Honderden fotozaken sluiten de deuren, maar winkel Jan (81) is na 40 jaar nog open: ‘Je blijft gewoon meegroeien’
Toen de fotorol verdween, ging Jan Verhoeff (81) computers verkopen. Nu analoge fotografie juist weer populair is, liggen de rolletjes weer in de schappen. Veertig jaar hield hij zijn fotowinkel in Leusden overeind terwijl anderen de deuren moesten sluiten. Nu draagt hij Foto Verhoeff over. Wat was zijn geheim?
Veertig jaar geleden, toen Leontine Verhoeff 10 jaar oud was, kreeg ze haar eerste computer. Haar vader en eigenaar van Fotowinkel Verhoeff, Jan Verhoeff, vond dat ze moesten innoveren. Ze waren de eersten in de wijde omtrek die computers verkochten.
Decennia later bestaat Foto Verhoeff nog steeds en neemt fotograaf Peter Scheffer sinds deze maand de winkel over, met Leontine nog altijd als computer- en smartphone-expert van de winkel, meldt het AD. Wederom met een aantal aanpassingen, want dat is hoe de fotowinkel al die jaren overeind is gebleven.
Dia’s en fotorolletjes
Ooit begon Verhoeff met een winkel in Hoevelaken. Jan Verhoeff was fotograaf en werkte in de fotozaak die hij uiteindelijk overnam.
Een tweede winkel werd geopend in Leusden. Deze verhuisde een paar keer. „Het pand was dan te klein. Die machines voor het ontwikkelen van fotorolletjes zijn heel groot en pasten niet meer.”
“Alles is nu gecomprimeerd in een telefoon. De mogelijkheden zijn eindeloos”
Uiteindelijk kwamen ze uit in Leusden. In een tijd dat bijna iedereen nog wekelijks in een fotowinkel kwam. „Voor filmpjes, foto’s, dia’s maken... En mensen kochten camera’s en dan bleven ze ook klant. We kenden het hele dorp.”
Tilly Verhoeff, de vrouw van Jan, heeft altijd in de winkel gewerkt. In 2007 trokken ze in een kleiner pand, waardoor de machines voor het ontwikkelen van rolletjes de deur uit moesten. „En dus reed ik steeds met rolletjes op en neer naar Amersfoort, om ze te laten ontwikkelen.”
Die rolletjes lieten ze ontwikkelen bij Peter Scheffer, eigenaar van Photo Company in Amersfoort. Er ontstond een goed contact. Nu het na 55 jaar in de winkel staan voor Jan en Tilly Verhoeff mooi is geweest, dragen zij de winkel aan hem over.
Fotowinkel mee met de tijd
Volgens Jan is een frisse blik ook goed, want tijden zijn veranderd. Wie nu de winkel binnenwandelt, ziet een andere zaak dan vroeger. De rolletjes en portretstudio hebben plaats moeten maken voor toetsenborden en tablets.
In de veertig jaar als eigenaar van een fotowinkel heeft Jan inventief moeten zijn. Eerst kwam de digitale camera, daarna volgde de smartphone.
„Alles is nu gecomprimeerd in een telefoon.” Jan klinkt niet bitter als hij het zegt. „De mogelijkheden zijn eindeloos.” Hij wijst naar zijn dochter Leontine. „Daar weet zij alles van.”
“Zorgen hebben we ons nooit gemaakt. We bedachten steeds weer wat nieuws”
„Zorgen hebben we ons nooit gemaakt. We bedachten steeds weer wat nieuws. We gaven bijvoorbeeld foto- en videocursussen en hadden een fotostudio voor portretfotografie.”
Volgens de tachtiger de sleutel tot het behouden van zijn winkel. „Dat is juist het leuke van dit vak: er verdwijnt wat, maar er komen net zo goed dingen voor terug. Je blijft gewoon meegroeien.”
Digitale hulp
Leontine werd als kind al snel handig met computers. Als tiener stond ze hele weekenden in de winkel en dertig jaar later staat ze er nog. „M’n hele leven eigenlijk.”
Nog altijd helpt Leontine Leusdenaren met het onderhouden van hun smartphones, laptops en computers. Ouderen die wat hulp nodig hebben bij het navigeren door de digitale wereld, kloppen geregeld bij haar aan.
„Je hebt tegenwoordig voor alles apps nodig; als je niet zo’n winkel in de buurt hebt, is dat wel lastig”, vertelt Leontine Verhoeff. Mede door die service weet men de winkel nog altijd goed te vinden.
Aantal fotowinkels daalt
De situatie van Foto Verhoeff is anders dan die van veel andere fotowinkels. Honderden zaken moesten de afgelopen twintig jaar hun deuren sluiten.
Vijftien jaar geleden waren er volgens Locatus 682 fysieke fotozaken in Nederland, in 2017 waren dit er nog maar 393 en nog eens vijf jaar later nog maar 224.
Door smartphones, online winkels en pasfotohokjes op openbare plekken heeft de fotowinkel een nieuwe invulling gekregen en is voor velen overbodig geworden.
„Ooit was er in elk dorp tenminste één fotowinkel, maar dat is nu lang niet meer zo”, zegt Jan. In Leusden is Verhoeff de enige fotowinkel. In omliggende plaatsen is een aantal winkels verdwenen. In buurgemeente Woudenberg sloot in 2012 de enige fotozaak van het dorp.
Ook nu vernieuwing
Nu Peter Scheffer de winkel overneemt, waait er opnieuw een frisse wind door de fotovakzaak. Jan lijkt er geen moeite mee te hebben. „Vraag maar aan Peter wat hij allemaal van plan is.”
De schappen met camera-apparatuur achter Leontine worden leeggehaald. „Daar komen nu laptops en smartphones. De camera’s gaan naar Amersfoort”, vertelt Peter.
Ook heeft hij een nieuwe fotoprinter aangeschaft en een collectie aan fotolijsten. De oldschool fotorolletjes hangen prominent zichtbaar achter de balie. „Er zijn jongeren die nu op zoek gaan naar een analoge camera bij opa en oma op zolder en dat weer willen proberen.”
Thuis in de fotowinkel
Voor de familie Verhoeff is een leven zonder fotowinkel en fotografie niet voor te stellen. De zoon van Jan en Tilly is fotograaf, Leontine staat al dertig jaar in de winkel.
“Het is een echt familiebedrijf. Ik kan het niet missen”
Toch begrijpt de fotograaf ook wel dat veel fotowinkeleigenaren er de brui aan geven. „Klanten vloeien weg naar onlinewinkels. Dat maakt het voor velen minder interessant om een fysieke winkel te hebben. Die groep vergrijst ook helemaal hè, je ziet het”, Jan plukt lachend aan zijn haar.
Jan is trots dat zij het redden. „Het is een echt familiebedrijf. Ik kan het niet missen.” Hij schuift een doosje met camera-accessoires recht op de toonbank. Zijn ogen glimmen als hij zijn oude zaak rondkijkt.
Volgens Tilly heeft Jan thuis genoeg te doen tijdens zijn aanstaande pensioen. „Grasmaaien bijvoorbeeld”, lacht ze. Maar lang zal Jan niet wegblijven van zijn winkel. „Dat kan niet, ik voel me hier beter dan thuis.”
Dit artikel is geschreven door Pien van den Boom voor het AD.