Nieuws

Van Capelse marktjongen tot enthousiaste Rotterdamse horecabaas

De Rotterdamse horecaondernemer Ron de Jong is een jongen van de markt. Hij greep z'n kansen en verlevendigt het Rotterdamse uitgaansleven, schrijft het AD.

JORIEN DE WIT | FOTO JAN DE GROEn 22 februari 2018

Jdg230118spiegel Z4 A1539

Wat ziet u als u in de spiegel kijkt?

,,Ik zie iemand die ouder is dan dat hij zich voelt. Leeftijd is niet heel belangrijk. Ik ben verder ook niet echt ijdel. Ik kijk in de spiegel tijdens het tandenpoetsen en verder bijna niet. Wat ik ook zie, is iemand die er elke dag weer zin in heeft.''

Dat is mooi! Genoeg mensen gaan met tegenzin naar hun werk.

,,Ik vind wat ik doe fantastisch. Momenteel heb ik nog Bokaal, Weena en Pix onder mijn hoede. Ik ben altijd bezig met nieuwe dingen bedenken.''

U heeft vele successen op uw naam staan. Hoe is het begonnen?

,,Ik moest eigenlijk in militaire dienst, maar werd afgekeurd. Ik werkte toen al op de markt in Rotterdam. Ook zat ik nog op de meao, maar de gezelligheid stond bij mij boven het leren. Toen ik inderdaad fulltime aan de bak ging, heb ik ook niets meer voor mijn laatste toetsen gedaan. Die moest ik eigenlijk halen om over te gaan.''

Van marktman naar horecaondernemer. Best een overgang toch?

,,Het ondernemende zat er al wel vroeg in. Ik stond twee jaar met mijn oudere broer op de markt en we wilden samen een kraam beginnen. Toen kwam er iets anders op mijn pad: een maatje werkte in Capelle en toen ben ik ook in het toenmalig eetcafé Schenkel gaan werken. Toen er een mooie locatie op het Stadsplein in Capelle vrij kwam, zijn we daar eetcafé De Tijd begonnen. Ik heb daar heel veel van geleerd, die eerste vijf jaar van mijn ondernemerschap. Daarna wilde ik écht naar Rotterdam: de stad waar het gebeurt.''

U liet dus geboorteplek Capelle aan den IJssel achter u.

,,Ja joh. Ik ben gewoon gek op Rotterdam. Alle drie mijn kinderen zijn wel in Capelle geboren. Ik vroeg nog aan m'n vrouw of het écht niet anders kon! Het blijft je achtervolgen, haha.''

Uw zaken draaien goed, toch?

,,Ik heb ook veel geluk gehad. Een kennis van de familie van mijn compagnon heeft in ons geïnvesteerd voor café De Tijd. Banken wezen ons af, want we hadden geen eigen geld. Uiteindelijk vonden we een ruimte op het Westelijk Handelsterrein in Rotterdam: een kelder. Ik had veel gereisd en inspiratie opgedaan, maar in mijn enthousiasme één ding over het hoofd gezien: we openden in april en dan gaan mensen niet in een kelder, maar buiten zitten. Uiteindelijk ben ik alleen doorgegaan met mijn vrouw. Vanaf de winterperiode liep die zaak super.''

Is er ook wel eens iets mislukt?

,,Ik heb een keer een tentje in Zevenbergen gehad. Daar begon ik vol enthousiasme, maar ik heb er maar een klein jaar gedraaid. Het was een leerproces: daar werkt het anders dan in Rotterdam. Horeca in de buitengemeenten kan super zijn, maar in Rotterdam gebeuren unieke dingen.''

Ondernemer en vader zijn: is dat een lastige combinatie?

,,Ja, ik heb in de tussentijd ook een paar keer een stapje terug gedaan. Ik wilde een goede vader zijn en heb toen een aantal zaken verpacht aan het personeel. Ik vind het heel belangrijk om thuis te eten. Het is wel lastig hoor. Veel afspraken lopen bijvoorbeeld uit. En de kinderen doen ook aan hockey en voetbal. Ze moeten op verschillende dagen en tijden trainen. Gelukkig regelt mijn vrouw alles heel goed.''

Een aantal zaken is veranderd. Waarom is dat?

,,Pix was eerst Level. Die overstap verbaasde veel mensen, maar in de trendy horeca is je houdbaarheidsdatum wat korter. Mensen zoeken snel naar iets anders. Hetzelfde verhaal met Blender, dat is Supermercado geworden. We gingen met Blender voor een volwassenere doelgroep, waarvoor in Rotterdam nog niet veel was. Je wilt blijven ontwikkelen en we hebben het over een andere boeg gegooid. We willen alleen maar hoogwaardige horeca neerzetten. Supermercado en Pix doen het heel goed.''

Er zijn ook nieuwe plannen.

,,Klopt, ik ben bezig met een nieuwe zaak! De Gele Kanarie. Het moet een heel toegankelijke zaak worden, waar iedereen zich thuis voelt. Die komt op de hoek van de Goudsesingel en Mariniersweg. In deze zaak hoop ik iets meer entertainment te kunnen neerzetten. De Gele Kanarie heeft eigenlijk een dubbele betekenis: het is een uitspraak van Martin van Waardenberg, waarmee hij een biertje bedoelt. En een kanarie is ook een zangvogel. Dat duidt de livemuziek goed aan. Rotterdam-Centrum is als een olievlek die op een positieve manier steeds groter wordt. Mede door de Erasmus Universiteit wonen er veel studenten in het centrum. Dat is top! Studenten zorgen voor een bruisende binnenstad.''

U vertrouwt erg op uw gevoel.

,,Ik ben opportunistisch en absoluut niet rationeel. Ik ben heel erg enthousiast. Dat kan ook een valkuil zijn, maar het heeft vaak goed uitgepakt. Iedere zaak heeft zijn eigen dna. Je kunt niet rationeel bedenken wat wel of niet werkt. Ik doe alles op onderbuikgevoel. Beren op de weg? Die zie ik niet snel. Gelukkig geeft mijn vrouw me de ruimte, maar ze houdt me ook in balans. Zonder haar had ik nooit zover kunnen komen.''

Waar doet u inspiratie op?

,,Ik ben gek op reizen. Weena is bijvoorbeeld geïnspireerd op de Londense Bank District. Mensen gaan daar doordeweeks na het werk borrelen. Dan hoeven ze niet in ellenlange files te staan. Bij Weena werkt dat ook goed: je ziet dat veel mensen nog even gezellig met elkaar een drankje doen en een hapje eten. Ik doe graag inspiratie op in grote metropolen.''

Maar Rotterdam blijft nummer 1, toch?

,,Rotterdam ontwikkelt zich zo snel. Het is een fantastische stad! Hier loop je met trots doorheen. Als Rotterdam-Zuid Feyenoord City krijgt, wordt dat stadsdeel ook top. Het lijkt me wel wat om daar horeca te runnen, trouwens.''

Bent u tevreden met uw spiegelbeeld?

,,Ja! Uiterlijk gezien ben ik niet veeleisend. Ik zou iemand ook niet daarop veroordelen. Karakter is zoveel belangrijker. In mijn werk ben ik overigens wel veeleisend. Ook in mijn naaste omgeving. Maar ik zie wel altijd het zonnetje: een tegenslag is een leermoment. Ik ben heel dankbaar voor de keren dat ik ben geholpen. Je moet kneiterhard werken, maar dat is niet erg. Volgens mij krijgt iedereen kansen. Pak ze!''