Nieuws Actueel

Topman Polman heeft geen tijd voor cynisme

Hij adviseert de paus, loopt bij de VN in New York in en uit en leidt daarnaast een multinational. Aan de vooravond van de VN-klimaattop in Parijs: Paul Polman over zijn missie om het klimaat te redden en de armoede uit te bannen.

Joop Bouma 24 november 2015

Parijsklimaatconferentiepaulpolmanunilever1065

Kom bij de baas van Unilever niet aan met doemverhalen over twintig mislukte klimaatconferenties. Paul Polman is in de eerste plaats ondernemer, hij ziet overal kansen. Nu zo veel landen de uitstoot van broeikasgassen fors willen terugdringen is er vooral reden voor optimisme, zegt hij tegen Trouw aan de vooravond van de 21ste VN-klimaattop, volgende week in Parijs.

Daar komt bij, Polman heeft een hardgrondige hekel aan zwartkijkers en somberdenkers. "Mensen die cynisch zijn, krijgen van mij geen tijd. Kritiek vind ik prima. Maar het gevaar in deze maatschappij zijn de cynici, het is een ziekte.

"Veel mensen zien Parijs nu al als een mislukking. Dat is te makkelijk. Voor het eerst hebben 182 landen plannen neergelegd om met elkaar de emissie van broeikasgassen met 30 tot 40 procent te verminderen. En dit gebeurt in een periode dat de wereld niet zo goed met elkaar praat. Toch leggen overheden uit al die landen een goed principeakkoord neer in Parijs. Dát is positief."

Maar oké, Polman weet ook wel dat het waarschijnlijk niet genoeg zal zijn. "Overheden kúnnen dit niet alleen. De politiek weet inmiddels: als we niets doen, worden onze burgers kwaad. Maar ook het bedrijfsleven moet meedoen en dat gebeurt. Er zullen vrij veel CEO's naar Parijs komen. We gaan per bedrijfstak kijken wat we kunnen doen. Zonder samenwerking komen we er niet. Deze conferentie kan wel het begin van het succes worden. Belangrijk is dat de grote landen meegaan: India, de VS, China, Indonesië, Rusland, zij moeten gezamenlijk ambitie tonen. Het succes zit 'm in de uitvoering."

Hij reist stad en land af, praat links en rechts met ministers, adviseert de paus, loopt in en uit bij VN-baas Ban Ki-moon in New York en zit ondertussen de captains of industry permanent op de huid. Als baas van een stevige multinational heeft hij makkelijk toegang tot de inner circles en daar maakt Paul Polman volop gebruik van.

Een gesprek met hem over het klimaat betekent hoofdzakelijk luisteren. Er is moeilijk een vraag tussen te krijgen, want hij heeft veel te melden. Z'n Nederlands is flink achteruitgegaan, hij woont allang niet meer in Nederland en drukt zich soepeler uit in het Engels dan in zijn moedertaal.

UrgendaPolman kijkt mondiaal, de Nederlandse politiek gaat goeddeels langs hem heen. "Het is duidelijk dat Nederland niet hoog staat op de index voor doortastend klimaatbeleid. Ik zou me daar als Nederlandse overheid niet gelukkig bij voelen. Urgenda heeft duidelijk gemaakt aan de Nederlandse overheid dat er nog wat wel moet gebeuren op klimaatgebied. Ik hoop dat Nederland ongelijk krijgt in het hoger beroep, zeg ik op persoonlijke titel. Nederland zou, gezien het belang van onze economie in voedsel en water, energie en landbouw, een vooraanstaander positie moeten innemen. Zweden en Denemarken zijn hard op weg neutraal te worden. Dat worden dus concurrerende economieën. Ze investeren ook veel in onderwijs, toch laten zij zien dat hun economie daardoor steeds sterker wordt. Delft en Wageningen zouden duurzame wereldinstituten moeten worden."

Hij merkt dat het internationale bedrijfsleven best wil veranderen. Er beweegt van alles. Maar het moet harder. Gevraagd naar de leidersrol van andere CEO's van multinationals, zegt hij: "De verandering is niet zo snel gegaan als ik had gehoopt. Bij Unilever hebben we de kwartaalcijfers afgeschaft. We publiceren nu alleen nog halfjaarcijfers. Weinig andere CEO's hebben dat gedaan. Ze zijn zich er wel van bewust dat er wat moet veranderen. Maar een gemiddelde CEO in grote bedrijven blijft vier jaar en er zijn er maar weinig die zich willen inzetten op een ander niveau."

Polman ziet een kentering bij investeerders en aandeelhouders. "Van het concept van winstmaximalisatie zijn veel mensen teruggekomen. Dat zie je op dit moment meer in Europa dan in de VS. Toch begint die balans beter te worden. Voor het Unilevermodel is het beter dat we aandeelhouders hebben die naar de langere termijn kijken. Wij zijn volledig gericht op het belang van de samenleving op de lange termijn. Daarom hebben wij een langetermijnmodel en concentreren ons niet op kwartaalcijfers. En: the trend is my friend. In de zeven jaar dat ik voorzitter ben van Unilever, is de prijs van ons aandeel meer dan verdubbeld."

Beleggers, ook de grote institutionele, keren zich af van bedrijven die met fossiele brandstoffen werken. Die desinvestering is een onomkeerbare ontwikkeling, voorspelt Polman. "Het momentum, ook in de financiële wereld, begint te komen. Vijf jaar geleden waren ze sceptisch. Als je ziet wat er in de laatste twee jaar is gebeurd, we zien de technologie nu heel snel ontwikkelen richting oplossingen."

Je moet als bedrijf die discussie stimuleren, vindt hij. "Wij hebben 17 miljard staan in eigen pensioenfondsen. Dat geld wordt op een verantwoorde manier belegd, volgens regels opgesteld door de Verenigde Naties. Wij zeggen tegen banken: als jij met ons zaken wilt doen, kun je geen geld lenen aan bedrijven die aan illegale ontbossing doen. Wij stellen eisen. Wij gebruiken onze waardeketen, onze invloed, ons bedrijf om dingen te veranderen. Die eisen stellen we aan alle onze 76.000 leveranciers."