Nieuws Actueel

Onderzoek naar oorlogsmisdaden Sumatra

Van onze redactie 16 augustus 2015

Image 5158607

Het onderzoek richt zich onder meer op een bombardement op Bandar Buat waarbij veel burgerdoden zouden zijn gevallen. Jachtvliegtuigen van de luchtmacht zouden in januari 1947 de drukbezochte markt hebben bestookt. De zoektocht spitst zich toe op getuigen en nabestaanden, laat Jeffry Pondaag van de stichting Comité Nederlandse Ereschulden (K.U.K.B.) weten. Ook op andere plekken op Sumatra en Sulawesi doet hij deze weken onderzoek, zeventig jaar nadat de Republiek Indonesië op 17 augustus 1945 de onafhankelijkheid uitriep en oorlog uitbrak met de Nederlandse kolonisator. Als zich genoeg nabestaanden melden, laat Pondaag opnieuw een rechtszaak aanspannen met een schadevergoeding als inzet om erkenning te krijgen voor de slachtoffers. Pondaag heeft samen met zijn advocaat Liesbeth Zegveld al geruchtmakende zaken gewonnen voor de inmiddels bejaarde Indonesische slachtoffers. Zo heeft de rechter bepaald dat ons land aansprakelijk is voor de schade die nabestaanden hebben geleden door de standrechtelijke executie van mannen in het Javaanse dorp Rawagedeh en op Zuid-Sulawesi. Ook bereidt zijn stichting zaken voor wegens marteling en verkrachting in het voormalig Nederlands-Indië.Voorlopig komt er aan de stroom zaken geen einde, als het aan Pondaag ligt. ,,Rechtvaardigheid'' is wat hem naar eigen zeggen drijft. Pondaag noemt het ,,achterlijk'' dat Nederland zelf geen onderzoek doet naar oorlogsmisdaden in de voormalige kolonie. ,,Nederland loopt met de borst vooruit met de internationale tribunalen in Den Haag, maar doet zelf niets in deze zaken'', zegt Pondaag. ,,In de gewonnen zaken hebben de rechters erop hebben gewezen dat de slachtoffers Nederlandse onderdanen waren. Nederland heeft zijn eigen mensen vermoord. Deze mensen hebben dezelfde rechten als andere mensen: als Nederlanders.''