Nog 1 jaar om coronaschulden af te lossen: dit is waarom uitstel van je betaling je duur kan komen te staan
De coronapandemie lijkt lang geleden. Toch moeten nog zo’n 80.000 ondernemers een deel van de belastingschuld uit die periode aflossen. De standaardregeling eindigt op 1 oktober 2027. Dat geeft ondernemers nog ongeveer een jaar. Genoeg tijd om vooruit te kijken. Te weinig tijd om het probleem nog maanden voor je uit te schuiven. In haar expertblog helpt financieel ondernemerscoach Mylène Duurland ondernemers met financieel vooruitkijken.
Vanaf oktober 2022 kregen ondernemers vijf jaar om hun coronaschuld af te lossen. Ruim 266.000 ondernemers begonnen toen aan de regeling. Voor een deel van hen valt de laatste betaling in september 2027.
Misschien wordt het maandbedrag nu zonder problemen afgeschreven. Dat zegt nog niet dat dit zo blijft. De laatste termijnen moeten straks concurreren met salarissen, belastingen, leveranciers en nieuwe plannen.
Daar zie ik het vaak misgaan. Een ondernemer weet hoeveel schuld er nog openstaat, maar niet hoeveel geld er iedere maand echt overblijft.
De onderneming draait goed, maar toch wordt het krap
Stel dat een retailer nog een deel van de coronaschuld moet aflossen. De omzet is goed. Klanten blijven komen en er wordt winst gemaakt. Op papier lijkt er weinig aan de hand. Maar vóór het nieuwe verkoopseizoen moet de voorraad worden betaald. De huur en salarissen lopen door. Dan volgen de btw, loonheffingen en de volgende coronatermijn.
Na een sterke verkoopmaand staat er een mooi bedrag op de rekening. Vrij besteedbaar is dat bedrag niet. Een deel is al nodig voor belasting. Een ander deel moet terug de voorraad in. Dan valt de verkoop een maand tegen, of een leverancier vraagt eerder om betaling. Ineens wordt het schuiven. Niet omdat de winkel verlies maakt. Het geld komt alleen niet op het juiste moment binnen.
Dat banksaldo vertelt niet het hele verhaal
Ondernemers kijken vaak even op hun rekening voordat ze een beslissing nemen. Kan die nieuwe medewerker erbij? Is er ruimte voor een investering? Kunnen we extra voorraad bestellen? Het saldo geeft snel antwoord. Alleen niet altijd het goede antwoord. Geld voor de btw staat ook op die rekening. Net als geld dat volgende maand nodig is voor salarissen of een grote inkoop. Zonder vooruitblik lijkt de ruimte groter dan zij werkelijk is.
Bij dienstverleners gebeurt iets vergelijkbaars. Het werk is klaar, maar de factuur gaat pas aan het einde van de maand de deur uit. Daarna neemt de klant nog dertig of zestig dagen de tijd.
In die tussentijd moet het personeel gewoon worden betaald. Cashflow gaat voor mij juist over die tussenruimte. Over de weken tussen leveren en betaald krijgen. Over voorraad die al is betaald, maar nog in het magazijn ligt. En over belastingen die op een onhandig moment samenkomen.
Eerst dertien weken vooruit
Wanneer ik een ondernemer met cashflow begeleid, beginnen we meestal dichtbij. We zetten de komende dertien weken op een rij. Wanneer betalen klanten? Wanneer gaan de salarissen eruit? Welke belastingaanslag komt eraan? En hoeveel moet er naar leveranciers en de coronaschuld? Daarna kijken we verder, per maand tot oktober 2027.
Dat hoeft geen ingewikkeld financieel model te worden. Het moet vooral bruikbaar zijn. De ondernemer moet kunnen zien wanneer het spannend wordt en hoeveel ruimte er werkelijk is. We rekenen ook een tegenvaller door. Een klant betaalt later. De omzet blijft een maand achter. Voorraad verkoopt minder snel dan verwacht.
Juist zo’n eenvoudig scenario maakt veel zichtbaar. Soms blijkt dat er weinig aan de hand is. Dat geeft rust. Soms verschijnt er over vier maanden een tekort. Ook dat is waardevol. Vier maanden geeft tijd om iets te veranderen. Vier dagen meestal niet.
Extra omzet is niet altijd extra geld
Bij geldgebrek gaat de aandacht al snel naar verkoop. Er moeten meer klanten komen. Meer omzet. Meer werk. Maar groei vraagt soms eerst geld.
De retailer moet nieuwe voorraad inkopen. Een zakelijke dienstverlener heeft extra mensen nodig om het werk uit te voeren. De omzet groeit, terwijl de rekening tijdelijk juist leger wordt. Daarom bespreek ik met klanten niet alleen hoeveel zij verkopen. We kijken ook naar wat een product, dienst of klant werkelijk oplevert. En wanneer dat geld beschikbaar komt.
Een grote klant met een lange betaaltermijn kan de cashflow flink belasten. Een populair product kan maandenlang geld vasthouden in de voorraad. Daar helpt een hogere omzet niet altijd tegen. Soms zit de oplossing ergens anders. Eerder factureren bijvoorbeeld. Minder voorraad inkopen. Andere betaalafspraken maken. Of een investering nog even uitstellen. Geen spectaculaire maatregelen. Wel keuzes die direct verschil kunnen maken.
Uitstel koopt tijd, geen herstel
Wie de termijnen niet goed kan dragen, kan onder voorwaarden een aanpassing aanvragen. Er zijn mogelijkheden voor kwartaalbetaling, een betaalpauze of verlenging naar maximaal zeven jaar. Dat kan lucht geven. Maar het geld moet later nog steeds worden betaald, en verschuif je wellicht het probleem.
Na een betaalpauze worden de volgende termijnen hoger. Bij een langere regeling blijft de schuld langer staan. Sinds 1 januari 2026 bedraagt de invorderingsrente 4,3 procent. De precieze voorwaarden staan bij de Belastingdienst.
Liever nu kijken dan volgend jaar schrikken
Een jaar lijkt lang. In een onderneming is het zo voorbij. Vooral wanneer geld vastzit in voorraad, klanten laat betalen of enkele grote uitgaven tegelijk komen. Dan kan een bedrijf winstgevend zijn en toch vastlopen.
Dat is precies waarom ik met ondernemers vooruitkijk. Niet om iedere euro vast te zetten, maar om eerder te kunnen kiezen. Wanneer kan een investering wel? Hoeveel buffer is nodig? Welke maand vraagt extra aandacht?
Heb je weinig grip op je cashflow, dus op het geld dat binnenkomt en weer uitgaat? Of merk je dat betalen steeds vaker krap wordt? Stuur me dan gerust een bericht. Samen brengen we je geldstromen in beeld en kijken we wat er nodig is om vooruit te kunnen. Wacht liever niet tot je rekening bijna leeg is.