Nieuws Brexit

Bij een harde Brexit trekken Nederlandse bedrijven sóms aan het langste eind

Terwijl de voedingsmiddelenindustrie het nakijken heeft bij een harde Brexit, zijn er enkele bedrijfstakken in de dienstverlening die juiste een sterkere concurrentiepositie krijgen. Dat blijkt uit een rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving.

Vincent Krijtenburg | Foto: ANP 19 februari 2019

Reisbureau brexit anp

Financiële dienstverleners, telecombedrijven en reisorganisaties versterken hun concurrentiepositie als het Verenigd Koninkrijk (VK) de Europese markt verlaat. Dat komt volgens de onderzoekers in veel gevallen doordat de kosten voor concurrenten in het VK toenemen door handelsbelemmeringen ten gevolge van de Brexit.

Regionaal

Het Planbureau voor de Leefomgeving onderzocht de effecten per regio en bedrijfstak. In de cijfers is daardoor goed te zien dat Zuid-Holland, Noord-Holland en Noord-Brabant (de economisch grotere provincies) minder hard door de Brexit worden getroffen dan de economisch kleinere provincies. Zo is de regionale economie van Noord-Brabant in totaal nauwelijks afhankelijk van het VK en die van Zeeland juist sterk.

Autoindustrie

Het effect van de Brexit op de Nederlandse autoindustrie is alleen merkbaar in Noord-Brabant, omdat dit de enige provincie is waar deze bedrijfstak groot is. Door de Brexit versterkt deze bedrijfstak in Noord-Brabant haar concurrentiepositie. Door toenemende kosten van de autoindustrie in het VK verzwakt de concurrentiepositie daar. Dat is een belangrijke reden voor de concurrentiekrachtverbetering van de Nederlandse autoindustrie.

Tegengestelde effecten

De machine-industrie wint in Friesland aan concurrentiekracht, terwijl diezelfde industrie in Zuid-Holland concurrentiekracht verliest. “In dit geval is de machine-industrie in Zuid-Holland minder afhankelijk van het VK (ze hebben een lagere kostentoename) en hebben hun specifieke concurrenten een hogere kostentoename door de Brexit dan in Zuid-Holland.”

Blikje bier

Twee handelsbarrières die invloed hebben op de concurrentiepositie zijn allereerst een hogere verkoopprijs van producten uit EU-landen in het VK. Anderzijds is er sprake van en verhoging van kosten van goederen die uit het VK komen. Een fictief voorbeeld met blikjes bier geeft een duidelijk beeld: een Duits bedrijf dat blikjes maakt, betaalt een hogere prijs voor Brits staal. De duurdere Duitse bierblikjes worden gekocht door een brouwerij in België. Het bier uit België wordt tot slot geëxporteerd naar het VK. Daar wordt de prijs hoger door een tarief op de import van bier.

De concurrentiepositie van de volgende bedrijfstakken verslechteren bij een harde Brexit, al dan niet door een handelsbarrière op specifieke producten of diensten:

  • Teelt van gewassen, veeteelt, jacht etc.
  • Voedingsmiddelenindustrie
  • Chemische industrie
  • Meubelindustrie
  • Groothandel en handelsbemiddeling
  • Detailhandel
  • Vervoer over land

Voor deze bovenstaande Nederlandse sectoren is het VK een belangrijke afzetmarkt waar men veel concurreert met bedrijven uit het VK. Een tarief op voedingsmiddelen heeft daarom grote gevolgen voor de concurrentiepositie van deze sector. De onderzoekers constateren dat het belang van bedrijfstakken in Nederland in een aantal gevallen verschilt van het gemiddelde belang van de EU-lidstaten. “Een voorbeeld is de groothandel. Voor Nederland is het effect van de Brexit op de groothandel groot terwijl dit effect voor de EU gemiddeld klein is. Dit zou kunnen leiden tot verschillen in de nadruk op deze sectoren bij de onderhandelingen.”