Nieuws Actueel

Verzet tegen metaalbedrijven in Glanerbrug blijft

Van onze redactie 18 augustus 2015

Metaal thinkstock

Hun bezwaren richten zich nu op MR Metals, dat zich volgens hen in strijd met de regels en afspraken heeft gevestigd aan de rand van de bebouwde kom van Glanerbrug.BezwaarArnold ten Voorde en Sandra Robaard, die aan de Bultsweg op geen 100 meter van het bedrijf wonen, hebben vorige week bij de gemeente bezwaar ingediend tegen de vergunningverlening. De vergunning voor MR Metals betreft het bouwen van een keerwand c.q. geluidsscherm, het plaatsen van een weegbrug, handelsreclame en vlaggenmasten en het veranderen van de inrichting.ZwartsTen Voorde en Robaard ondervinden de meeste hinder van de eveneens dichtbij hun woning gelegen metaalhandel Zwarts. Tegen dat bedrijf voert ook de familie Withag al zes jaar strijd. Withag woont aan de andere kant van de spoorlijn, op 125 meter van Zwarts. Harriëtte en Fons Withag steunen met een eigen brief het bezwaar van Ten Voorde en Robaard tegen MR Metals. De bezwaarmakers vinden dat na alle problemen die zij zeggen te ondervinden van Zwarts (in containers vallend ijzer, schuiven met containers en het in elkaar drukken met een zware grijper van ijzer) geen vergelijkbare bedrijven bij hun woningen moeten worden gevestigd. Ze baseren zich onder meer op de categorisering van dit soort bedrijven in het bestemmingsplan, uitspraken van de rechtbank en een eerder door de gemeenteraad aangenomen amendement, dat het college opdraagt terughoudend om te gaan met ontheffingen voor deze locatie.

OverlastDe vergunningaanvraag van MR Metals bevat een verzoek om ontheffing van het bestemmingsplan. Dat kan volgens de aanwonenden niet. Zij zeggen dat het bedrijf MR Metals nu al werkzaamheden uitvoert, waarvoor feitelijk nog geen vergunning is verleend. Net als bij Zwarts ondervinden ze daarvan overlast.Volgens Harriëtte en Fons Withag komen er meer aanwonenden in actie. De gemeente geeft aan dat de vergunning nog niet is verstrekt, maar dat dit met enkele aanpassingen mogelijk moet zijn. De buurt voelt zich in de kwestie onvoldoende gehoord.