Nieuws Marketing

Bart-Jan Polman uit Enschede gaat als architect ‘sky-high’ in New York

Onderaan zijn nu al indrukwekkende cv: Bonhoeffer College - gymnasium Enschede 1996-2002. Veertien jaar later is architect Bart-Jan Polman bezig met zijn promotieonderzoek aan Princeton, topuniversiteit in de VS. Daarvoor werkte hij bijna vijf jaar voor de internationaal vermaarde architect Bernard Tschumi in New York. Hij blijft er Twents bescheiden onder. "Ik wil vooral niet de indruk wekken dat ik het heb gemaakt."

Van onze redactie 9 februari 2016

De objectieve feiten bewijzen dat hij een aardig eind op weg is, nadat hij in 2008 cum laude afstudeerde aan de TU Delft. Polman (31) is even terug op zijn geboortegrond, voor familiebezoek. Voor de foto bij het interview heeft hij het karakteristieke Cubicus-gebouw uitgekozen op de campus van de Universiteit Twente. "Op de campus, waar mijn vader zijn fysiotherapiepraktijk had, was ook mijn eerste kennismaking met architectuur."

BastilleDe Bastille van architect Piet Blom, een labyrint met twaalf tussenverdiepingen, muurtjes, nissen en trappen, maakte indruk. "Ik zat er wel eens met mijn vader in de mensa. Ik vond het een mooi, spannend gebouw. Jammer dat ze het niet in zijn waarde hebben gelaten bij de verbouwing. Ik begrijp dat ze er iets mee moesten, maar de verbouwing getuigt van weinig respect voor de architect."

Vanaf zijn zestiende wist hij het zeker: hij wilde architect worden. Na zijn eindexamen gymnasium ging hij in Delft Bouwkunde studeren en, tussen zijn bachelor en master in, ook nog een jaar aan de Technische Universiteit en Kunstacademie in Berlijn.

'Borderconditions'Zijn afstudeerproject in Delft ging over 'borderconditions', vertelt hij bij een kop thee in het café van De Vrijhof, nog verkleumd van de fotosessie. "Ik onderzocht verschillende gemeenschappen in Istanboel die naast elkaar wonen, maar langs elkaar heen leven: expats in hun afgeschermde beveiligde enclaves en de locals er omheen. Een patroon dat zich steeds meer aftekent in grote steden wereldwijd. De kloof tussen arm en rijk wordt steeds groter. Niet alleen de arme bevolking, maar ook de middenklasse kan zich niet meer veroorloven er te wonen. Een slechte ontwikkeling, een bedreiging voor de stad."

AmbitieusPolman beschouwt de Cubicus van Leo Heijdenrijk en John Mol, waar hij net is gefotografeerd, als een van de gebouwen uit een 'interessante, ambitieuze periode' in Enschede, toen begin jaren zestig de campus werd gebouwd. "Het was ook heel vernieuwend en spraakmakend wat er destijds op de AKI gebeurde, toen de architect Aldo van Eyck daar docent was."

Campus Enschede De architecten Sam van Embden en Willem van Tijen deden voor hun masterplan voor de campus inspiratie op in het Engelse Oxford en Cambridge en op de campusuniversiteiten in Amerika. Het campusmodel in Enschede werkt volgens Polman echter helaas niet. "De stad is te dichtbij, studenten gaan vaak liever daar wonen en niet op de campus."

Functioneel of niet, Enschede werd verrijkt met een interessant architectonisch experiment. Jonge, vernieuwende architecten konden zich uitleven. "Het masterplan lag in handen van gevestigde 'zakelijke' architecten, maar het interessante is dat ze destijds ook jonge architecten als Piet Blom in de gelegenheid stelden iets toe te voegen."

Het had weinig gescheeld of Polman had er, vele jaren later, ook iets toegevoegd. Met de Rotterdamse architect Laurens Boodt ontwierp hij voor de UT een gezondheidscentrum, naast de Vrijhof. "Bomen waren al omgehakt toen in 2008 de crisis uitbrak en het geld op was."

New YorkZijn belangstelling voor architectuur werd gewekt op de campus van de UT. Architect Bart-Jan Polman, even over uit New York, is er ook nu nog graag.

Foto: Emiel Muijderman