Nieuws Innovatie

Zaagsel als basis voor stookolie: zo doet het bedrijf BTG dat

Moedig ondernemerschap van eigen bodem: BTG uit Enschede wil 's werelds eerste raffinaderij gaan bouwen die schone biobrandstof voor de scheepvaart levert. Hoe? Ceo René Veenendaal legt het ons uit.

Leo van Raaij 20 november 2019

BTG Rene Veenendaal

BTG-ceo René Veenendaal met een fles pyrolyseolie (links) en een fles scheepvaartdiesel (rechts). ©ABBINK FOTOGRAFIE

De teerachtige brandstof waar schepen nu op varen, moet op termijn helemaal verleden tijd zijn. De biodiesel van BTG-next moet de sterk vervuilende traditionele stookolie uit de markt gaan prijzen. Dat er nog een lange weg te gaan is, beseft ceo René Veenendaal als geen ander.

De techniek om olie te winnen uit biologisch restmateriaal, zoals zaagsel van houtzagerijen, is al 25 jaar oud. Het eindproduct, de zogenoemde pyrolyseolie, is voor BTG-next de basis voor het eindproduct: schone dieselolie voor schepen. BTG is een spin-off van de Universiteit Twente.

Demofabriek

De eerste (proef)fabriek wordt binnenkort gebouwd. Uiteindelijk moet de duurzame olie tot een aantal commerciële raffinaderijen leiden. Het Enschedese BTG-next investeert, samen met het Amsterdamse GoodFuels, tonnen in de voorbereidende activiteiten in de nieuw te bouwen demonstratiefabriek. De demofabriek heeft een beoogde capaciteit van duizend ton scheepvaartdiesel per jaar.

,,Dat is voldoende om aan te tonen dat de technologie zal werken en dient als basis voor verdere opschaling'', stelt Veenendaal in het AD. De beoogde locatie van de nieuwe demonstratiefabriek is 'zo dicht mogelijk bij huis', aldus Veenendaal. Hengelo is de meest voor de hand liggende plek, naast de Empyrofabriek (waar de pyrolyseolie wordt gemaakt).

Commercieel succes

GoodFuels, dat marktleider is in duurzame biobrandstoffen voor de scheepvaart, wil de biologische diesel in de praktijk testen om te zien of het ook een commercieel succes kan worden. Doel van BTG-next en GoodFuels is uiteindelijk commerciële fabrieken te bouwen met een capaciteit van enkele tienduizenden tot mogelijk honderdduizenden tonnen scheepvaartdiesel per jaar.

,,Het wordt de kunst op te schalen zonder enige concessie te doen aan de duurzaamheid van de gebruikte grondstof'', zegt Dirk Kronemeijer van GoodFuels. "Dit project voldoet aan alle cruciale succescriteria.'' Veenendaal hoopt dat ook de commerciële raffinaderijen al op een beperkte schaal rendabel kunnen zijn. ,,We mikken op investeringen in de orde van grootte van 200 miljoen euro per fabriek. Maar we zien nu al dat veel potentiële klanten, vanwege de vraag vanuit de markt, liever grotere fabrieken neerzetten.'''

Kritiek

Een andere loot aan de BTG-stam, namelijk BTG-BTL, verkocht eerder dit jaar pyrolysefabrieken aan Finse en Zweedse bedrijven, die ze nabij hun houtzagerijen laten opbouwen. Ook deze fabrieken gaan uit zaagsel pyrolyseolie maken, waarvan eveneens biodiesel voor de scheepvaart gemaakt kan worden.

Veenendaal kent de recente kritiek op het gebruik van biomassa, maar zegt dat in dit geval appels met peren worden vergeleken: ,,En wat heb je liever? Die teerachtige, sterk vervuilende fossiele stookolie die de meeste schepen nu nog gebruiken? Of onze biologische diesel die gemaakt wordt van pyrolyseolie, die weer gemaakt is van zaagsel en die veel minder vervuilend is? De laagzwavelige scheepvaartdiesel van pyrolyseolie komt ook tegemoet aan de strengere normen die per 2020 gelden voor zwaveluitstoot in de scheepvaart.''

''Wat heb je liever? Die teerachtige, sterk vervuilende fossiele stookolie die de meeste schepen nu nog gebruiken?''

René Veenendaal, ceo BTG

Rotterdam

Kronemeijer van GoodFuels zou (ook) graag een raffinaderij in Rotterdam bouwen, 'gezien de aanwezigheid van onze klanten en hun faciliteiten daar'. GoodFuels biedt sinds vijf jaar al biobrandstoffen aan in de scheepvaart. ,,Met partners als Boskalis, Rijksrederij, Havenbedrijf Rotterdam, Norden en Ikea hebben we laten zien dat deze brandstoffen onmisbaar zijn in de verduurzaming van scheepvaart'', aldus de ceo.