Nieuws

Wim Vollenberg: ondernemer in koffie en huizen

Hij is het levende bewijs dat aan ondernemen geen leeftijdsgrens kleeft. Wim Vollenberg (70) uit Megen doet volop in koffie en huizen, schrijft het Brabants Dagblad. Hij is een doener. "Van slechte koffie kun je geen goeie maken, maar van goeie wel slechte."

Mari van Rossum | Foto: Van Assendelft 7 maart 2017

WIMVOLLENBERG1

Noem het een vederlichte terechtwijzing of liever gezegd een goedmoedige verbetering: nee, dit speciale goedje dat hij bij een dampend kopje ‘caffe’ serveert, mag je zeker niet als koffiemelk, of nog erger, als creamer betitelen. "Nee, beste vriend, dit is koffieverrijker. En dat is toch heel wat anders."

Was getekend: Wim Vollenberg, ondernemer in koffie, thee en aanverwante artikelen. "Ik drink overigens zelf alleen maar zwart. En suiker in de koffie is voor mij al helemaal uit den boze. Als ik zoiets voorgeschoteld krijg, verdwijnt die prut in een onbewaakt moment ogenblik in een aanwezige plantenbak." Ook al mag de 70-jarige koffiekenner -geboren te Oss, woonachtig in Megen- officieel niet de titel van barista dragen, hij is in de loop der jaren wel ervaringsdeskundige geworden.

En dat op een leeftijd dat menigeen na een arbeidzaam leven er liever de pannen op zou leggen. Niet voor ‘Wimme’. Hij kan niet stilzitten. Moet iets om handen hebben. En dan liefst als business. "Ik ben er overigens wel achter dat je van slechte koffie geen goeie kan maken, maar van goeie wel slechte. Gelukkig is de bonenkoffie aan een niet te stuiten opmars begonnen. Nee, voor mij geen filterkoffie of van dat vriesdroge. Het tegenstrijdige is wél dat juist de komst van de Senseo de koffie weer op de kaart heeft gezet. Een wedergeboorte, ja, dat woord zocht ik."

Hoe belandde je überhaupt in de wereld die koffie heet?
"Tja, da’s niet in een paar woorden samen te vatten. Ik kom namelijk uit een totaal andere wereld, werkte een groot deel van mijn leven in de assurantiën, als inspecteur bij de Generali Verzekeringsgroep. Een einzelgänger was ik. Die vooral op de baan zat, kind aan huis was bij makelaars, tussenpersonen en banken. Ik verdiende een goeie boterham. Maar koffie, nee, daaraan dacht ik die lange jaren ook maar één seconde. Op mijn vijftigste -ik had er toen al ruim dertig jaar op zitten- heb ik een switch gemaakt."

"Ik had namelijk voor mijn oudste dochter die in Nijmegen ging studeren een beleggingspand gekocht. In de Voorstadslaan, een dubbele woning, uit 1902, met in totaal tien kamers. Puur toevallig kwam ik daaraan. Dat was de start van mijn leventje in het onroerend goed."

Maar nog steeds geen koffieambities.
"Nee, klopt. Toen ik in 1996 stopte als inspecteur was ik me van één ding zeer bewust: ik wilde niet net als mijn vader té jong sterven na alleen maar gewerkt te hebben. Vanaf het moment dat ik in de huizenwereld dook, ben ik als een soort van pensionado gaan leven. Tussen mijn 50ste en 63ste -de periode van pandje kopen, pandje verkopen- heb ik niks ‘geleeje’. Ik was geen huisjesmelker, kon wel keihard zijn, maar dat dan altijd goed beargumenteerd. En nou komt de link naar de koffie: in die huizenhandel zit ik nog steeds, daar kón en kán ik de koffie van ‘doen’."

Toch lijkt de stap van stenen naar koffiebonen niet heel logisch.
"Is ‘ie ook niet. Ook in de koffie ben ik min of meer puur toevallig gerold. Ik had namelijk, op verzoek van een bevriende accountant, geïnvesteerd in een groothandel in koffie. Die draaide goed, maar toen de eigenaren met allerlei guppen-ideeën op de proppen kwamen, was het liedje snel uit en ging de boel failliet. Met mijn geld erin. Zuur ja. Het importeurschap van die Caffe Costadoro kwam vrij, ik had echter de ballen verstand van koffie en mocht van de Italiaanse koffiebranders pas hun merk verkopen als ik een barista in dienst nam. Dat werd Stephan van Daal, die destijds een winkel in Uden had."

Een goede keus?
"Dat kun je wel stellen, ja. De koffie loopt als een trein. We zitten hier in dit verbouwde pand aan de Pastoor Bloemstraat -in 1956 gebouwd door mijn vader- inmiddels met zijn zessen, onder wie drie barista’s. Nee, zelf ben ik dat dus niet. In de koffiewereld ben ik geen specialist maar een generalist. Ik kan nog steeds niet stilzitten, moet ondernemen: naast Costadoro hebben we namelijk ook een eigen blend, de Lavoro, en een eigen fairtrade-koffie."

En je hebt afgelopen jaar ook nog de winkel Kookstijl gered.
"Klopt ook, maar niet alleen hoor. Stadgenoot uit Megen, Mark van de Camp, belde me een dag voor de executieveiling op om die te voorkomen. Dat lukte niet meer. Omdat de voorraad al was verpand aan de bank deden wij een totaalbod op de inventaris. We wilden die unieke winkel in hartje Oss dolgraag redden: Kookstijl werd ook van ons. We zijn nu volop achter de schermen aan het werken om de formule weer levensvatbaar te krijgen. Hoe en wat, nee, daarover mag ik nog niks zeggen."

Is er ook nog een thuisleven voor deze 70-jarige?
"Haha, ik heb gelukkig Mieke die veel maar niet alles goed vindt. Want ik ben ook nog voorzitter van de Megense fanfare -al kan ik geen noot lezen-, voorzitter van motorclub De Torenrijders en voorzitter van watersportvereniging De Vliet. En sinds kort beheer ik ook nog het importeurschap van Poolse bouwmaterialen. Druk? Nee, joh."

Ik ben er achter dat je van slechte koffie geen goeie kan maken, maar van goeie wel slechte

Koffie-ondernemer Wim Vollenberg