Nieuws Actueel

Olcay Gulsen: Waarom moet je mij steeds aanvallen?

Van onze redactie 17 april 2015

Olcay gulsen sorensen weekvandeondernemer 335

De Beatrixzaal van de Jaarbeurs in Utrecht was donderdag een strijdtoneel. Moderator Lars Sørensen gaat samen met de zaal tijdens De Week van de Ondernemer in gesprek met iemand die zelden interviews geeft: Olcay Gulsen. Naar eigen zeggen is ze 'honderd procent in control'. Daar twijfelt niemand in de zaal meer aan als ze na nog geen vijf minuten tegen de moderator zegt: "Sorry, ik neem het even over."

Olcay Gulsen is een ware verschijning in haar oranje jurk en naaldhakken waar je u tegen zegt. Ze is een self-made woman, de probleempuber uit Waalwijk die haar opleiding niet afmaakte, naar Amsterdam ging en nu eigenaar is van internationaal modemerk SuperTrash. Ze leidt 160 man en opereert in 24 landen. Succesvol is een understatement.

"Ik vraag me af waarom er zo weinig vrouwelijke internationale ondernemers zijn. Vrouwen zijn op vele vlakken beter in ondernemen dan mannen door hun emotionele gelaagdheid. Wie in de zaal onderneemt internationaal?”, begint Gulsen.

Als de handen omhoog gaan, zegt ze richting Sørensen: ”Sorry hoor, ik neem het even over.”

"Dit is onze strijd, maar we worden straks vast vrienden."

Na een aantal verhalen van vrouwen uit de zaal neemt hij het stokje weer over: "Toch is er een top100-lijstje van topvrouwen die zelfs wordt opgeschaald naar 200."

Gulsen: "Maar 200 is toch nog steeds niet veel? Ik sta ook op al die lijstjes. Ik word regelmatig gevraagd voor RTL Late Night en DWDD. Dat moet je als vrouw niet schuwen als je je BV groter wil maken. Misschien zijn vrouwen bescheidener dan mannen. Misschien ben ik een uitzondering qua bescheidenheid. Maar ja, dat moet in Nederland toch niet zo spelen...?"

Een volgende vraag uit het publiek komt van een man die een prestatieverbeterende boxershort heeft ontwikkeld. “De essentie van het product is dat het verkoelend werkt en het zorgt voor een betere doorbloeding in de balzak. Minimaal twee graden verkoeling en zes procent meer testosteron.”

“Een gouden greep in de markt voor onzekere mannen”, grapt Gulsen.

Sørensen: "Een volgende vraag..."

Gulsen: "Wacht even, we weten nog niet hoe je heet." Richting de coulissen: "Mag de microfoon van de presentator even uit?"

"Hoe heet je bedrijf?"

De man: "Jada fashion."

Sørensen: "Jada fashion, mensen, als je op zoek bent naar een koele balzak."

Een andere vrouw in het publiek komt terug op de vraag waarom er zo weinig vrouwen aan de top staan: “Wij denken dat dat komt doordat het offers vraagt. Zou je nu, terugkijkend, dezelfde offers brengen?”

Gulsen: “Misschien niet altijd. Mensen van mijn leeftijd die het traditionele pad bewandelen, hebben toch een andere emotionele ontwikkeling dan ik heb.”

Sørensen: “Wat is dat verschil dan?”

Gulsen: “Ik zeg het toch zelf al. Waarom moet je mij de hele tijd aanvallen?”

Sørensen: "Ik val je toch niet aan?"

Sørensen deelt de mircrofoon uit. "Heer hiervoor, laatste vraag, so it better be short and good."

De 'heer hiervoor': "Je hebt nu te maken met een board. In hoeverre heb je nog vrijheid? Is het nog wel leuk?"

Gulsen: "Een board is goed, maar ik vind het ook heel moeilijk. Ik ben 100 procent in control en best wel dominant, dat zouden jullie misschien niet denken." Sørensen kijkt een paar seconden de zaal in, terwijl Gulsen doorpraat: "Ik heb 160 man in dienst. Ik ben rigoureus in de directie die we voeren. Ik omgeef me ook niet alleen met ja-knikkers. Ja-knikkers zijn een gevaar, want door onze gedrevenheid zijn we soms ook naïef. Als ondernemer ben je uiteindelijk een mensen-mens. En mensen zijn grillig. Net als ik ben. Het is geven en nemen."

Gulsens slotwoorden na het applaus: “Kunnen we niet nog één vraag doen? Ik ben helemaal geïnspireerd.” Vragend kijkt ze de moderator aan. “Nee? Jammer, ik moet vaker buiten komen.”