Nieuws Actueel

Schoolvoorbeeld van knap beleid

Mikos Gouka en Fardau Wagenaar | Foto: Eric Brinkhorst 21 december 2015

Heraclesjansmitvoorzittervoetbal1065

Heracles is de eerste achtervolger achter de topclubs Ajax, Feyenoord en PSV. De sprong voorwaarts is enorm en dat is niet in de laatste plaats te danken aan de gezichtsbepalende voorzitter Jan Smit. De succesvolle ondernemer nadert zijn afscheid. Het wordt er eentje met de borst vooruit. "Als je gaat doen alsof je het hebt uitgevonden, keert het zich tegen je", vertelt hij in een interview met het AD.

Opeens springt Jan Smit op en rent vrolijk door zijn kantoor. Zo, roept hij lachend, stapte hij jaren geleden uit zijn auto als hij ruim een uur achter het stuur had gezeten. Het fitte gevoel is geruime tijd voorbij. Tegenwoordig piept en kraakt het in de ledematen van de voorzitter van Heracles. Hoe oud hij dan is? "Mijn leeftijd? Ach, wat maakt het nou uit? Die moet je nooit noemen, dat vind ik niks. Ik voel me nog steeds 45. Wat ik erg vind, is die fysieke achteruitgang.''

Weelderige haardosSmit zoekt in zijn portemonnee en schuift een identificatiebewijs als deurwaarder over de tafel. Op de pasfoto kijkt Smit met een weelderige haardos stoer naar de camera. "Toen nog wel,'' schatert hij. "In het begin vond ik het erg hoor, dat mijn haar begon te verdwijnen. Dan kamde ik alles opzij. Maar op een gegeven moment heb ik me er maar bij neergelegd. Dat ouder worden is erg hoor, al klinkt dat gek. Iedereen wil tenslotte oud worden. Maar het moment komt in zicht dat ik zal stoppen als voorzitter van Heracles. Plaatsmaken voor een nieuwe generatie. Zoals ik begin dit jaar ook de Vereniging De Friesche Elf Steden een opzeggingsbrief heb geschreven. Ik reed de Elfstedentocht in 1986 en 1997, maar ben nu dus geen lid meer. Dat scenario zal zich bij mij als voorzitter ook eens voltrekken. Maar dan? Wat moet ik dan? De hele dag op mijn golfbaan staan? Lijkt mij, eerlijk gezegd, niks. Ik heb het nog steeds naar mijn zin en zie ook nog steeds uitdagingen."

SchoolvoorbeeldWat hij straks achterlaat is een schitterende en kerngezonde voetbalclub. Momenteel zelfs de trotse nummer vier van Nederland. Met een prachtig stadion, dit seizoen ingrijpend verbouwd. Heracles is het schoolvoorbeeld van knap beleid. Daar kunnen ze een paar kilometer verder in Enschede een puntje aan zuigen.

Smit zwijgt. De hele middag heeft hij honderduit zitten praten op zijn nieuwe kantoor dat hij deelt met algemeen directeur Nico-Jan Hoogma. Over het unieke feit dat de zonen van de voormalig trainers Gert Heerkes en Peter Bosz in de selectie zitten en dat de talentvolle zoon van Nico-Jan Hoogma zich eerdaags ook in dat rijtje voegt. Over de vijf trainers die zelf ooit voor de club speelden. Over zijn jeugd in Almelo waar hij als kind met zijn vader en opa de wedstrijden van Heracles aan de Bornsestraat bezocht. Over zijn verhuizing naar Ommen waar hij een florerende golfbaan uit de grond stampte. Over de promotie van Heracles naar de eredivisie in 2005.

'Incestueuze bende'En er staan hier zes spelers uit de regio Almelo in het elftal. Het is hier bijna een grote incestueuze bende,'' zegt hij lachend, met een knipoog. Maar de pijnlijke val van buurman FC Twente, daar zwijgt hij over.

Waarom zegt u niets over FC Twente?"Er valt voor mij geen eer aan te behalen. Als ik iets zeg, roepen de mensen weer dat Jan Smit afgunstig is of was. Je doet het nooit goed. Buiten het feit dat ik het niet correct zou vinden als ik nu iets over die club ga roepen.''

Maar Heracles heeft altijd een gezonde bedrijfsvoering gehad. Dan moet het toch een bepaald gevoel oproepen als dat bij de buurman op zijn zachtst gezegd iets anders lag?"Nou, wij hebben hier ook wel eens bij elkaar gezeten en gezegd 'verdomme, we moeten deze maand echt iemand verkopen. Anders zitten we in de shit'. Bij FC Twente is er gewoon veel verdoezeld door de prestaties, terwijl velen in de voetbalwereld twijfels hadden of het daar wel goed ging. De afgelopen maanden bleek er kennelijk geen redden meer aan. Maar nu naar mensen wijzen is onzin. Ze zijn daar met z'n allen kampioen geworden en ze zitten nu allemaal in deze nare situatie. En voor de rest zeg ik er helemaal niets meer over.''

Supporters van uw club wapperen met krantenknipsels uit de jaren negentig waarin Henk Kesler, destijds bestuurslid bij FC Twente, riep dat Heracles vanwege een gebrek aan levensvatbaarheid beter opgedoekt kon worden.

"Toen ik in mijn beginjaren voor de eerste keer aanschoof bij een vergadering van de KNVB, heb ik geroepen dat de KNVB een blaffende hond was die nooit wenste te bijten. Ik vond dat het moest werken zoals de natuur. Het zwakke wild afschieten om de soort in stand te houden. Toen riep Kesler meteen 'en als het nou zover is bij Heracles. Wat dan?' En toen heb ik geantwoord: direct eruit gooien dat Heracles. In dat opzicht denk ik dus ook dat clubs zonder levensvatbaarheid beter opgedoekt kunnen worden. Net als Kesler.''

Daar klinkt de visie van Jan Smit, de man die in 1972 in Ommen de jongste deurwaarder van Nederland werd. De man die een bloedhekel heeft aan het maken van schulden. ,,Het hebben van schulden is vergelijkbaar met een ongeneeslijke ziekte,'' zegt hij. ,,Daar sta je mee op en daar ga je mee naar bed. Dat raak je nooit meer kwijt. Iedereen praat daar makkelijk over, maar mensen hebben geen idee hoe erg dat is. Ik ben allergisch voor schulden. Bij Heracles heb ik wel eens een heel klein risicootje genomen, maar nooit iets waar ik niet van kon slapen.''

Er zijn mensen die u zuinig noemen. Maar er zijn er nog meer die u het etiket bikkelhard opspelden.

"Ik heb liever dat ze mij hard vinden dan dat ze roepen 'wat een aardige vent is die Smit'. Daar win je nooit de oorlog mee en je kent het verhaal van zachte heelmeesters. Het klopt ook wel. Neem nou Ruud Brood. Die moesten wij een dag voor kerstmis wegsturen als trainer. Hij stond niet te applaudisseren, hoor. Maar hadden wij hem dan een week later moeten ontslaan? Het zit in mij, als deurwaarder moet je heel vaak hard zijn, hè.''

Dat bleek, want dat stempel kreeg u al als jong ventje. U bent in de wieg gelegd voor het deurwaarder-schap."Mijn ouders hadden in Almelo een winkel in huishoudelijke artikelen. Als er niet werd betaald, moest ik er als jochie van 13 jaar langs. Op mijn fiets. Als ze de deur niet opendeden, ging ik achterom. Zag ik ze achter de vensterbank liggen in de hoop dat ik weg zou gaan. Ik bezorgde later als deurwaarder mensen het geld waarop ze recht hadden. Dat was voor mij een soort rechtvaardigheidsgevoel. Want schulden maken, dat doen de mensen zelf, hè. Dan ken ik geen pardon. Behoudens ziekte is er eigenlijk nooit een geldig excuus. Als je de huur niet hebt betaald, hoe kun je dan boos zijn als de deurwaarder op de stoep staat?''

U hebt ook gezegd dat de financiële crisis misschien wel een zegen was voor de maatschappij."We zijn er volgens mij nog lang niet. Maar iedereen is gelukkig weer een beetje normaal gaan doen. Een gemiddelde voetballer ging drie keer zoveel verdienen als de minister-president. En de huizenmarkt? Mensen namen een tophypotheek, met het idee dat de waarde van hun huis twee jaar later wel met een ton gestegen was. En dan ook nog op wintersport, op zomervakantie, twee auto's, allemaal een nieuwe tv. Bijna alles werd betaald door schulden te maken. Niemand zag het probleem. Zelf hecht ik weinig aan materiële zaken. Ik draag geen horloge, geen kettinkjes, ik rij in een normale auto. Geld is voor mij puur een middel om dingen te doen, om te ondernemen.''

Wat doet u om uw mentaliteit bij Heracles erin te brengen?"Ik zit met directeur Nico-Jan Hoogma soms uren met spelers te praten. Om uit te leggen wat er voor nodig is om een succesvolle voetballer te zijn. Kijk, spelers denken eerst aan zichzelf, dan aan de familie, dan aan de buren en dan uiteindelijk helemaal aan het einde van die keten misschien nog aan de club. Wij proberen ze duidelijk te maken dat succes voor de club automatisch ook hun succes wordt.''

U geeft binnen de club altijd en overal uw mening."Maar dan moet je er heel vaak zijn en niet vanaf een forse afstand besturen. Neem nou de periode dat Gertjan Verbeek hier werkte. Toen stapte Mark-Jan Fledderus hier binnen en die zei 'ik voel me net een uitgeknepen citroen'. Als voorzitter voelde ik mij gewoon twee uitgeknepen citroenen. Ik zag Verbeek dagelijks en hij had overal een mening over. Hij bemoeide zich met het parkeerbeleid, met de manier waarop de kleedkamers waren ingericht, hij vond iets van de koffieautomaat. Maar als hij klaar was, had Jan Smit ook een mening, hoor. Bijvoorbeeld over zijn opstelling, over zijn manier van werken. De omgang met de sponsors. En toch werkte het tussen ons. Puur op basis van wederzijds respect.''

U lacht om mensen die hun neus ophalen voor kunstgras."Als clubs op gewoon gras willen blijven spelen, prima. Maar ik heb deze maand zo genoten van die bijeenkomst bij de KNVB. Alles was wetenschappelijk onderzocht, er was geen speld tussen te krijgen. En toch waren er weer trainers en clubbestuurders die riepen 'maar mijn gevoel zegt dat'. Daar moet je bij een wetenschapper niet mee aankomen. Die onderzoekers hebben gewoon aangetoond dat er op kunstgras niet meer blessures ontstaan dan op gewoon gras. Natuurlijk wil iedereen op een grasmat voetballen zoals die in de Kuip ligt. Maar vorig jaar speelden wij in de Euroborg en daar moesten ze met lampen en windtribunes het veld een beetje speelklaar krijgen. Is dat dan natuurgras? Oké, de grote competities spelen niet op kunstgras. Maar misschien komt dat allemaal nog en lopen we wel weer eens voorop. Ik vind dat wij het bij Heracles met ons kunstgrasveld goed voor elkaar hebben.''

Maakt dat u trots?"Weet je wat mij precies trots maakt? Als er na een competitiewedstrijd honderden kinderen ons kunstgrasveld op komen om een balletje te trappen. Daarin zijn wij volgens mij uniek in de hele wereld. We waren de eerste club in de eredivisie met kunstgras. Ik ben zo trots op ons nieuwe stadion, we zijn ook nog eens de eerste club met stoelverwarming. Als je normaal blijft doen, waarderen mensen dat. Maar als je opeens gaat doen alsof je het hebt uitgevonden, keert het zich tegen je. Als een speler hier het stadion binnenstapt, doet hij zijn petje af. Dat heeft alles met fatsoen te maken. En met een mobiele telefoon bij het eten spelen, doe je niet. Dat vinden we allemaal normaal bij deze club.''

En dat maakt Jan Smit gelukkig?"Als het met Heracles goed gaat, dan ben ik blij. Maar echt gelukkig ben ik als ik met mijn gezin op Vlieland ben. Dat is mijn eiland. Als ik de boot bij Harlingen op stap, ben ik alles kwijt. Daar sta ik om vijf uur in de middag in een café met de eilanders een biertje te drinken. Daar kom ik lekker tot rust. Mooier is er niet.''

Als voorzitter heeft u iets neergezet, in het zakenleven is het allemaal voorspoedig gegaan."Ik moest laatst toch ergens mijn geboortedatum invullen en toen bleek opeens dat ik op een zondag ben geboren. Dat wist ik helemaal niet. Ik ben er dus letterlijk twee weken achter dat ik een zondagskind ben. Nou, dat klopt wel, als je het mij vraagt.''