Nieuws Actueel

Waarom het in asielzoekerscentra wel mis móet gaan

Van onze redactie 2 oktober 2015

Image 5296009

Door Bob van Huët en Sander van Mersbergen

Vechtpartijen en incidenten zijn verklaarbaar: 1. Vrouwen erg kwetsbaar Bijna twee derde van de vluchtelingen die dit jaar in Duitsland arriveerden is onder de 30. Daarvan is driekwart man en een kwart vrouw. De verhouding is vergelijkbaar met de mensen die zich nu melden in de Nederlandse azc's. Vrouwen vormen een heel kwetsbare minderheid. Temeer in een omgeving van jonge mannen zonder vrouw of vriendin.Volgens een recent rapport van de VN over vrouwen in verschillende vluchtelingenkampen in Turkije, Libanon en Jordanië moeten vluchtelingenvrouwen vaak zorgen voor huisvesting en voedsel, maar zijn (seksuele) intimidatie, mishandeling, vernedering en isolement vaak hun lot.2. Enorme onzekerheid Verveling is een goede voedingsbodem voor incidenten, weet de Nederlands-Afghaanse schrijver Qader Shafiq, die zelf ook in azc verbleef. ,,Zijn vluchtelingen al op de plaats van bestemming als ze in een azc zitten? Ik denk van niet. Zolang mensen in de asielprocedure zitten, zijn ze onderweg. Dat geeft een enorme onzekerheid.'' ,,In een azc komt iedereen binnen met zijn eigen referentiekader en zijn eigen waslijst aan ervaringen. Vaak hebben ze een lange reis achter de rug. Ze missen hun gezin, hun cultuur, hun dorp. En ze zijn moe. Dat geeft spanning.'' ,,In het asielzoekerscentrum zoeken landgenoten elkaar op. Ik deed dat ook met de andere Afghanen toen ik hier in 1993 kwam. Dat komt voort uit melancholie. Je spreekt elkaars taal en kunt samen herinneringen ophalen. Bij andere groepen gebeurde hetzelfde. Die groepsdynamiek is heel gevaarlijk. Vaak zijn het ook nog groepen die van nature al op gespannen voet staan. Vergelijk het met voetbalfans. Je zet supporters van NEC en Vitesse ook niet samen in een trein. Ik had destijds problemen met fundamentalistische, Algerijnse moslims die afkeurden dat ik wijn dronk.'' ,,Een andere bron van onrust is verveling, het feit dat je 24 uur op elkaars lip zit in een kleine ruimte. Ook vluchtelingen moeten iets om handen hebben, dat geeft waardigheid. Toen ik in het azc in Schildwolde zat had ik het geluk dat ik vrijwilligerswerk kon doen op een kinderboerderij. Dat was fantastisch. Het zorgde ervoor dat we konden ontsnappen aan de verveling van het azc.''3. Niet alleen moeder Teresa's In de vluchtelingeninfrastructuur hebben criminele bendes een dikke vinger in de pap. Er varen weinig boten zonder dat mensensmokkelaars daar beter van worden. Ook zijn er veel geluiden over IS-strijders en criminelen die meeliften op de vluchtelingenstroom. Of het waar is? Bewijs is er niet. Net zo min als dat kan worden bewezen dat er géén IS'ers tussen de vluchtelingen zitten. Hoe dan ook: in de azc's zitten niet alleen moeder Teresa's. Jonge vluchtelingen beschuldigen elkaar onderling van diefstal. Dat zet de verhoudingen extra op scherp.4. Stoppen slaan snel door bij pubers ,,Jongens van die leeftijd zijn nog dom. Die vechten. Daar moet je je verder niet zo druk over maken." Een bewoner van het azc in Almelo had de oorzaak van de vechtpartij die daar vorige week plaatsvond snel gevonden. Het is de leeftijd.'' Daar zit misschien wel wat in. De vijf arrestanten in Almelo waren allemaal 16 of 17 jaar oud. Ook in het azc in het Utrechtse Overberg waren het jonge jongens die elkaar met bedbodems, glazen en brandblussers te lijf gingen. ,,In Drachten, eergisteren, hetzelfde verhaal. Hier vochten twee groepen jongeren (Syriërs tegen Eritreeërs) om een gestolen telefoon. Twee jongens, 16 en 17, werden aangehouden. Dat jonge jongens heetgebakerd zijn, is algemeen bekend. Ga eens op een voetbalveld kijken, op zaterdagmiddag, of een paar uur later in de kroeg. Zet ze met honderd man 24 uur op elkaars lip, en de kans is groot dat er iets gebeurt. Je kunt het op elke opvoedsite teruglezen: in de puberteit gieren de hormonen door het lijf, zijn ze op zoek naar hun grenzen, de hersenen zijn een kookpot. Tel daar een soms traumatische jeugd en een lange, gevaarlijke vlucht bij op en de stoppen slaan (snel) door.''5. 'Meeste Syriërs hoogopgeleid Tot nu toe gaat het in Nederland (als het mis gaat) vooral mis tussen Syriërs en Eritreeër. De verschillen tussen beide groepen zijn groot, niet alleen wat ras en religie betreft. Qua opleidingsniveau gaapt er een groot gat tussen beide groepen. Syriërs zijn over het algemeen erg goed opgeleid ten opzichte van de vluchtelingen uit andere landen. De Duitse overheid becijferde het voor de Duitse vluchtelingenpopulatie. Van de Syriërs heeft de helft gymnasium of hoger onderwijs gevolgd. Voor de totale populatie is dat 31 procent. Dat is inclusief de Syriërs, dus het cijfer voor de andere groepen ligt nog lager. Natuurlijk, je gaat er niet meteen om vechten, maar het mengt wat minder makkelijk.6. Sprinkhanenvreters en ander 'tuig' Etnische verschillen tussen de diverse groepen vluchtelingen spelen zeker een rol in onderlinge rivaliteit. Syriërs en Afghanen matchen slecht. Over het algemeen gaat er weinig liefde verloren tussen Arabieren (oorspronkelijk uit Saudi-Arabië, Jemen en de Golfstaten maar later uitgebreid naar de Arabisch sprekende landen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten) en Perzen (Iraniërs, Afghanen en Tadzjieken). Laatstgenoemden beschouwen zichzelf als een elitevolk en kijken vaak neer op Arabieren die zij plagerig 'sprinkhanenvreters' noemen. Tussen Arabieren en zwarte Afrikanen bestaat openlijk racisme. Lang waren de Arabieren de belangrijkste slavenhandelaren op het Afrikaanse continent. Dom racisme naar Afrikanen tiert ook welig bij Oost-Europese vluchtelingen (Albanezen, Kosovaren, Bulgaren). Onderling is er veel rivaliteit tussen Afrikaanse stammen. Doorgaans hoger opgeleide en welvarender Afghanen (Tadzjieken) kunnen vaak moeilijk door een deur met de Pathanen.7. Soennieten tegen sjiieten Op dit moment zijn er negen burgeroorlogen aan de gang in overwegend islamitische landen. Er wordt gevochten in Afghanistan, Irak, Syrië, zuidoostelijk Turkije (Koerden), Jemen, Libië, Somalië en noordoost Nigeria (Boko Haram). Miljoenen mensen zijn gevlucht naar veiliger oorden. De meeste religieuze conflicten laaiden op na de aanslagen van 11 september 2001 in de VS en na 2010 (Arabische Lente). Soennieten bevechten sjiieten en andersom. Op de achtergrond vechten enerzijds Saudie-Arabië en de Golfstaten (soennieten) en anderzijds Iran (sjiieten) om de hegemonie binnen de islam. De meeste Afghanen komen hier via Iran. Ze zijn overwegend sjiitisch en sterk beïnvloed door de Iraanse propaganda die pro president Al-Assad is (zelf behorend tot een sjiitische stam). Dit terwijl de meeste gevluchte Syriërs juist soennieten zijn of christen. Vluchtelingen hebben vaak familieleden voor hun ogen vermoord zien worden door extremisten van het andere kamp. In hun bagage hebben ze veel trauma's en haatgevoelens.