Nieuws Personeel

Nederlanders geven hun leven een 7,8

Maaike van Houten 11 december 2015

Scpgelukkignederland1065

Nederlanders zijn pessimistischer over de toekomst dan andere Europeanen. Vier factoren die daaraan bijdragen, op basis van de Sociale Staat van Nederland en een gesprek met Rob Bijl, adjunct-directeur bij het SCP, met Trouw.

Zorg Ouderen blijven langer thuis-wonen. Van de 85-plussers woonde in 2002 66 procent nog thuis, in 2014 was dat gestegen tot bijna 75 procent. De verwachting is dat die ontwikkeling doorzet. Maar wie helpt hen als ze het niet helemaal op eigen kracht kunnen? Meer dan het was, wordt er een beroep gedaan op familie, vrienden en buren. Politiek en beleidsmakers zijn over die mogelijkheden vaak te optimistisch, vindt het SCP. Kinderen wonen niet altijd om de hoek, en zij hebben het druk, vooral met werken. Meestal werkt de vrouw parttime, en de man de hele week; 7 procent van de mannen werkt in deeltijd. Het kabinet wil graag dat vrouwen meer gaan werken, maar ze moeten óók meer tijd maken voor hun ouders. Mensen met een hoog inkomen zullen de zorg vaker gaan inkopen, maar voor de straten-maker is dat niet weggelegd.

DemografieDe groep ouderen wordt steeds groter; 18 procent van de mensen is nu 65-plus, tegen 13,6 in 2002. Ook de manier waarop we wonen, verandert. De meeste mensen wonen alleen (37 procent), of samen, maar zonder kinderen (29 procent). Van de ruim zeven miljoen huishoudens is 7 procent een eenoudergezin. Het traditionele gezin, ouders en kinderen, is met 34 procent dus bepaald niet meer dominant. 38 procent van de huwelijken eindigt in een echtscheiding. 'Het lijkt wel alsof die harde cijfers van de demografie worden vergeten', zegt Rob Bijl. Terwijl die wel van invloed zijn op de mate waarin er ruimte is voor zorg voor elkaar, maar ook bij voorbeeld op het inkomen. Het SCP wijst op pensioentekorten voor vrouwen die niet economisch zelfstandig zijn.

OpleidingKinderen krijgen het niet meer automatisch beter dan hun ouders. Die wetmatigheid uit het verleden is al eerder door Nijmeegse sociologen ontkracht. Van de mannen tussen 25 en 40 heeft nu al 20 procent een lagere opleiding dan hun vader. Decennialang zijn er steeds meer jongeren naar de universiteit gegaan, maar daar is de rek misschien uit, met uitzondering van allochtonen, die nog volop met een opmars bezig zijn. Het SCP vraagt zich nu af hoe zinvol het is de nadruk te blijven leggen op het bereiken van de hoogste opleiding: niet iedereen kan en wil een academische graad.

Terrorisme & vluchtelingenGevraagd naar wat ze belangrijk vinden, zetten Nederlanders 'minder oorlog en terrorisme' op nummer één - en dat was nog voor de aanslagen in Parijs. Het is onduidelijk of mensen hier ook bang worden, en als dat zo is, of die angst snel wegebt of blijvend is. Bijl denkt dat zij 'wel iets blijvends zou kunnen zijn'. Zekerder is hij over de komst van duizenden vluchtelingen. Daarover is wel veel commotie, maar als ze er eenmaal zijn dan knagen ze amper aan het geluksgevoel van de autochtone bevolking. Daarvoor zijn er gewoon te weinig. Het idee dat er te veel buitenlanders zijn, leeft minder (van 47 procent naar 36 procent) maar neemt de laatste maanden wel iets toe. Het beeld van moslims is 'sterk verbeterd': een derde vond in 2005 dat moslims anderen respecteren, nu is dat de helft van de Nederlanders.

Vandaag publiceert het Sociaal- en Cultureel Planbureau zijn tweejaarlijkse Sociale Staat van Nederland, een overzicht dat het SCP zelf samenvat als: zo gaat het met ons en dit vinden we er van. De 400 pagina's over ons welzijn kun je lezen als één groot juich-verhaal. Vooral voor hogeropgeleiden, met hen gaat het het best. Lageropgeleiden zijn minder tevreden over hun eigen leven, zij zijn ook het meest kritisch over overheid en politiek. Mensen met een middelbare opleiding zitten daar tussenin.

Maar toch, gemiddeld genomen 'veert Nederland terug'. Twee jaar geleden had het SCP nog schokkend nieuws: voor het eerst in dertig jaar waren Nederlanders minder tevreden over de kwaliteit van hun leven, de kwetsbaarste groepen (laagopgeleiden, allochtonen, zieken) kwamen in de verdrukking door een stapeling van problemen.

De vrees dat die ontwikkeling door zou zetten, is niet uitgekomen. De kwetsbare groep zit nu 'stabiel' op 20 procent. Ook op andere fronten gaat het de Nederlander gemiddeld goed. Ze zijn gezond, worden nog steeds ouder, vooral vrouwen doen het steeds beter op school, er is minder kleine criminaliteit en er is grote steun voor de democratie.