Nieuws Actueel

Kleine bedrijven in de lift

Rik Nizet 15 mei 2015

Kleinbedrijf mkb zzp 335

Het gaat weer de goede kant op met kleinere bedrijven in Nederland. De omzet van het midden- en kleinbedrijf groeide het afgelopen jaar met 4 procent en het bedrijfsresultaat nam zelfs toe met een kwart. Dat blijkt op basis van onderzoek van SRA, een netwerkorganisatie van accountants. Brancheorganisaties herkennen zich in het beeld dat SRA schetst. Bedrijven in de grote steden (Amsterdam, Rotterdam en Den Haag) en de noordelijke provincies deden het wat omzet betreft beter dan de rest van Nederland. Grotere ondernemingen (met een omzet van meer dan 10 miljoen) zagen de omzet relatief vaak afnemen, de winst daarentegen meer toenemen. Kostenbesparingen zijn met name de oorzaak voor de gemiddelde plus in het mkb. Dit blijkt uit onderzoek van SRA, een netwerk van 370 grote en kleine accountantskantoren dat meer dan 50% van alle mkb-bedrijven als klant heeft.

Branche in ZichtDe verbetering van omzet- en resultaatontwikkeling in het MKB over 2014 is herleid uit harde, gedetailleerde cijfers, gebaseerd op de jaarrekeningenverzameling van SRA-kantoren in de benchmarkdatabase Branche in Zicht. Op geanonimiseerd jaarrekeningpostniveau kunnen cijfers worden vergeleken, waardoor meer data beschikbaar is dan die waarover bijvoorbeeld banken, het CBS of de kamer van Koophandel kunnen beschikken. Het beeld over 2014 is geen prognose, maar een eerste echte ‘foto’ die een reëel inzicht in ondernemingen, branches, verschillende regio’s en het hele mkb van Nederland geeft. Branche-experts en branchepanels geven vervolgens duiding aan de cijfers.

TrendbreukOndanks het feit dat het winstherstel grotendeels te danken is aan beheersmaatregelen, zijn de cijfers een opsteker voor het hele MKB. Vergeleken met vorige jaren is sprake van een echte trendbreuk. De cijfers laten zien dat 57% van de ondernemingen in staat is geweest om de omzet op gelijk niveau te houden dan wel te laten groeien, en dat bij 66% van ondernemingen de winsten ook weer stijgen. Wel zijn grote verschillen te zien tussen branches: industrie en logistiek doen het heel goed, maar Automotive, detailhandel en bouw blijven relatief gezien achter.

IndustrieDe Nederlandse industrie is de afgelopen jaren hard geraakt door de recessie, maar kan via de export ook relatief snel profiteren van het wereldwijde economische herstel. Dit komt al naar voren uit de financiële resultaten over 2014: in geen enkele andere mkb-sector namen de netto-omzet (+13,4%), de bruto-marge (+7%), het bedrijfsresultaat (+58,2%) en het eigen vermogen (+25,4%) gemiddeld op jaarbasis zo sterk toe.

LogistiekBinnen de logistieke sector wisten relatief veel bedrijven de omzet in 2014 gemiddeld gelijk te houden of te laten stijgen: 69,8%. Netto nam de omzet per saldo met 8,3% toe. Wel liep de brutomarge flink terug ten opzichte van een jaar eerder: -6,5% voor de sector als geheel. Opvallend was verder de flinke daling van de bedrijfskosten (gemiddeld -8,9%). Dit kwam vooral door lagere auto- en personeelskosten.

AutomotiveVoor de autosector was 2014 een slecht jaar: merkdealers en universele garagebedrijven lieten een gemiddelde daling van de netto-omzet (-1,1%) zien. Wel sneden ondernemers sterk in de schulden: zowel de langlopende (-9,5%) als de kortlopende (-3,2%) schulden namen af door de introductie van beheersmaatregelen. Hierdoor blijf er aan het einde van de streep (resultaat voor belastingen) nog een flinke gemiddelde plus in de winstontwikkeling (+51,7%) over.

DetailhandelDetaillisten lieten in 2014 een gemiddelde omzetstijging van 3,2% zien. Weliswaar een groei, maar daarmee bleef de sector wel achter bij het gemiddelde van het Nederlandse bedrijfsleven (4%). Alle andere sectoren lieten een sterkere omzetstijging zien, met uitzondering van de autosector. Het winstcijfer zag er steviger uit; de detailhandel behaalde een winststijging van 49%, versus 32% voor het Nederlandse bedrijfsleven.

BouwHet herstel in de bouw was vorig jaar ook al goed zichtbaar in de omzet- en winstcijfers. De omzet nam in de sector met gemiddeld 6% toe ten opzichte van 2013. Alleen de industriële sector (+13%) en logistiek (+8%) deden het beter dan de bouw. De productie liet in 2014 een stevige plus zien: de onderhanden projecten namen toe. Het eigen vermogen steeg met ruim 7%. De winstontwikkeling in de bouw was eveneens relatief positief. De winst (voor belastingen) steeg met 48%, versus 32% voor het Nederlandse bedrijfsleven als geheel. Verder namen de voorraden met 13,5% af, versus -0,7% voor Nederland.

HorecaDe horecasector presteert ongeveer in lijn met de rest van het mkb. De netto-omzet en de brutomarge lieten een stijging van ongeveer 4% zien ten opzichte van 2013. Opvallend was verder de stijging van het eigen vermogen (+25,9%). Dit was de sterkste toename van alle sectoren en veel groter dan het gemiddelde in het mkb (+7,2%). Daarbij daalden de kortlopende schulden relatief sterk: -6,8%, versus een gemiddelde daling van 1,1% in het mkb.

ZorgAls gevolg van bezuinigingen stond het aantal banen in de sector onder druk, maar na dit jaar zal de werkgelegenheid naar verwachting weer aantrekken. In 2014 namen de personeelskosten met 1,2% af. Ter vergelijking: in het mkb als geheel stegen deze met gemiddeld 2,4%. De netto-omzet trok in 2014 met gemiddeld 6,3% aan. De brutomarge nam gemiddeld met 6,1% toe. De totale bedrijfskosten namen iets af (0,5%), met name doordat de personeelskosten (73% van de totale bedrijfskosten) af zijn genomen (-1,2%). De kortlopende schulden werden gemiddeld verlaagd met 15,2%. De winstgroei bleef in de zorg achter bij het gemiddelde: +27% versus +32%.

Noodlijdende MKB'erBanken schieten tekort bij de informatievoorziening voor ondernemers die niet meer aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Dat concludeert toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM) in maart van dit jaar na onderzoek naar de afdelingen bijzonder beheer bij de grote kredietverstrekkers ING, Rabobank, ABN AMRO en Deutsche Bank.

Volgens de AFM weten ondernemers die in een traject van bijzonder beheer terechtkomen, niet genoeg wat hun te wachten staat. Daarnaast lopen de verwachtingen van ondernemers, vooral in het midden- en kleinbedrijf (mkb), en de banken over het doel van bijzonder beheer nogal uiteen.