Omdat Nederlanders massaal spullen bestellen via webshops als Temu en Shein, stijgen de kosten voor de douane bij het controleren van al deze pakketten. Daarom wilde Heijnen een heffing van zo’n 2 euro per pakket invoeren om deze kosten te dekken. ‘België, Nederland en Frankrijk zijn de lidstaten in de Europese Unie die de meeste e-commerce verwerken,’ schrijft Heijnen in een brief aan de Tweede Kamer. ‘Samen is dit goed voor ruim 80 procent van de zendingen die de EU binnenkomen.’
België en Luxemburg waren in eerste instantie van plan een individuele heffing in te voeren, maar ook zij hebben nog geen besluit genomen. Daarom wacht Nederland ook met het besluit, schrijft Heijnen.
Gezamenlijke heffing
Daarnaast is er in december een akkoord bereikt onder Europese ministers van financiën over invoerrechten voor pakketjes van buiten de EU. Vanaf 1 juli wordt per pakket een invoerheffing gerekend van 3 euro per product. Dat heeft uiteindelijk hetzelfde doel als de individuele heffing, zegt Heijnen. Namelijk: ‘het minder aantrekkelijk maken van het verzenden van individuele pakketjes ten opzichte van bulkzendingen en daarmee een gelijk speelveld tussen Europese bedrijven en online platforms van buiten de EU.’
De Nederlandse e-commerce heeft namelijk veel last van Chinese platforms. Een stroom van goedkope pakketjes van bedenkelijke kwaliteit zorgt ervoor dat de webshops een stuk moeilijker kunnen concurreren. Webwinkelier Mark Jessurun van Geisha Fashion vertelde eerder tegen De Ondernemer dat deze platforms zorgen voor oneerlijke concurrentie. „Oneerlijke concurrentie en regeldruk hangen nauw met elkaar samen. Het een kan niet zonder de ander. Door die regeldruk worden wij duurder, en belemmert het in onze activiteiten als ondernemer, terwijl buitenlandse partijen dat niet hebben. Het wordt geproduceerd door kinderen, Oeigoeren, Noord-Koreanen, dus op de meest onethische plekken ter wereld.”
Lees ook: Nederlandse e-commerce bezwijkt onder tsunami aan pakketjes uit China: ‘Ze drukken ons de markt uit’