How-to Belasting

Belastingvoordelen voor starters benutten begint bij de OndernemersCheck

De Belastingdienst wil startende ondernemers, veelal zzp’ers, helpen bij het voorkomen van fouten op het gebied van administratie en belastingzaken. Dit artikel geeft uitleg over fiscale regelingen waar startende ondernemers mogelijk gebruik van kunnen maken.

Van onze redactie 8 november 2019

Startende ondernemers horeca

De overheid geeft startende ondernemers een steuntje in de rug met aftrekposten, zoals de zelfstandigen- en startersaftrek.

De overheid geeft startende ondernemers een steuntje in de rug met aftrekposten, zoals de zelfstandigen- en startersaftrek. Daarmee verlagen ze hun fiscale winst – de winst die ze aangeven bij de Belastingdienst - waardoor ze minder belasting betalen. Om de regelingen te kunnen benutten, moet de Belastingdienst je beschouwen als ondernemer voor de inkomstenbelasting.

De OndernemersCheck

Ook al voel je jezelf ondernemer, wil dat nog niet zeggen dat je dit voor de inkomstenbelasting bent. Daar krijg je zicht op door De OndernemersCheck te doen. Wie de check invult, krijgt na het invullen van maximaal 20 vragen een indicatie of de Belastingdienst hem of haar beschouwt als ondernemer voor de inkomstenbelasting. De vragen gaan over de zelfstandigheid van de ondernemer, het ondernemersrisico, de continuïteit en de omvang van het bedrijf.

Aftrekposten voor ondernemers

Ben je ondernemer voor de inkomstenbelasting, dan heb je in ieder geval recht op de MKB-winstvrijstelling. In 2019 kun je hiermee je fiscale winst met veertien procent verlagen. Dit doe je nadat je jouw winst met aftrekposten als zelfstandigenaftrek en startersaftrek– als je daar recht op hebt - hebt verlaagd.

Als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting én voldoet aan het urencriterium, kom je in aanmerking voor de ondernemersaftrek. Onder deze algemene term vallen onder andere de zelfstandigen- en startersaftrek. Bij het invullen van je aangifte inkomstenbelasting krijg je een aantal vragen om te bepalen of je er recht op hebt. Als dat zo is, wordt het bedrag automatisch van je winst afgetrokken.

Met de zelfstandigenaftrek kun je jaarlijks een bedrag van je winst aftrekken. Voor 2019 is dat 7.280 euro. De startersaftrek is een verhoging van de zelfstandigenaftrek. Starters die recht hebben op zelfstandigenaftrek kunnen met de startersaftrek nog 2.123 euro meer van hun winst aftrekken. Deze startersaftrek krijg je maximaal drie keer in de eerste vijf jaar van je onderneming. Ben je al eerder ondernemer geweest dan gelden er aanvullende voorwaarden.

Ben je starter en is je winst te laag om het volledige bedrag van de ondernemersaftrek te kunnen aftrekken, dan mag het resterende bedrag worden verrekend met de winst van de drie voorgaande en de negen volgende jaren. De winst in die jaren moet dan wel hoger zijn dan de aftrek.

Urencriterium

Voor sommige ondernemersaftrekken moet je voldoen aan het urencriterium. Het houdt in dat je als ondernemer in een kalenderjaar 1.225 uur of meer aan je bedrijf besteedt. Deze eis geldt ook wanneer je een bedrijf in de loop van het jaar start of beëindigt. Niet enkel de tijd waarin je voor de klant werkt, maar alle uren die je in je bedrijf stopt, tellen mee: van reistijd tot en met het onderhouden van de bedrijfswebsite. Houd je uren die je aan je bedrijf besteedt goed bij, want de Belastingdienst kan vragen om ze aannemelijk te maken.

Zakelijke kosten aftrekken

Als ondernemer kun je bovendien je zakelijke kosten aftrekken van je bedrijfsomzet. Dat wil zeggen dat je de kosten die vereist zijn voor het runnen van je bedrijf kunt aftrekken van jouw opbrengsten. Daardoor betaal je minder belasting. Kosten die niet te bestempelen zijn als zakelijk, zijn niet aftrekbaar.

Voorbeelden van zakelijke kosten zijn onderhoudskosten, de huur van een bedrijfsruimte of de aanschaf van vakliteratuur. Soms is er sprake van gemengde kosten. Denk aan een telefoonabonnement dat de ondernemer zowel zakelijk als privé gebruikt. Wanneer het privé-aspect overheerst, is het bedrag niet van de opbrengst af te trekken. Er zijn ook kosten die een ondernemer niet in één jaar mag aftrekken maar moet spreiden over een aantal jaar – dat heet afschrijven. Denk hierbij aan investeringen in bedrijfsmiddelen van 450 euro of meer die een ondernemer langer dan een jaar gebruikt. Daarbij houdt de ondernemer ook rekening met de restwaarde van de aankoop: de waarde die overblijft na gebruik.

Dit is het tweede artikel in een reeks. De volgende online artikelen gaan over (online) administratie en autogebruik (privé/zakelijk).

Wil je meer weten over aftrekposten waarmee je jouw belasting verlaagt? Ga dan naar belastingdienst.nl/starters of bezoek één van de gratis startersvoorlichtingen van de Belastingdienst op een locatie bij jou in de buurt.