Nieuws Actueel

Leven lang wonen in de bossen

Van onze redactie 15 mei 2015

Image 4923796

Fiep zet koffie. Gewoon met filterapparaat, dus niks geen moderne kunsten. Het duurt niet lang voor haar keukentje zich vult met vertrouwde pruttelgeluiden. Je kunt zeggen wat je wilt, merkt Fiep op, maar zo kom je toch uit op het lekkerste bakje koffie dat je een mens kunt voorzetten. Gert schuift ook aan de keukentafel. Uit de kast komen de kopjes en de schoteltjes. Ook voor de hulp, en ook voor het bezoek. Een gezellige drukte bij elkaar, zo. Daar houden ze wel van. Fiep schenkt op. ,,Hier vader, de koffie.'' Baby,,Zij is geboren in dit bos,'' begint Gert Hoogstraten (82) te vertellen. ,,Als baby kwam ze al bij de jonkheer over de vloer. Alle jaren hebben we goede kennis aan de familie gehouden. Toen dit huisje leegkwam, mochten wij er van de jonkheer in. We kenden elkaar, dus je wist wat je aan elkaar had. Dat helpt. Zo heeft Fiep me meegenomen, dit bos in.'' Fiep (84) zegt: ,,Hele aardige mensen waren het, de familie Bosch van Drakestein. Hele gewóne mensen ook. Mijn ouders waren hun directe buren. Zij hadden een huisje aan de rand van het bos. Allang gesloopt, hoor. Ach, de jonkheer was ook maar een mens. Die liep ook maar gewoon met zijn ziel onder de arm. Daar kwam hij dan wel eens mee aanlopen.''

Een mooie 57 jaar hebben Gert en Fiep in het tuinhuisje van landgoed Nieuw-Amelisweerd gewoond. Komend weekend wordt er verhuist. Weg uit het bos. Naar een aanleunwoning in Bunnik, waar Gert is geboren. Hij prikt met zijn wijsvinger in het dikke tafelkleed: ,,Waar we nu zitten, dat is óók Bunnik. Geen Utrecht. Wij wonen niet in Utrecht.'' Goed verstopt Het huisje ligt goed verstopt in de bossen van Amelisweerd, niet zo ver verwijderd van de A27. Als je niet precies weet wáár, zie het dan maar eens te vinden. Hele volksstammen zijn op weg naar Gert en Fiep verdwaald. Honderdduizend keer hebben ze iemand via de telefoon naar hun erf moeten loodsen. Eén keer moest Fiep 112 bellen. ,,Nou, ze moeten nóg komen.'' Gert: ,,Dat is gelijk het hele punt, hè? Wie komt ons halen, als er wat met één van ons aan de hand is? Nu redden we ons nog samen. Maar hoe moet het als één van ons alleen komt te zitten?'' Bloedend hart Hij gaat met bloedend hart weg uit het bos, dat mogen we gerust weten. En voor Fiep is het niet anders.

Na de adellijke familie Bosch van Drakestein werd de gemeente Utrecht in 1963 de nieuwe eigenaar van het landgoed Nieuw-Amelisweerd. Zeven jaar werd het gekraakt, en tenslotte gerenoveerd en verbouwd tot een appartementencomplex. Idylle Nieuw-Amelisweerd is vandaag de dag een biologisch-duurzame idylle. De Volle Grond is de naam van het project dat de historische moestuinen, ene paar passen verwijderd van het boshuisje van Gert en Fiep, voor de toekomst wil behouden. Er wordt met de hand gewerkt, deels door mensen op weg terug de samenleving in. In het koetshuis, dat grenst aan het tuinhuis, is de bakkerij gevestigd van De Veldkeuken - alles biologisch en afkomstig uit de eigen streek. Wat het landgoed betreft, kun je zeggen dat er veel is veranderd. Maar Fiep en Gert zijn de uitzondering op de regel. Bij hen is er nooit iets veranderd. Fiep zet verse koffie. ,,Boswerkers van de gemeente, die staken drie vingers in de lucht als ze voorbij fietsten. Dan wist ik al genoeg. Een stief kwartiertje later zaten ze hier met z'n drieën aan de keukentafel.'' Zo hebben ze ook de vele trimmers en weekendwandelaars in Nieuw-Amelisweerd leren kennen. Ach, het begint met een keer zwaaien, dan volgt er een praatje, en voor je het weet zit je aan de keukentafel en geurt alweer de filterkoffie. Carice en Jelka van Houten Naast Fiep en Gert woont Margje Stasse, de moeder van Carice en Jelka van Houten. Zij groeiden ook op in de bossen van Nieuw-Amelisweerd. Hun eigen vier dochters speelden met die meiden, en ze komen nóg wel eens over de vloer. (Fiep heeft, tussen haakjes, op zo'n beetje alle kinderen in het bos opgepast. Ook nú nog is ze oppasoma voor bezoekers van de moestuinen.) Hoe beroemd ze tegenwoordig ook mogen zijn, Carice en Jelka, in de keuken van Fiep en Gert is iedereen even bijzonder - of liever gezegd: even gewoon.

Een nuchter stel in een bewogen bos, derhalve; op tafel komt altijd weer het verhaal over die ontruiming door de Mobiele Eenheid, meer dan dertig jaar geleden. Een strook van Amelisweerd moest gekapt. Actievoerders hadden zich aan bomen vastgeketend en verschanst in de kruinen. Ze werden door een ware politiemacht verjaagd en bulldozers gooiden de boel onmiddellijk plat. Het leek wel oorlog in dat bos, het was wereldnieuws, maar Fiep en Gert keken ook daar met hun eigen onverstoorbare blik naar. Flinke jongens Fiep: ,,We lachten erom. We hadden ook steeds gezegd: dat hou je tóch niet tegen. En toen die bulldozers eenmaal kwamen, nou, dan wil je wel wegwezen, dat kan ik je verzekeren! Er zaten flinke jongens tussen in die bomen. Ze scheten in hun broek! Bang ben ik zelf geen moment geweest. Ik zou niet weten waarom.'' Gert: ,,Dan daarbij: dit is toch niet mijn bos? Wat moet ik er dan van vinden? En trouwens, die wegverbreding was ook nodig.''