Nieuws Marketing

Hoe krijg je mooie winkels in de binnenstad?

Natuurlijk, zo'n Hudson's Bay is een enorme aanwinst voor Enschede. Maar er zijn subtielere manieren om bezoekers naar je winkelhart te lokken en ze daar te houden. Een middagje met omgevingspsycholoog Joren van Dijk op pad in Enschede levert een paar gouden tips op voor Twentse bestuurders. Zijn advies: "Ga eens op werkbezoek naar de Efteling. Daar snappen ze hoe je publiek in de watten legt."

Angelique Kunst | Foto: Frans Nikkels 24 mei 2016

Van heekplein winkelplezier frans nikkels

Het begint al als we aankomen in de parkeergarage onder het Van Heekplein. Er is een plekje vrij, vlak naast een dikke betonnen zuil. Van Dijk: "Ik zag in Alicante een parkeergarage waar alle zuilen een stootkussen hebben. Dat lijkt overdreven, maar het geeft een veilig gevoel. Het idee dat je je auto zou kunnen beschadigen bij het parkeren is een stressmomentje."

Volgens Van Dijk hebben die kleine stressmomentjes veel invloed op een mens. "Een heleboel kleine stressmomentjes achter elkaar zorgen ervoor dat je je onprettig voelt en weg wilt. En dat wil je in je winkelhart niet."

GastvrijheidEn dus is de belangrijkste taak voor centrummanagers, stadsbestuurders en winkeliersverenigingen: gastvrijheid, tot in de kleinste details. Van Dijk: "Je kunt wel denken: ik heb hier een verzameling leuke winkels, als mensen iets nodig hebben komen ze wel. Maar zo werkt het niet. Vergelijk het met Villa Volta in de Efteling. Dat is echt een topattractie, maar de wachtrijen zijn lang." Irritatie, stress ligt op de loer. "Dus maakt de Efteling van de wachtrij een attractie op zich. Zo moet je je winkelgebied ook inrichten: je moet de totale beleving zo prettig mogelijk maken."

Structuur en overzichtDat zit hem in heel simpele dingen, blijkt als we met Van Dijk door het centrum van Enschede lopen. "Mensen willen graag structuur en overzicht." Hij wijst op de langgerekte gevel naast de Klanderij, waar eenvormige uithangborden hangen van de Kijkshop, Xenos, Prenatal en de New Yorker. Van beide kanten zie je in één oogopslag welke winkels waar zitten. Handig, want op ooghoogte is het straatbeeld te druk voor overzicht.

We lopen naar de ingang van De Klanderij, waar het vol staat met fietsen maar waar je als voetganger toch ruimte genoeg hebt. Dat is niet toevallig: er is een hele batterij 'nietjes' geplaatst waar je je fiets tegenaan kunt zetten. Van Dijk: "Heel verstandig. Je kunt als gemeente wel prachtige centrale fietskelders aanleggen, maar de ervaring leert dat fietsers altijd vlakbij de ingang willen parkeren. De loopafstand mag maximaal 30 seconden zijn. Daar kun je maar beter op inspelen, anders wordt het echt een zooitje."

Openbaar toiletIn het winkelcentrum roept Van Dijk ineens: "Hé, dit is echt top!" Tussen twee winkels blijkt een gangetje naar een openbaar toilet te leiden. Bijna onnodig om te zeggen, maar dat is dus echt onmisbaar. Nodig moeten en geen toilet kunnen vinden, dát is pas een stressmoment. Dit toilet is ook makkelijk te vinden. Van Dijk: "Op zich is dit een akelig gangetje om in te lopen, smal, je ziet niet waar het heengaat. Maar ze hebben oranje voetjes op de vloer geschilderd waardoor je zeker weet dat het de bedoeling is dat je hier inloopt. En de muurschilderingen ogen vrolijk en schoon." En dan ziet hij nóg een enorm pluspunt: naast het gangetje staat een watertap. "Tegenwoordig loopt iedereen met een waterfles. Dorst is ook een stressmomentje, dat voorkom je met zo'n tappunt."

NatuurWeer naar buiten. Het ligt voor de hand: mensen vinden bomen prettig, willen bankjes daar waar iets te kijken valt, stellen speelplekjes voor kinderen op prijs en houden van elementen met stromend water. Van Dijk wijst ook op de gevels: de Oude Markt met heel veel verschillende geveltjes wordt als prettiger en gezelliger ervaren dan het Van Heekplein, waar grote grijze vlakken overheersen.

GraffitiMet afgrijzen kijkt hij naar de puinhoop waar ooit de Hofpassage stond. "Mensen kunnen hier een naar gevoel van krijgen, het is zo'n gapende wond in die gevelrij. Hier hadden ze veel beter een schutting omheen kunnen zetten met daarop plaatjes van hoe het wordt. Dat geeft een veel positiever uitstraling." Aan de andere kant van de Hofpassage staat wel een schutting, met vrolijke rode visjes erop geschilderd. Helaas verhullen die niet dat het hier een treurig stukje straat is, met veel lege panden. Op een daarvan is grafitti gespoten. "Zou ik wat aan doen. Die grafitti schreeuwt: er was hier iemand die zich niet aan de regels houdt en er zijn hier geen mensen die het opruimen. Je instinctieve conclusie is dan: er zijn hier mensen met andere gedragsnormen dan ik, is het hier wel veilig?"

CirkelWe eindigen op de Oude Markt. Volgens Van Dijk de fijnste plek van de stad: alles klopt. Hij wijst op een cirkel in de bestrating: "Op stapavonden komt daar de plaszuil naar boven. Nu heeft niemand er last van, maar dan heb je een wc op de plek waar je hem nodig hebt op het moment dát je hem nodig hebt. Helemaal top."