Nieuws Actueel

Vind je aan/uitknop: Moet ik het Bert vertellen?

Rik Nizet 21 mei 2015

Vind je aan uit knop nu kijkt bert echt boos middelgroot

Mirjam, pr-medewerker bij een groot bedrijf, moet vandaag uiterlijk om vijf uur weg om haar kind op te halen van het kinderdagverblijf. Aan het eind van de middag heeft ze een vergadering waarvan ze weet dat die steevast uitloopt. Ze twijfelt of ze open kaart zal spelen en tegen Bert, haar manager, zal zeggen dat ze op tijd weg moet. Lees verder uit de voorpublicatie van Vind je aan/uitknop! over hoe je switchts van ineffectief gedrag naar effectief gedrag. Ze zou hem kunnen vragen of hij als vader het dilemma herkent. Maar ze is bang dat hij haar niet ambitieus vindt, dat hij haar ziet als een moeder die haar prioriteit bij de kinderen legt en niet bij het werk. Dat wil ze niet. Ze besluit gewoon naar de vergadering te gaan, te hopen dat die niet te lang uitloopt en dan zo snel mogelijk naar het dagverblijf te rijden. AfwezigTijdens de vergadering heeft Mirjam moeite om zich te concentreren. Ze maakt zich zorgen; zou ze wel op tijd komen? Vorige week was ze ook maar net op het nippertje. Ze neemt maar half deel aan de vergadering. Bert merkt dat ze afwezig is, hij mist haar scherpte, terwijl hij haar aanwezigheid juist waardeert. OnzekerMirjam merkt dat Bert een paar keer naar haar kijkt. In plaats van dit als uitnodiging te ervaren, wordt ze onzeker: Bert merkt dat ik er niet bij ben, zou hij me sowieso te weinig aanwezig of ambitieus vinden? Ik moet wat zeggen, wat moet ik zeggen? Het moet iets slims zijn. ‘Waarom zouden we dit besluit nu moeten nemen?’ Ze hoort het zichzelf zeggen, maar het klinkt veel feller en vijandiger dan ze bedoelt. BoosNu kijkt Bert echt boos. Bert hoort de felle toon en begrijpt het niet, Mirjam vond dit toch een goed idee? Waarom deze stellingname? Is Mirjam toch niet zo enthousiast over het project als hij dacht?Minder effectie gedragHerkenbaar? Waarschijnlijk wel. We komen allemaal weleens in een situatie terecht waarin wat we willen, lijkt te botsen met wat anderen van ons verlangen. Als dat je overkomt, is het lastig om gewoon te doen wat je wilt doen, of wat nodig is. In plaats daarvan vertoon je veel minder effectief gedrag. En dat heeft gevolgen. Gevolgen waar je niet blij mee bent en die je eigenlijk juist wilde voorkomen. In Vind je aan/uitknop! leggen de auteurs Peter Klijsen, Kees van Dijk, Norbert Nielen en Pieter Klaassen uit hoe je aan de hand van een eenvoudig en doeltreffend model hoe het komt dat je soms ineffectief handelt en wat de gevolgen daarvan zijn. Bovendien ontdek je hoe je wél effectief met zo’n dilemma of situatie kunt omgaan.Iedereen heeft twee standen: AAN en UITSommige dilemma’s blokkeren je vermogen om effectief te handelen, terwijl je in andere ‘lastige’ situaties probleemloos doet wat je moet doen. Voor Mirjam is de angst om als niet-ambitieus gezien te worden zo’n grote hindernis, dat zij niet durft te zeggen dat ze op tijd weg moet. Maar ze heeft er bijvoorbeeld geen enkele moeite mee om in een vergadering stevig haar mening te geven als dat nodig is. Ze kan het dus wel: zich uitspreken. Waarom doet ze dat dan in sommige gevallen niet?Het AAN/UIT-model Net als Mirjam heeft iedereen twee standen: je kunt aan staan en op een vanzelfsprekende manier doen wat nodig is, en je kunt uit staan en ineffectief gedrag vertonen. Je hebt als het ware een aan/uit-knop waarmee je effectief gedrag in- en uitschakelt. Het verschil tussen aan en uit ontstaat door de manier waarop jij je tot je omgeving verhoudt. Afbeelding 1.1 geeft dat schematisch weer.Links in het model zie je de aan-stand, die staat voor effectief gedrag, je doet wat nodig is. Je baseert je handelen op je persoonlijke visie, krachtige persoonlijke principes, waarden en overtuigingen, een duidelijk besef van eigenwaarde en zelfvertrouwen. Je handelt autonoom, vanuit jezelf. Dat kun je, omdat je je baseert op wat we hier je schatkist noemen: jouw sterke bron, waaraan jij je zelfvertrouwen, visie, eigenwaarde en onwrikbare principes ontleent. Een behoorlijke mond vol, maar het komt erop neer dat jij simpelweg doet wat nodig is. Je handelt zuiver. Zonder ballast. In deze stand is je waarneming zuiver en is je communicatie duidelijk. Je bent om te beginnen duidelijk over je eigen inbreng, je hebt aandacht voor het verhaal van de ander en ten slotte bedenk je creatieve oplossingen. Rechts in het model vind je de uit-stand. In deze stand ga je niet uit van jouw schatkist, maar begin je bij de ander. Je baseert je op wat de ander (volgens jou) denkt en hoe die over jouw gedrag oordeelt. Je handelen wordt gevoed door een drang naar waardering. Je voelt je daarvan afhankelijk en als gevolg daarvan vertoon je ineffectief gedrag, dat vooral gericht is op het voldoen aan de door jou veronderstelde wens van de ander. Sta je in de uit-stand, dan ben je vooral bezig met de situatie overleven, redden en herstellen. Vanuit de uit-stand interpreteer je de feiten en de boodschap onzuiver. In jouw communicatie uit zich dat in wollig taalgebruik, soms te vragend zijn, soms te hard zijn of soms zelfs dichtklappen.AngstDuidelijk zijn en doen wat nodig is Het aan/uit-model bevat de verklaring én de oplossing voor problemen als dat van Mirjam. Ergens in het hoofd van Mirjam zit de angst om als niet-ambitieus gezien te worden. Als een vrouw die haar moederrol belangrijker vindt dan haar carrière. Deze gedachte zorgt ervoor dat ze overgevoelig is voor situaties waaruit haar ambitie of het gebrek daaraan zou blijken. Het is de ‘trigger’ waardoor ze uit gaat (zie de rechterzijde van afbeelding 1.1). Daardoor gaat ze in deze situaties niet van zichzelf uit, maar van wat de ander van haar zou kunnen denken. Ook als anderen daar helemaal niet mee bezig zijn ... Om haar dilemma op te lossen, moet ze haar aan-stand zien te vinden. Daarvoor moet ze van zichzelf uitgaan, zoals aan de linkerkant van afbeelding 1.1 gebeurt. Als Mirjam er zelf van overtuigd is dat ze altijd heel correct omgaat met haar ambities en prioriteiten en haar hand niet overspeelt, voelt ze zich niet bezwaard als haar besluit een keer in het voordeel van het thuisfront uitpakt. Ze hóéft zich niet te verantwoorden, want ze doet het allemaal prima. Duidelijk zijnDe volgende stap is dat Mirjam duidelijk is. En dat geldt in zulke stressvolle situaties altijd. Moet je eerder weg? Zeg dan: ‘Ik ga uiterlijk om vijf uur weg.’ Vervolgens licht je je mededeling toe: ‘Ik haal vandaag de kinderen op en het kinderdagverblijf sluit om zes uur.’ En daarna stel je je begripvol op. Wat betekent jouw beslissing voor de ander, de vergadering, het project? Is je baas bang dat een project in de problemen raakt door jouw handelen? Blijf dan heel even stil om te laten zien dat je zijn belangen erkent en ook het feit dat de situatie gewoon lastig en vervelend is. Zeg dan dat je je best realiseert dat het lastig is, maar blijf bij je punt. Kortom, toon begrip, maar pas jouw boodschap niet aan, hoe spannend dat ook voor jou is. Of hoe lastig de ander dat ook vindt. Duidelijk zijn over jouw besluit én laten merken hoe belangrijk jij dat vindt, maakt het gesprek makkelijker, want nu kun je samen praten over consequenties en oplossingen, in plaats van een zinloze en frustrerende discussie te voeren over jouw besluit. Duidelijkheid geven zal voor jou niet altijd leuk zijn, zeker als je eraan gewend bent om zaken voorzichtig te brengen of zelfs niets te zeggen. Realiseer je dan dat je met onduidelijkheid meer problemen creëert voor jezelf en ook voor de ander. Wanneer het je lukt om én duidelijk te zijn, én begrip te tonen, ontstaat er een situatie van cocreatie, waarin je samen tot een oplossing komt. In het voorbeeld van Mirjam kan haar manager Bert bijvoorbeeld voorstellen om een agendapunt waarvoor Mirjams inbreng gewenst is, naar voren te halen. Of Mirjam kan zelf met een of meer collega’s een apart overleg plannen, om buiten de vergadering tot zaken te komen. Belangrijk is dat ze niet gaat schipperen, maar in haar kracht blijft – óók als zij en Bert het niet eens worden. Schipperen zou in dit geval betekenen dat Mirjam ongewild overhelt naar Berts standpunt dat zij toch bij de hele vergadering aanwezig moet zijn, en uit ongemak over de ontstane situatie bijvoorbeeld zegt dat ze wel iets met het thuisfront regelt, terwijl ze weet dat dit niet mogelijk of zeer lastig is.