Nieuws Actueel

Zoon van gastarbeider nu directeur Philips Winterswijk

Van onze redactie 12 juni 2015

Ozkan Tece Jan van den Brink

Hij rijdt elke dag van Eindhoven naar Winterswijk. „De job is te aantrekkelijk om het niet te doen.” Naar de Achterhoek verhuizen zit er niet in. „Ik heb een gehandicapte zoon die door een stofwisselingsziekte gebonden is aan een rolstoel. Dat maakt ons gezin niet heel mobiel. En ik ga deze functie geen tien jaar uitoefenen. Ik zit nog in een carrièrefase waarin meer mogelijk is.” Talent en ambitieDe 39-jarige Tece is een ‘black belt’ binnen Philips. Dat zijn ‘zwaargewichten met talent en ambitie’, mensen van wie het bedrijf veel verwacht. Sinds 1 januari 2013 leidt hij de vestiging in Winterswijk. Onder zijn aansturing maakt die locatie een draai van massaproductie naar maatwerk. „Oost-Europa en China kunnen de massafabricage goedkoper doen dan wij. Wij moeten ons onderscheiden met wendbaarheid, innovatie, kwaliteit en klanttevredenheid. Zolang wij de goedkope landen voor zijn hebben we in Winterswijk bestaansrecht.”Krachtig volkTwee jaar geleden bestond 20 procent van de productie in de Achterhoek uit maatwerk, nu is dat 60 procent. Om die draai te maken is er flink in het personeel gesneden. Eind 2012 vertrokken er meer dan tweehonderd mensen. Een jaar later, onder Tece, vertrokken er nog eens vijftig. „Als we deze move niet hadden gemaakt kwam sluiting van de fabriek in Winterswijk dichterbij.”Tece leerde onder die omstandigheden de Achterhoeker kennen. „Een krachtig volk. Ze hebben hart voor de zaak en voor elkaar. Het zijn mensen die je niet laten vallen, daarom bestaat deze fabriek ook nog. Er is met tranen afscheid genomen van collega’s, maar er werd ook keihard doorgewerkt.”Passie voor mensenAndersom wordt er op de werkvloer met warmte gesproken over de directeur. „Als je gewoon jezelf bent en luistert heb je een belangrijk fundament van succes te pakken. Ik heb passie voor mensen. Een mens is heel krachtig, in positieve en negatieve zin. Ik wil laten zien dat ik luister en wil dat dat visueel wordt. Als het personeel vindt dat de fabriek er niet mooi uitziet dan moet ik daar wat aan doen.” Daar profiteert hij zelf ook van: „Ik put energie uit de tevredenheid van mensen.”Op welke plek die mensen zitten, doet er niet toe. „Ik heb als student gewoon in een magazijn gewerkt en ik kom uit een arbeidersgezin. Mijn ouders hebben het niet ruim gehad. Ik heb ook de andere kant van de munt gezien.”

Foto: Jan van den Brink