Nieuws Actueel

Korpschef wist: ik krijg nooit de populariteitsprijs

Van onze redactie 2 oktober 2015

Image 5296604

Hij dacht er vaker over. Stoppen als korpschef van de Nationale Politie, de loodzware baan die alles van hem vergt. Maar ook het werk waar hij van houdt. Afgelopen zondagavond, alleen in zijn serre, zet hij de plussen en minnen op een rijtje. Daar voelt hij de emotie, maar spreekt ook zijn verstand. De volgende ochtend, in zijn eentje achter zijn bureau in Den Haag, neemt Gerard Bouman (63) het besluit: het is mooi geweest.Bouman is de man van ingrijpende maatregelen, de vliegende start. Geschikt om een huis te bouwen, maar niet om de kozijnen en plinten af te lakken, zegt hij. Precies die eigenschap leverde hem kritiek van de vakbonden op. Bouman hanteert de botte bijl, is stug, onbuigzaam, nog altijd de macho van de motorpolitie.Bent u dat?,,Ik ben ook heel lief. Natuurlijk kan ik koppig zijn, heb ik fouten gemaakt. Ik wist toen ik hieraan begon ook dat ik de populariteitsprijs niet zou winnen. Ik snap de pijn van de onzekerheid rond deze enorme operatie. En let wel: de vakbond heeft het vertrouwen in mij uiteindelijk niet opgezegd.''Soms werd het Bouman fysiek te veel. Elke vakantie werd onderbroken. Deze zomer nog: heeft hij op de motor net het Spaanse strandoord San Sebastián bereikt, krijgt hij een sms'je van zijn plaatsvervanger Ruud Bik, die hem vertelt dat hij echt terug moet komen voor een debat in de Tweede Kamer over de reorganisatie.Terwijl het al een roerige zomer was geweest. Mitch Henriquez zou zijn gewurgd door zíjn agenten. ,,Die zaak brengt alleen maar verdriet met zich mee. Bij de betrokken agenten, maar ook de moeder, die ik heb gesproken. Dan wou ik dat ik een beetje van dat verdriet mee naar huis kon nemen.''Maar thuis is ook zijn eigen verdriet. De dood van zijn vrouw Heleen moest hij tijdens de monsterreorganisatie zien te verstouwen. Met haar viel alles weg. De vrouw die hem stimuleerde de baan als korpschef te nemen, die aan hem zag hoe graag hij wilde. En: de vrouw die op hem wachtte, als hij 's avonds laat thuiskwam.,,Ik leef nooit zonder Heleen, mijn beschermengel. 's Ochtends steek ik een kaarsje voor haar aan, dat brandt 's avonds nog steeds. Ze is overal: het schilderij in mijn kamer heeft zij gemaakt, het hek bij ons huis is door haar ontworpen.''Na haar dood verloor Bouman 20 kilo, merkt hij op. Alsof zijn baan al niet genoeg 'een achtbaan' was. ,,Ik heb nooit zo'n zware baan meegemaakt. Ik was voorheen hoofd van de AIVD, ik was hoofdofficier, ik was korpschef. Ik dacht dat ik wist wat hard werken was, maar het was allemaal volstrekt onvergelijkbaar. Op momenten dacht ik: 'ik kan niet harder lopen dan dit', En: 'als dat maar goed gaat, dit wil ik niet'.''Dat gevoel was sterker dan ooit na het neerstorten van vlucht MH17, tussen de zonnebloemen in Oekraïne. Als de avond verstrijkt, hoort Bouman hoe het dodental steeds verder oploopt. Vijftig doden, honderd. De volle omvang openbaart zich de volgende dag: 193 Nederlanders overlijden tijdens die rampvlucht.Was dat één van de momenten waarop u het bijltje erbij neer wilde gooien?,,Ja. Het was een moment waarop ik dacht: ik weet niet hoe ik dit moet volhouden. De eerste 30 dagen na de ramp was alles wat ik deed de MH17, maar het bedrijf ging ook verder. Ik dacht soms: ik weet niet meer hoe ik dit allemaal verstouwd krijg.''Al het andere schoot erbij in. De kinderen, de kleinkinderen, die hij liefkozend omschrijft als 'de mini's'. Zijn woordvoerder zegt Bouman dat hij moet stoppen met vertellen, maar hij pakt zijn iPad erbij. Laat foto's zien van de blonde Senna (9), die met een rode band om haar witte karatepak inhakt op een tegenstander. Glimmend: ,,Ze werd derde tijdens het wereldkampioenschap.''Was u daarbij?,,Nee. Dat doet pijn. Er is het filmpje, waarop ze wint, roept dat ze opa wil bellen. Ze kunnen weer komen logeren straks. En wat ik verder ga doen, ik weet het niet. Ik ga in elk geval niet met pensioen, zoals de minister zei. Als we elkaar over een week tegenkomen bij de Albert Heijn, hoop ik dat ik kan zeggen: ja, het gaat goed, mijn keuze was de juiste. Maar ik weet echt nog niet wat ik nu voel.''Wat hij wel weet: er komt een vakantie, begin volgend jaar. Een maand lang. Niets of niemand die hem daar vanaf zal brengen of terug zal roepen. Dat heeft hij zich zo voorgenomen, en zo zal het gaan.