Om de CO2-uitstoot te verminderen, wil de overheid het rijden met fossiele brandstoffen flink verminderen. Waar eerst subsidies en een lage mrb voor elektrische auto’s de verandering moesten brengen, moet vanaf 1 januari 2027 een dwingende maatregel de transitie naar elektrisch rijden versnellen: de pseudo-eindheffing.
Het nieuwe jaar is er altijd sneller dan verwacht. Daarom is het voor ondernemers belangrijk nu al te onderzoeken welke auto’s onder de regeling vallen en wat dit betekent voor toekomstige keuzes in het wagenpark. Ook op korte termijn. Verdiep je er als ondernemer met een fossiel wagenpark in, voordat je de rekening krijgt gepresenteerd. Want die kan flink oplopen.
5 belangrijke zaken om te weten
Onderstaande 5 punten, mede op basis van de ervaringen van leasemaatschappij Ayvens, helpen bij de voorbereiding.
1. De regeling geldt niet alleen voor leaseauto’s
De naam ‘pseudo-eindheffing’ wordt vaak gekoppeld aan leaseauto’s, maar de regeling kijkt breder. Het gaat om brandstofauto’s, inclusief plug-inhybrides, die een werkgever aan een werknemer ter beschikking stelt en die privé worden gebruikt.
Dat kan een leaseauto zijn, maar ook een personenauto die door de onderneming zelf is aangeschaft. Ook andere vormen van terbeschikkingstelling kunnen onder de regeling vallen.
“Personenauto’s die vóór 1 januari 2027 voor het eerst aan een werknemer ter beschikking zijn gesteld, vallen tot en met 31 december 2030 onder een vrijstelling”
Voor bestaande brandstofauto’s is overigens een overgangsrecht van belang. Personenauto’s die vóór 1 januari 2027 voor het eerst aan een werknemer ter beschikking zijn gesteld, vallen tot en met 31 december 2030 onder een vrijstelling. Zo kun je als ondernemer de overgang voor je wagenpark beter plannen (zie punt 5).
2. Ook hybride auto’s vallen onder de regeling
De pseudo-eindheffing richt zich op personenauto’s met een brandstofmotor. Daaronder vallen dus ook hybride personenauto’s en plug-inhybrides. Een hybride auto kan vanuit mobiliteitsbeleid aantrekkelijk lijken als tussenstap richting volledig elektrisch rijden, maar voor de pseudo-eindheffing wordt deze niet als emissievrij beschouwd. Alleen volledig elektrische personenauto’s vallen wel buiten de heffing.
Bestelauto’s met grijs kenteken vallen eveneens buiten deze regeling. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om per voertuigtype te bekijken welke auto’s daadwerkelijk onder de nieuwe regels vallen. Ook zzp’ers hebben geen last van de pseudo-eindheffing.
Een praktische manier om snel inzicht te krijgen, is de pseudo-eindheffingscan van Ayvens.
3. Niet de werknemer, maar de werkgever betaalt
De kosten mogen dus niet worden doorbelast aan de werknemer. Voor werkgevers is het daarom belangrijk om vooral naar de totale kosten van het wagenpark te kijken. De heffing wordt overigens via de loonheffing afgedragen en komt bovenop de eventuele bijtelling die voor de werknemer geldt.
Het financiële effect kan aanzienlijk zijn. De heffing bedraagt 12 procent van de cataloguswaarde van de betreffende personenauto per jaar. Bij een auto met een cataloguswaarde van 50.000 euro betekent dat 6.000 euro per jaar, oftewel 500 euro per maand.
4. Minder dan 500 privékilometers betekent niet automatisch geen heffing
Een ander misverstand ontstaat doordat de pseudo-eindheffing gemakkelijk wordt verward met de bestaande regels voor bijtelling. De bekende grens van 500 privékilometers per jaar speelt bij de pseudo-eindheffing namelijk geen rol. Elke kilometer telt.
Zelfs woon-werkverkeer wordt voor deze regeling tot het privégebruik gerekend. Daardoor kan een werknemer die nauwelijks privé rijdt toch onderdeel zijn van een situatie waarin de werkgever met de pseudo-eindheffing te maken krijgt.
Er is wel een belangrijke grens: als een medewerker helemaal niet privé met de auto rijdt, valt de auto buiten de pseudo-eindheffing.
5. Wachten tot 2027 kan gevolgen hebben voor je wagenpark
Hoewel de pseudo-eindheffing op 1 januari 2027 ingaat, is het niet verstandig om de voorbereiding uit te stellen. Een wagenpark verandert immers niet van de ene op de andere dag. Leasecontracten lopen meerdere jaren, auto’s moeten worden besteld en op tijd geleverd kunnen worden.
Werkgevers doen er daarom goed aan hun volledige mobiliteitsbeleid nu opnieuw te bekijken. Welke medewerkers hebben een personenauto nodig? Welke contracten lopen wanneer af? Welke auto’s worden de komende jaren vervangen? En waar is elektrisch rijden een realistisch alternatief?
Breng de gevolgen nu in kaart
Een praktische manier om snel inzicht te krijgen, is de pseudo-eindheffingscan van Ayvens. Met een aantal korte vragen ontstaat een eerste indicatie van de mogelijke impact voor de organisatie en van de punten waarop verdere actie nodig kan zijn.
Wie de overgang naar elektrisch rijden overweegt, krijgt daarnaast te maken met bredere mobiliteitsvraagstukken. Denk aan laadmogelijkheden op het werk en thuis, openbaar laden en laadpassen. Door deze onderwerpen mee te nemen, ontstaat een completer beeld van de keuzes die richting 2027 en daarna nodig zijn. Ook hiermee kan Ayvens ondernemers helpen.