Nieuws Brexit

Brexit-column: Johnson met rug tegen de muur

Ook Boris Johnson kan niet toveren en de tegenstrijdige beloftes uit het Brexit referendum waarmaken. Maar, hij heeft het zichzelf nog een stuk moeilijker gemaakt met korte-termijndenken en een reeks strategische fouten.

Lennard van Otterloo 10 september 2019

Brexit 1065

Eigen doelpunt één: alleen al het aankondigen van het schorsen van het parlement heeft de oppositie –zowel buiten als binnen z’n eigen partij– tegen hem verenigd.

Eigen doelpunt twee: toen duidelijk werd dat de schorsing meer was dan een dreigement gaf dat zijn tegenstanders de nodige druk om alle plannen ineens versneld door te voeren. Er was geen tijd meer voor voordeel van de twijfel en dus verloor hij wéér een stemming. Nu is hij gedwongen een deal te sluiten of anders uitstel aan te vragen.

Eigen doelpunt drie: de dreiging om iedere Conservative die niet met de regering meestemde uit de partij te zetten bleek niet indrukwekkend genoeg. Toen hij die dreiging daadwerkelijk moest uitvoeren was hij direct zijn minieme meerderheid kwijt.

Eigen doelpunt vier: er vanuit gaan dat hij zelf wel even kon bepalen wanneer er vervroegde verkiezingen komen. De oppositiepartijen doorzagen het spel en willen pas verkiezingen ná uitstel van de Brexit. Doordat er nu vier potentieel middelgrote partijen in een tweepartijenstelsel geperst zijn is de uitslag onvoorspelbaar maar potentieel desastreus voor de Conservative Party.

Wantrouwen

De eigen doelpunten zijn stuk voor stuk fouten die voortkomen uit arrogantie en korte-termijndenken. Niet veel anders dan Theresa May. Het grote verschil tussen May en Johnson zit hem echter in de lange termijn. Boris Johnson staat al sinds z’n jeugd bekend als een leugenaar. Hij is twee keer ontslagen voor liegen, één keer als journalist en één keer als parlementslid. Een decennia lang opgebouwde reputatie die hem nu parten speelt. Leavers, Remainers, de oppositie, de EU27 en zélfs z’n eigen partijgenoten, niemand vertrouwt hem. Nu hij om vertrouwen moet vragen om de resterende zes weken een oplossing te vinden is er niemand die het hem wil geven. Hij bleek de wedstrijd al met een achterstand begonnen.

Uitwegen

Hij staat inmiddels zeven-nul achter en veel uitwegen zijn afgesloten. Uitstel vragen kost hem waarschijnlijk de kop, ofwel intern ofwel bij de volgende verkiezingen. Aansturen op No Deal betekent dat hij waarschijnlijk de derde week van oktober een motie van wantrouwen verliest (acht-nul?) en vervangen wordt door een soort overgangsregering van oppositiepartijen. Dan toch maar een deal?

Zo lijken we ineens terug in voorjaar 2018, toen Theresa May akkoord ging met een deal maar binnen een dag werd teruggefloten door gedoogpartners, de extremisten van de DUP.

Douane aan zee

Het hele probleem draait nog steeds om de grens tussen Noord-Ierland en de Ierse Republiek. Als het Verenigd Koninkrijk wil kunnen afwijken van, bijvoorbeeld, Europese voedselveiligheidsstandaarden dan kunnen melk of vlees niet meer zonder keuring die grens over. De EU27 willen geen onbewaakte achteringang voor Amerikaanse chloorkip of hormoonvlees. Een grens dwars over het Ierse eiland heeft tot een decennia durende burgeroorlog geleid dus die wil vrijwel niemand terug. Dan maar Noord-Ierland de EU-regels laten houden en een grens door de Ierse zee.

Praktisch is het de makkelijkste oplossing, politiek is het lastiger. De DUP zal Johnson nog steeds niet vertrouwen maar voor hen speelt het risico dat teveel nare gevolgen van een grens over land de eenwording van de Ierse Republiek en Noord-Ierland juist versnellen. Het laatste wat ze willen.

Zowel de DUP als Johnson staan dus met hun rug tegen de muur. Kiezen ze noodgedwongen voor een oplossing die in ieder geval op de korte termijn uitweg biedt? Zien we de geschiedenis, dan is het antwoord: ja.