Nieuws Actueel

Nieuwe ondernemers tegen leegstand in Gelderland

Lege winkels zijn soms een zegen voor startende ondernemers, schrijft De Gelderlander. Drie vrouwen uit de regio Gelderland, die nog nooit eerder achter de toonbank stonden, grijpen hun kans.

WILMA DE CORT | FOTO: ED VAN ALEM 31 juli 2017

Ea 0107 1404 02

In Nederland staat één op de veertien winkels leeg. Heeft een winkel eenmaal leeg gestaan, dan is de kans groot dat dit vaker gaat gebeuren, zegt Gerard Zandbergen van Locatus, een bedrijf dat data verzamelt over winkels. ,,Leegstand lijkt besmettelijk'', zegt hij.

Uitproberen

Mogelijk komt dit door 'amateurisme en opportunisme', bij mensen die nu hun kans wagen, zegt hij. ,,Iets uitproberen omdat je door de lage huur minder financieel risico loopt, is echt niet genoeg om er een succes van te maken. Niet de huurprijs, maar een gunstige ligging is leidend voor de omzet.'' Zandbergen vraagt zich af of mensen die nu iets uitproberen eerst marktonderzoek laten doen. ,,Grotere winkelketens doen dat allemaal en ze willen juist langere huurcontracten van vijf tot tien jaar, zodat ze de tijd hebben om hun investering eruit te halen.'' Maar als een gokje verkeerd uitvalt, erkent hij, is er niks aan de hand. De winkels zijn in ieder geval een poos gevuld. ,,Beter iets uitgeprobeerd, dan er nooit aan beginnen'', meent Zandbergen.

Nieuwe zaak #1

In de ochtend doet ze de rolluiken omhoog, draait de winkel van het slot, zet een pot thee en gaat aan een tafel, midden in haar winkel zitten handwerken. Binnendoor loopt Pauline Brouwer zo naar haar huis, want dat zit aan de winkel vast. Maar haar winkel voelt als een tweede huiskamer, gevuld met haar eigen handenarbeid: zelfgemaakte knuffels, babydekens, omslagdoeken, een grote variatie aan haak-, brei- en naaiwerk. Op schappen tegen de wand staan ook spulletjes die Brouwer samen met haar man op rommelmarkten vond. Ze zijn liefhebbers en struinen markten af voor 'vintage'. Maar Pauline heeft geen pretenties. ,,Het is van alles wat en het moet allemaal niet te duur zijn'', zegt ze. Dus behalve een kerkorgel dat op blaasbalgen werkt, staan er voor weinig geld ook oude blikken, schaaltjes, rieten manden of leuke potjes, waar soms het deksel van ontbreekt.

Eigen Winkel

Brouwer werkte meer dan 30 jaar in de zorg in Het Gooi. Op haar 54ste stopte ze daarmee. ,,Ik kon door alle regels niet meer met mijn hart werken'', zegt ze. Zo kreeg ze extra tijd voor haar hobby: handenarbeid. ,,Dat liep uit de hand.'' Ze maakte veel en er kwamen bestellingen. ,,Vriendinnen vroegen bijvoorbeeld of ik een bepaalde tas ook voor hen wilde maken. Mijn man zei: 'joh, kom je nog een keer uit die stoel?' Toen flakkerde het vlammetje van een oude droom op: een eigen winkel.''

Verhuizen

Dat werd een winkelpand met woning naast het Oorlogsmuseum Overloon. Ze waren er al eens voorbij gelopen, op een dagje uit met hun zoon in Boxmeer. ,,Toen viel het kwartje niet.'' Maar later, thuis in Eemnes zoekend op Funda, dacht ze: waarom ook niet? Het komt op ons pad. We verhuizen.'' Brouwer en haar man hadden door een tragische gebeurtenis, waar ze liever niet over praten, een moeilijke tijd doorgemaakt. Ze wilden dichter bij hun zoon wonen en zich op 'iets positiefs richten'. Dat werd 'Plien', zoals de winkel nu heet.

Leuke omzet

Brouwer ziet de zaak vooral als een hobby. Haar man verdient de kost met zijn werk bij een bank. ,,Maar natuurlijk is het fijn als je een leuke omzet hebt. We hebben in de winkel geïnvesteerd en ook wel artikelen aangeschaft voor een groter assortiment.'' Een hoek herinnert aan de vorige winkeleigenaar: dozen met modelbouw, zoals Shermantanks of vliegtuigen. ,,Dat laten we zo. Het hoort op deze plek bij het oorlogsmuseum en houdt de loop erin'', zegt Brouwer. Ze is over de omzet redelijk tevreden, maar wil er later nog wel workshops bij gaan geven. ,,Ik denk dat er nu op een drukke dag gemiddeld zo'n 40 mensen binnenlopen.'' Soms zijn ze slecht ter been of moe. Dan nodigt ze ze uit aan haar tafel, waar ze zit te breien, en brengt een glas water. ,,Zo blijf ik toch ook een beetje in de zorg'', zegt ze.

Nieuwe zaak #2

Het is een aparte situatie. Megin Peeters (34) huurt een winkelpand aan de Nieuwstad in Arnhem. Daar verkoopt ze sinds kort door haarzelf gemaakte babykleding en accessoires met 'een echt Arnhems label': Manoh. Maar intussen blijft de winkel wel te huur staan en dat maakt de makelaar ook kenbaar op de gevel. Het komt door de afspraak die Peeters met hem heeft gemaakt. De Arnhemse heeft de gok gewaagd en is een pop-upwinkel met atelier begonnen. Achter in de winkel zit ze achter de naaimachine en werkt door, want stilzitten tot er een klant komt, is niks voor haar. Peeters wilde na de modevakschool eigenlijk een eigen kledinglijn beginnen, maar omdat ze dat een erg grote stap vond, ging ze verder studeren, communicatie en multimedia design. Daarin vond ze werk in en ze liet de naaimachine voor wat die was.

Zelfgemaakte kleding

Dat veranderde toen ze zwanger was van haar zoon Manoah. Ze maakte een broekje voor hem en daarna een slaapzakje en had er zo veel plezier in dat ze besloot weer meer te gaan naaien. ,,Alles wat ik heb geleerd, komt nu tot zijn recht, want ik doe ook zelf de communicatie'', zegt ze. Eerst ging ze met haar zelfgemaakte babykleding naar markten om erachter te komen of het aansloeg bij het publiek. ,,Mijn eerste broekje verkocht ik op de Sonsbeekmarkt. Ik had een grote kraam gehuurd en moest de kleding, speenkoorden en rammelaars echt uitspreiden om die te vullen.'' Ze begon ook een webshop en haar babykleding werd verkocht in andere winkels. ,,Het is unieke kleding, met de hand bedrukt en ik probeer er altijd iets geks mee te doen, met een extra knoopje of klein stukje leer.''

Eigen zaak

Zo groeide ze toe naar een eigen zaak. Met de makelaar bedacht ze een uitprobeerconstructie. Ze huurt het winkelpand ten minste drie maanden voor 'ongeveer de helft van de prijs'. Meldt zich een andere huurder die meer betaalt, dan heeft ze de keuze: of ze accepteert dezelfde condities of ze zoekt een andere plek. Ze vindt een eigen winkel met atelier erg leuk, zegt ze. ,,Ik kan producten die ik ter plekke maak meteen te koop neerleggen. Zo verandert het assortiment voortdurend.'' Maar de loop, vertelt ze eerlijk, moet er nog wel in komen. De makelaar vond het goed dat ze de mededeling 'Te Huur' van de etalageruit haalde en op de deur hing. ,,Als die openstaat, ziet geen mens het. Anders is het net of ik ieder moment alweer kan vertrekken.''

Nieuwe zaak #3

Eigenlijk wilde ze met haar gezin naar Portugal emigreren en in de Algarve een horecabedrijf beginnen. ,,Een typisch gevalletje 'Ik vertrek''', zegt Linda Mol (37) met een knipoog naar het tv-programma waarin Nederlanders hun geluk in het buitenland beproeven. Alleen: ze vertrok niet. Ze had al borg betaald voor een bepaald pand, maar toen kwam ze erachter dat er geen horecabestemming op rustte. Einde avontuur. ,,Ik zat thuis op de bank en vroeg mezelf af: die sollicitaties bij werkgevers, word ik daar gelukkig van? Waar liggen mijn mogelijkheden? Wat zou ik, buiten mijn comfortzone, leuk vinden? Ik wist dat er in deze regio best veel kleine zelfstandigen zijn die mooie of bijzondere spullen maken die ze op markten of online verkopen, maar die altijd overhouden. Ik dacht: als ik dat nou eens voor ze ga verkopen in een cadeauwinkel.'' Mol ging naar een vriendin en legde haar plan voor. ,,Ze maakte nog net geen driedubbele salto.''

Winkelpand

De volgende stap was contact opnemen met een makelaar. ,,Winkelpanden in overvloed in Varsseveld'', zegt Mol. Haar oog viel op een hoekpand dat al twee jaar leeg stond. ,,Mooi aangezicht, goeie plek en er zat ruimte in de huurprijs.'' Dat maakte het risico aanvaardbaar. 'Winkel & Zo' was een feit. Hoeveel huur ze betaalt, wil Mol niet kwijt. Ze zegt wel dat het 70 procent is van de originele huurprijs en dat ze, anders dan vaak gebruikelijk, niet vastzit aan een meerjarencontract. Ze huurt vooralsnog voor één jaar. ,,Eigenaren zoeken naar invulling, naar leven in een pand. Ze vangen liever minder huur als ze maar kunnen laten zien wat er kan.''

Verkoopprijs

De Varsseveldse verkoopt nu zeer uiteenlopende spullen van 25 hobbyisten uit de Achterhoek, al zal ze die term zelf nooit gebruiken. ,,Hobbyist klinkt zo stoffig en amateuristisch. Ik ga voor hip, onderscheidend en handgemaakt, niet voor oud en suf . Het moet niveau hebben.'' De makers krijgen een afgesproken deel van de verkoopprijs. Loopt hun artikel niet, dan gaat het na een tijd retour. Zo beperkt Mol de financiële risico's. Ze heeft er ook nog een koffiehoek bij met vers gebak en koopt voor een ruim assortiment ook in bij derden. ,,Ik denk dat mijn zaak al wel wordt gezien als dé cadeauwinkel van Varsseveld. Ik hoor van mensen dat ze bij mij kopen omdat ze het waarderen dat er weer een winkel in het dorp is gevuld.'' Ondanks die steun, kan ze er nog niet van leven. Dus is de winkel vier dagen open en doet ze er projecten bij voor haar oude werkgever, de evenementenorganisatie.

Nieuwe zaak #4

Louk Heimans, eigenaar van een leeg winkelpand aan de Klarestraat in Arnhem, is uit een ander vaatje gaan tappen om huurders te vinden. Hij heeft de huurprijs op de etalageruit gehangen: 850 euro (55m2). ,,Ik dacht: laat ik duidelijk zijn. Er bellen mensen die denken dat het 300 euro kost, maar kan ook zijn dat mensen ervan uitgaan dat het heel duur is.'' Hij noemt zichzelf 'flexibel'. ,,Ik ben niet met de prijs gezakt, want die was al redelijk. Maar ik sta open voor afwijkende dingen, zoals een ingroeihuur. Dan betaal je de eerste maanden wat minder om te kijken of het loopt. Ik heb er ook niks aan als iemand de huur niet kan betalen.''

Antikraakconstructie

Hij weet dat sommige collega's antikraakconstructies hanteren. Ze zetten er voor weinig geld een huurder in die als het ware op de winkel past tot er een kandidaat is gevonden die meer betaalt. Heimans weet nog niet of hij de huurprijs op de ruit laat hangen. ,,Het loopt niet storm. Je neemt zo ook een aanleiding weg om even te bellen. Als mensen meer willen weten, is het makkelijk zo'n gesprek met de huurprijs te beginnen. Nu durven ze misschien niks meer te vragen.''