Nieuws Actueel

IMF vreest nieuwe economische tegenvallers

Martijn Vervest 7 oktober 2014

Het geleidelijke herstel van de economie zet wereldwijd door, maar gaat ook dit jaar langzamer dan eerder werd gedacht. Door de grote politieke spanningen en de kwetsbare financiële markten is de kans op nieuwe tegenvallers bovendien groot. Dat stelt het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in de dinsdag gepubliceerde nieuwe World Economic Outlook.Lees ook:

Herstel Nederlandse economieWe staan dicht bij de afgrond

Daarin verlaagt het fonds opnieuw zijn verwachtingen voor de groei van de wereldeconomie. Door de tegenvallende ontwikkelingen in de eerste helft van het jaar komt die in 2014 naar verwachting niet hoger uit dan 3,3 procent, terwijl een halfjaar geleden nog op bijna 4 procent werd gerekend. Dat groeitempo wordt nu voor volgend jaar voorzien, waarmee de blik op 2015 ook somberder is geworden.UiteenDe ontwikkelingen lopen internationaal sterk uiteen. Zo gaan de zaken in de Verenigde Staten en Groot-Brittannië beter dan gedacht, terwijl het herstel in de eurozone nauwelijks van de grond komt. Opkomende economieën trekken onverminderd de kar, maar de groei neemt daar wel af ten opzichte van de voorgaande jaren.Tempo"Het tempo van het economische herstel is de afgelopen jaren teleurstellend geweest'', concludeert het IMF. ,,Met de zwakker dan verwachte groei van de eerste helft van het jaar en de groeiende risico's kan het nu voorspelde herstel opnieuw uitblijven of tegenvallen.''GevaarHet grootste gevaar ziet het fonds in de gespannen situatie rond Rusland en Oekraïne en het oplaaiende geweld in het Midden-Oosten. De effecten van die conflicten concentreren zich vooralsnog in die regio's, maar er is een aanzienlijke kans dat ze ook op grotere schaal merkbaar worden.GroeipotentieOm aanhoudend tegenvallende resultaten te voorkomen, is het volgens het IMF van groot belang dat landen hun groeipotentie verhogen. Het fonds ziet daarbij vooral brood in investeringen in infrastructuur. Die zorgen op korte termijn voor banen en meer productie, terwijl landen op langere termijn ook sneller kunnen groeien als bijvoorbeeld wegen en spoorlijnen worden verbeterd.