Hij weegt meer dan 800 kilo. Toch was het geen gedoe om het oranje gevaarte naar de tweede verdieping van het bedrijvenpand aan de Stationsweg in Honselersdijk te hijsen. „De koffiebrander ging er hier gemakkelijker in dan op de oude locatie eruit”, blikt Lennart Bregman (32) terug in het AD op de noodzakelijke verhuizing van Café du Jour van Midden-Delfland naar het Westland.
We hebben inmiddels 35.000 klanten -zowel kantoren als particulieren- die meer dan één keer per jaar bestellen. In 2026 tikken we naar verwachting 100.000 orders aan
Lennart Bregman
Door een aanhoudende groeispurt is Café du Jour de schuur aan de Gaag achter het huis van Lennarts broer Jesse (36) in Maasland al een poos ontgroeid. „Het was daar niet meer te doen. We hebben inmiddels 35.000 klanten -zowel kantoren als particulieren- die meer dan één keer per jaar bestellen. In 2026 tikken we naar verwachting 100.000 orders aan.”
Koffiebrander van Café du Jour draait op volle toeren
De koffiebrander draait inmiddels op volle toeren op de nieuwe plek. Maarten Haaring, binnen Café du Jour verantwoordelijk voor het roosteren, instrueert de visite een koptelefoon op te zetten zodra het apparaat de koffiebonen laadt in de hopper (jargon voor reservoir).
Lees ook: Miljoenenomzet én eerlijke koffie: Ferry bewijst met Wonderbeans dat ondernemen anders kan
De eerste stap in het brandersproces gaat gepaard met een oorverdovend lawaai. Na het branden, terugkoelen, ontstenen worden de bonen meteen verpakt in zakken met een eenwegventiel. „Tot twee weken na het branden kunnen ze nog CO₂ afstoten. Zonder dat ventiel zou de zak ontploffen. Lucht, in dit geval CO₂, kan er op deze manier uit maar niet in.”
De gebroeders Bregman idealiseren het vak niet. „Op de plantages worden de koffiebessen - wat wij bonen noemen, zijn de pitten in de bessen - vaak op betonnen velden gelegd om in de zon te drogen. Daarna worden deze bij elkaar geveegd. Zo onromantisch gaat het meestal. Het ruis tussen de bonen filteren wij er na het branden uit. Van steentjes gaan koffieapparaten stuk.”
Lennart start bedrijf als stageopdracht
Het verhaal achter Café du Jour leest daarentegen als een jongensboek. Lennart: „In 2014 zocht ik, student vrijetijdsmanagement, naar een afstudeerstage. Eigenwijs als ik was, wilde ik per se niet bij een bestaande organisatie afstuderen. Mijn begeleider wees mij erop dat ik ook binnen een eigen bedrijf stage kon lopen. Ik had alleen geen eigen bedrijf. In allerijl heb ik Café du Jour opgezet. Als koffiehandel, niet gelijk als branderij.”
Waarom koffie? „Voor mijn studie heb ik twee jaar lang op campings gewerkt in Caorle, een Italiaanse badplaats aan de Adriatische kust, en bij het Gardameer. Je hoeft daar maar met je auto het parkeerterrein af te lopen en je stuit tegen een koffiebar. Dan leer je koffie waarderen.”
Koffieverkoop liep door na afstuderen
Na zijn afstuderen ging hij als zzp’er aan de slag als programmeur voor webwinkels. Ondertussen liep de koffieverkoop gestaag door. Totdat begin 2018 Jesse aangaf Café du Jour samen verder te willen oppakken. Via Marktplaats werd een kleine koffiebrander -eentje die per sessie maximaal 2 kilo bonen kan roosteren - gevonden.” Ter vergelijking, de huidige brander kan feitelijk 30 kilo, ‘maar wij houden het bij 27, 28 kilo bonen’, tegelijkertijd verwerken. „We zijn inmiddels toe aan een 60-kilomodel. Daar is in Honselersdijk plek voor.”
We leveren snel, vrij altijd binnen twee weken na het branden
Lennart Bregman
Inmiddels levert Café du Jour tot ver over de landsgrenzen. „Mijn schoonmoeder was laatst in Ierland. In een kroeg raakte ze aan de praat met de uitbater. Toen hij opmerkte dat zij uit Nederland kwam, vertelde hij haar dat hij werkte met een Nederlands koffiemerk: Café du Jour. Dat was wel even een trots momentje.”
Het geheim van hun succes? „Heel excentrieke koffies hebben wij niet. Wij zijn toegankelijk. Onze huisblend is bijvoorbeeld niet geoptimaliseerd voor espressomachines maar voor volautomaten. En we leveren snel, vrij altijd binnen twee weken na het branden.”
Lees ook: Barend stopt als eigenaar van familiebedrijf en is nu een van de collega’s: ‘Ik was lang op zoek naar roem’