet als we eerst op hoge snelheid voorbijrijden en even later stilstaan langs de kant van de weg. Was er dan geen spoedmelding waar we naartoe moesten? Nee, waarschijnlijk bespreek ik met de agent in opleiding hoe hij heeft gereden." De Nationale Politie weet niet waarom het aantal klachten over roekeloos rijdende agenten toeneemt. ,,Veel klachten komen voort uit onwetendheid," zegt politiewoordvoerder Remco Gerretsen. ,,Niet iedereen is zich ervan bewust dat agenten dingen mogen die andere weggebruikers niet mogen." 160 km/uRijinstructeur Jansen is vandaag op pad met politiestudenten Xavier Cornelis (28) en Marc van den Ham (35). Terwijl Van den Ham met zo'n 160 kilometer per uur over de snelweg raast, maant Jansen hem beter op te letten. ,,Ik wil dat je iedereen in de gaten houdt. Zie je een auto met kapotte verlichting? Of zie je een chauffeur die zijn brood smeert achter het stuur of uitgebreid de krant leest? Daar moet je alert op zijn." Als er plotseling een file opdoemt, mag Van den Ham de vluchtstrook op. ,,Niet zo hard," waarschuwt Jansen. ,,Als iemand uit zijn auto stapt om naar de berm te lopen, kun jij niet meer op tijd remmen." Na een halfuurtje wisselen de studenten van plek. Cornelis krijgt toestemming om met zwaailicht en sirene naar een naastgelegen dorp te rijden. Het is een enorme bak herrie. ,,Zet je sirene nooit aan als je in de buurt van een fietser bent, want die schrikt zich een ongeluk," zegt Jansen.