Nieuws Actueel

'Stank erin is prima'

Erik Maarten Jeroen Zwaga (55), parfumrecensent en eigenaar van 's werelds kleinste luxeconcern EMJZ, gelooft heilig in de bittere noodzaak van een goede geur. Op zijn blog Geurengoeroe - duizend lezers per dag - probeert hij op geheel eigen wijze het evangelie te verspreiden. 'Je wordt er gelukkiger van. Écht', vertelt hij aan Het Parool.

Hans van Lissum 8 december 2015

Parfumzwagaerikgeurgoeroe1065

'Ik struin door een door de zon uitgedroogde lentewei waar het net is opgehouden met regenen. Afronding, ik kan niet anders zeggen: man-elegant, dus bescheiden de mix van leer, amber, eikenmos en patchoelie die samen een subtiel-sensueel effect geven van droog lichtjes aangebrand smeulend hout - terwijl de jasmijn helder blijft stralen. Mijn idee: van de lenteweide het beschaduwde bos in.' Voor u met gierende banden naar Scheltema scheurt om de verhalenbundel van deze debutant aan te schaffen: dit is een fragment uit een parfumrecensie van Erik Maarten Jeroen Zwaga. Sinds tien jaar bespreekt hij parfums op zijn blog Geurengoeroe, die sober is van opmaak maar exuberant van stijl: Zwaga strooit onverschrokken met termen als 'gourmandnoten', 'aldehyden', 'CO2-techniek' 'ambroxan' en 'calone'. Dat dat intimiderende taal is voor de geurtechnisch gehandicapte Axe Africa-gebruiker zal Zwaga een worst wezen: geur dient serieus te worden genomen.

In zijn naar patchouli ruikende kantoor in de Bosboom Toussaintstraat in Amsterdam zet Zwaga zijn betoog met wilde armgebaren kracht bij, en spuit ter illustratie om de tien minuten een geurtje op een wit kaartje. Door geur ontdekte hij hoe geweldig het leven is, zegt hij. Een geur kan hem diep ontroeren.

Momenteel is Zwaga bezeten van twee aankomende trends: de 'groene geur' ('Kijk, hier waan je je toch in een pas gemaaid weiland? Of is dat wishful smelling?') en 'de grens tussen lekker en vies'. Hij spuit wat op een nieuw kaartje en reikt het aan: "Als het goed is, ruikt dit naar een lavendelveld waar net een schaap in heeft gescheten." Hij heeft gelijk.

Zwaga lijkt aanvankelijk een geursnob te zijn die alle eenvoudige Hugo Bossgebruikers het liefst hoogstpersoonlijk aan de schandpaal zou nagelen, maar niets is minder waar. Hij is niet vies van een beetje oproer en constant kritisch, maar op een lichtzinnige, montere manier. Hij stelt zelfs dat echt slechte geuren niet bestaan, evenmin als vieze. "Mijn geurfascinatie begon als kind, met een flesje Fresh Up van mijn vader: de goedkoopste geur, maar die vond ik tóch lekker. Maar pas toen ik aan een flesje Anaïs Anaïs van mijn moeder rook, was ik om: alsof er onder mijn neus bloemen werden geknipt die tegelijkertijd een abstract geheel bleven. Ik begreep niet waarom, maar het rook naar kwaliteit."

Zwaga streeft naar kwaliteit: hij hekelt de gemakzucht van parfumconsumenten, hun naloopgedrag en matige merkgeuren die alleen een succes worden door sterrencampagnes. "Krijg ik laatst een preview van de nieuwe Burberrycampagne opgestuurd!" zegt hij met rollende ogen. "Een preview! Een filmpje waarin ze Kate Moss weer eens uit de mottenballen hebben gehaald. Die dan zegt dat ze het hartstikke leuk vond op een of andere set. Who cares! Het moet toch gaan om de geur?"

Kritische blik'De bedoeling van de geur: "de draagster een vleugje mystiek meegeven, als een belofte voor een reis. Black Opium brengt haar naar een plek waar ze niet verondersteld wordt te zijn, waar het grenzeloze taboe overheerst." Als de geur iets niet heeft, is het een vleugje mystiek. De intentie van de geur: "een rock-'n-roll interpretatie van de klassieker." Onzin.'

De parfummerken hebben Zwaga ondanks zijn dwarse imago hoog zitten: van alle nieuw te verschijnen geuren krijgt hij meestal een fles opgestuurd. Alleen L'Oréal werkt de laatste tijd niet mee: "Daar moet ik achteraan. Na twee fatsoenlijke mails kreeg ik nog geen respons. Dan denk ik: dikke doei. De arrogantie!" Daarbij blijft Zwaga kritisch op de afzender, in tegenstelling tot veel collega's. "Journalisten kijken zo huizenhoog op tegen die merken dat het soms lijkt alsof we met het koningshuis te maken hebben. En dan nog? Dat getrut bij bladen als Vanity Fair: zo kritiekloos, alsof de industrie op de stoel van de hoofdredacteur zit."

Zwaga verwacht dezelfde kritische blik van de parfumconsument. Niet klakkeloos kiezen voor een groot merk dat je toevallig kent, maar op zoek gaan naar je eigen geur. "Je moet je afvragen: wat is je parfumpaspoort? Daar kom je achter door een parfumparcours af te leggen in het leven. Mensen kopen vaak wat ze dénken dat ze lekker vinden, maar denken niet goed na. En vooral mannen doen dat niet, omdat in hun onderbewuste zit dat man + geur + reflecteren = homo. Terwijl je echte eigen geur vinden een intoxicerende ervaring kan zijn. Daar kun je heel gelukkig van worden. Als dat met een beetje 'stank' erin is: prima! Ik meng de laatste tijd Chanel No. 5 met een scheutje bevergeil: heerlijk!"

Perfecte geur gevonden? Dan niet miepen over de kosten. "Luxemerken willen altijd nét betaalbaar zijn. Waarom in godsnaam? Je hebt er als mens helemaal het recht niet toe per se een exclusieve geur te kunnen kopen! Als je het niet kunt betalen: accepteer dat dan ook. We rijden toch ook niet allemaal in dezelfde Porsche Panamera? Veel succes in een volgend leven, zeg ik dan maar."

Echt girlyTerwijl hij routineus een nieuw parfum van Bvlgari uitpakt en weer een wit kaartje bespuit, benadrukt Zwaga dat hij wil prikkelen. "Ik zou best wat toegankelijker willen schrijven, maar ik wil het ook intelligent houden. Ik wil mensen laten nadenken over hun smaak. Want de meeste mensen hébben geen smaak."

'De opening: alsof Dorothée Piot achteloos een emmer leeggooit met bergamot, kaneel en peper. Ruik je eerst allemaal door elkaar om geleidelijk tot rust te komen in een fris-pittige zoetheid die vol verwachting toekijkt hoe de bloemen in het hart met elkaar aan de haal gaan: de zoete roos, de sensuele jasmijn en de lekker 'geel-geile' narcis.'

Hij inhaleert het kaartje met de nieuwe Bvlgari-geur diep ("Eerste indruk: girly. Ja, echt girly"), als een sommelier een glas wijn. Ondertussen bestudeert hij vorsend het glossy persboekje. Er staat een vrouw op in een bikini met een flaphoed. "Ik denk dan meteen: moet dat chic zijn, zo'n spray-tan?" Nog een felle snuif. "Ah, hier is de toermalijn een inspiratiebron, lees ik. God, hier staat dan weer dat het een eerbetoon is aan vrouwelijkheid: sensueel en vrolijk. Het lijkt wel een contactadvertentie." Hij inhaleert nog eenmaal diep. "Ik zou nu maracuja en gardenia uit Brazilië moeten ruiken. Maar waar is die dan? Bloei dan, gardenia! Daar kan ik me echt aan ergeren."

Zwaga mikt voorzichtig op een wereldwijde naam als geurengoeroe en bruist van de plannen. "The pope of perfumes, zo zou ik wel bekend willen staan. Of een parfumpraatprogramma presenteren, waarin mensen vertellen welke tien geuren ze mee zouden nemen naar een onbewoond eiland. Maar ik maak ook eigen geuren onder de naam Le Bienaimé. Ik heb laatst bijvoorbeeld een limited edition voor Máxima en Willem-Alexander gemaakt: 'Appeltjes van Oranje'. Ik heb zelfs al een flacon: een klassieke vorm met oranje bolletjes uit de 3D-printer erop. Nou ja, ze moeten gewoon eens bij mij op consult komen."

De Bvlgari blijkt geen blijver te zijn. "Maar gardenia is ook een moeilijke bloem hoor. Dit is parfumpret: voor van die meisjes die met hun vriendinnetjes naar het strand gaan." Nog één laatste wapper en snuif. "Nee, wat ik al zei: écht te gewoon girly."

Wat Erik Zwaga betreft bestaat er geen onderscheid tussen mannen- en vrouwengeuren. 'Genderfree' is de nieuwe trend uit het overvolle aanbod. Hieruit drie verrassingen.

Chanel - No. 5

"Uit 1921, maar nog steeds bingo. Ook voor mannen: het beroemdste parfum ter wereld. Niet alleen modenichten: ook baarddragende, bbq'ende bierdrinkers. Klassieke chic met een wonderlijk, diffuus karakter."

Mona di Orio - Oudh Osmanthus

"Parfum als kunst. Veel mensen vinden haar te moeilijk, maar Oudh Osmanthus is perfectie: hier presenteert ze een uitgekauwd ingrediënt als adelaarshout in een warm, schijnend aura. Artistiek geil."

Al Haramain - Obsessive Oudh

"Hier ruik je dat overdaad niet schaadt. Veel wierook en oudh overgedoseerd. Dit bewijst dat geur een animaal spoor kan trekken dat comateuze lustgevoelens in een flits weet te reanimeren. Als een scherp op het hart gerichte pijl."