Nieuws Actueel

Beerpong als wapen in de slag om de flexplek

Het Amsterdamse Spaces opent een vestiging in New York, het New Yorkse Wework strijkt neer in Amsterdam. De slag om de flexibele werkplek wordt mondiaal geleverd.

HERMAN STIL | Foto's: marc driessen 21 november 2015

Flexkantorenamsterdamzuidaswework1065

Afgelopen maand opende het Amsterdamse Spaces zijn eerste vestiging in New York, in hip en upcoming Long Island City, aan 'de overkant' in Queens. Pal in het hartgebied van de Amerikaanse flexrivaal Wework, die vijf jaar geleden in de wereldstad zijn eerste flexkantoor opende en inmiddels zeventien vestigingen in New York uitbaat. Dat schrijft Het Parool.

Is het toeval dat Wework juist deze week in de thuisbasis van de Amsterdammers vol de aanval inzet, met de opening van de grootste flexwerkplek van de stad, zes verdiepingen aan de Weesperstraat?

Ja, dat is het. Zegt Wybo Wijnbergen van Wework. "In maart hebben we onze eerst vestiging hier geopend, bij het Weteringcircuit. Die zit nu helemaal vol. We hadden behoefte aan meer ruimte."

OpmarsHet is de twee menens. Het op Amerikaanse leest gefinancierde Wework is aan een razende opmars bezig, met inmiddels 61 vestigingen in de wereld. Het bedrijf is op papier al zo'n tien miljard dollar waard, na een financieringsronde van 355 miljoen dollar een jaar geleden, waarbij onder meer de investeringsbanken JP Morgan en Morgan Stanley instapten.

Spaces lijkt met negen vestigingen - waarvan drie in Amsterdam - geen partij. Maar over drie jaar, voorspelt Martijn Roordink, oprichter en topman, zijn er honderd vestigingen in vijftig wereldsteden. De Amsterdammers hebben daarbij een machtige bondgenoot: vorig jaar kwam Spaces in handen van de Luxemburgse 'tempkantoorgigant' Regus. "Zij zagen hun markt bedreigd door nieuwe initiatieven als Spaces. Heel slim zijn ze in plaats van zelf iets op te zetten, zoals heel veel vastgoedpartijen nu tevergeefs proberen, met ons gaan praten."

"Zij helpen ons nu met het zoeken naar vestigingsplekken; ze hebben een team van tachtig man dat voortdurend met vastgoed bezig is. Samen maken we aan de hand van demografische gegevens een keuze." Daarom strijkt Spaces in New York als eerste neer in Long Island City en niet in hippe buurten als Williamsburg of Meatpackers District. De volgende Spaces komt overigens wel in midtown Manhattan.

KoelkastNet als andere aanbieders van flexplekken leveren Spaces en Wework werkruimte voor elk wat wils, van lange tafels waar de laptop-bv kan aanschuiven tot afgesloten meerpersoons kantoortjes voor de serieuze doorstarter. Vergaderzalen, belcellen en sanitair worden gedeeld, evenals de horeca: bij Wework is het zelfbediening en een gedeelde koelkast (wél naamstickertjes plakken), bij Spaces worden de koffiebars door barista's bemand.

Bij de één (Spaces) wordt alleen - via een allesomvattende app - afgerekend voor de tijd dat de gebruiker aanwezig is en de diensten die hij daarbij afneemt, bij de ander (Wework) staat de 'club' voorop en is alles inclusief, tot aan een vast aantal kleurenprintjes en gratis gebruik van de 24 uursbiertap toe.

ConcurrentiestrijdOnderscheid is volgens Roordink de sleutel in de concurrentiestrijd. "Wat wij vanuit onze Nederlandse blik hebben opgezet, doet Wework met een Amerikaanse inslag. Bij Wework móet zo veel, ik denk dat Nederlanders daar moeite mee hebben."

"Het clubgevoel is de kern van Wework," erkent Wijnbergen. "Afgelopen vrijdag nog hebben we een wedstrijdje beerpong gedaan met onze leden." In de finale verloor team Wework van groothuurder Foodora.

'We organiseren ook powerlunches met lezingen en twee keer per week een avond waarbij een aspect van het zakendoen ter sprake komt. Inspireren en motiveren, dat is het belangrijkst. Je zit hier niet alleen, maar komt in aanraking met allerlei mensen. Als je in je eigen bubbel blijft zitten, leg je nooit contacten. We zien al hele nieuwe bedrijfjes ontstaan uit de contacten die bij ons worden gelegd."

Groot genoegHet verschil tussen de aanbieders is groot genoeg en de markt ook, zowel in Amsterdam als in de andere landen waar ze elkaar tegenkomen. "In de supermarktwereld heb je Aldi en Albert Heijn," zegt Wijnbergen, die handig in het midden laat waar hij Wework en waar hij Spaces positioneert. "Iedereen heeft zijn eigen doelgroep, iedereen zijn eigen aanpak. Ik zie geen concurrentie, er is ruimte genoeg. De hele markt groeit nog wel een tijdje."

AmsterdamIn de nieuwe Amsterdamse vestiging van Wework, met 1080 werkplekken de grootste van het land, zitten nu al driehonderd mensen aan de deelbureaus. "Eind deze maand is dat het dubbele," zegt Wijnbergen. "En ik verwacht dat we eind januari al weer helemaal vol zijn."

Wework is dan ook druk bezig met nieuwe Amsterdamse onderkomens. Wijnbergen doet geheimzinnig, het is immers zaak de concurrentie niet al te zeer op het spoor te zetten. De concurrentie wordt immers ook op het gebied van de schaarser wordende beschikbare kantoorruimte gevoerd. "Ik hoor dat er mooie mogelijkheden zijn in Amsterdam-Noord."

Ook Spaces kijkt verder in zijn geboortestad. "Coworking is hot," aldus Roordink van Spaces. "In Amsterdam is nu misschien een half miljoen van de acht miljoen vierkante meter kantoorvloer flexwerkplek. Er is nog ruimte genoeg."

"Gebruikers zullen kiezen wat het beste bij hen past. Spaces heeft zich altijd op de top van de markt gericht; op de net iets volwassener start-up, dat innovatieve mkb-bedrijf en nu ook op de grote ondernemingen. Die hebben moeite talent te vinden. Door trainees bij ons aan opdrachten te laten werken, onderken je talent veel sneller."

Zo deelt Spaces zijn vestiging aan de Amsterdamse Zuidas met advocatenkantoor Allen & Overy, die het aanbod aan talent zo goed in de gaten houdt.

Scale-upsBij de nieuwe Amsterdamse vestiging van Wework aan de Weesperstraat schuiven vooral doorgroeiende scale-ups aan als veilingsite Catawiki, gevestigde orde als Achmea en binnenkort ook Adyen en Red Bull. Wijnbergen: "Die vinden hier inspiratie, door direct in contact te komen met starters en potentiële klanten."

Het is dan ook een misverstand dat flexkantoren vooral starters en eenpitters onderdak bieden. "In onze eerste Amsterdamse vesting aan het Weteringcircuit is maar twee procent van de leden zzp'er," zegt Wijnbergen van Wework. "Een derde is start-up, de rest gevestigde orde."