Nieuws Personeel

Onterecht ontslag na zomervakantie

'Niet collectief vastgestelde snipperdagen dienen, tenminste drie werkdagen vooraf, bij de directie te worden aangevraagd. Per kalenderjaar mogen maximaal 20 vakantiedagen aaneengesloten worden opgenomen.'

Van onze redactie 4 november 2015

Vakantie verlof werk groot

Veel werknemers moeten de komende weken al vastleggen welke periode zij volgend jaar op zomervakantie willen. Dat loopt soms mis. Een werknemer boekte een vakantie, maar had verzuimd het verlof tijdig aan te vragen. Hij werd door zijn werkgever ontslagen omdat hij toch op vakantie ging, terwijl zijn nieuwe collega/waarnemer in dezelfde periode op vakantie bleek. Deze collega had wel toestemming van de werkgever. De kantonrechter vond ontslag te ver gaan omdat de werkgever ook steken had laten vallen. Ontbinding van het arbeidscontract werd afgewezen.

Deze uitspraak wijst nog eens op het belang dat vakanties helder worden afgestemd en dat je als werkgever hierin een rol hebt. In elk geval moet je duidelijk communiceren over vakantiewensen. De zaak die kortgeleden diende tegen een verfrollenfabriek diende bij de rechtbank in Amsterdam. Het personeelslid werkte al sinds begin 2008 bij de fabriek. In zijn arbeidsovereenkomst staat over het opnemen van verlof: “Niet collectief vastgestelde snipperdagen dienen, tenminste drie werkdagen vooraf, bij de directie te worden aangevraagd. Per kalenderjaar mogen maximaal 20 vakantiedagen aaneengesloten worden opgenomen. Aaneengesloten vakantie doorgegeven vóór 15 maart van het betreffende jaar worden in de regel gehonoreerd, daarna in overleg met de Directie, waarbij het beginsel ‘wie eerst komt, wie eerst maalt’ de leidraad zal zijn.” Begin dit jaar liep de planning mis. “Hij had eerder een vervanger die nooit in de schoolvakantie ging zodat hij in feite eenzijdig kon plannen. Met de komst van een nieuwe collega liep de planning mis. Het personeelslid had op 23 januari een vliegreis voor zijn gezin geboekt voor begin juli. In april werd het hem duidelijk dat zijn nieuwe collega ook in dezelfde periode een vakantie had gepland en dat deze al in oktober 2014 hiervoor toestemming had gekregen. Het personeelslid vroeg uiteindelijk pas begin juni vrij aan voor zijn vakantie. Op 10 juni kreeg hij een briefje van de directie dat hij geen toestemming kreeg om op vakantie te gaan. Nadat het personeelslid te kennen had gegeven dat hij toch zou gaan, werd hij vervolgens op 18 juni op non-actief gesteld.

Botsende wensen Volgens de rechter heeft het personeelslid het “risico van botsende wensen op de koop toegenomen” en heeft nagelaten meteen actie te ondernemen toen hem in april bleek dat ook zijn vervanger in dezelfde periode op vakantie was gegaan. De werkgever, die stelde dat de nieuwe collega al in oktober van 2014 toestemming had gekregen voor de vakantie, had echter ook steken laten vallen. De werkgever had dit duidelijk moeten communiceren met het betrokken personeelslid maar had dit nagelaten in de veronderstelling dat de nieuwe collega dat wel zou doen. Overleg De werkgever heeft verder door zijn vergaande maatregelen tegen zijn werknemer een oplossing gefrustreerd. “De verfrollenfabrikant heeft door de op non-actiefstelling een constructief overleg over voortzetting van het dienstverband illusoir gemaakt. Ook na afloop van de gewraakte vakantie heeft Roll Roy voor dergelijk overleg niet open gestaan”, aldus de rechter. De rechter had een minder vergaande maatregel in dit geval passender gevonden en wees ontbinding van het arbeidscontract af.