Nieuws Actueel

Nieuwbouw van ‘zuurstofarm pand’ Eurol laat op zich wachten

Van onze redactie 13 november 2015

Eurol Martijn Pfeiffer Johan Pfeiffer Lenneke Lingmont

Afgelopen zomer sprak directeur Martijn Pfeiffer van het Nijverdalse bedrijf in deze krant de hoop uit dat nog dit jaar de eerste schop in de grond kan voor het bedrijf. Maar dat lukt niet, zegt Pfeiffer nu. „We hebben meer tijd nodig. Veel zaken vergen veel voorbereiding, daardoor wordt het later.” OpslaghalHet Nijverdalse bedrijf bouwt een nieuwe fabriek op XL Businesspark. Het meest bijzondere aan het pand wordt de opslaghal voor de producten. Olie is brandbaar, dus gelden voor de hal strenge voorschriften als het gaat om brandveiligheid. In de hal werken straks geen mensen, het transport van de producten gebeurt door robots. Vanwege brandveiligheid wordt de opslaghal zuurstofarm. „Je krijgt er straks geen fikkie aan”, zegt Pfeiffer, die samen met zijn vader Johan directeur-eigenaar van Eurol is. ZorgvuldigPfeiffer vindt het niet zo’n probleem dat het dit jaar niet lukt om met de bouw te beginnen. Zorgvuldigheid is van belang. „Het is een complex proces dat we nog niet helemaal hebben afgerond”, zegt hij over de voorbereiding van de bouw van de nieuwe fabriek. „We willen alles tot in de puntjes uitzoeken en voorbereid hebben.”Eigenlijk durft Pfeiffer geen datum te noemen waarop de bouw van de nieuwe fabriek kan beginnen. „Volgend jaar”, zegt hij. Hij hoopt dat in de eerste helft van 2016 kan worden begonnen met de bouw. „Als dat lukt, dan zou oplevering in 2017 mooi zijn. Anders wordt het begin 2018.”

Foto: Johan en zoon Martijn Pfeiffer, directeuren van Eurol (Lenneke Lingmont)