Nieuws Retail

Wibra-directeur: 'Beslissing om werknemers corona-uren te laten inhalen niet uit luxe'

De coronacrisis heeft ervoor gezorgd dat winkelketen Wibra voor de tweede keer het nieuws haalt. Eind vorig jaar wegens de heropening van de winkels in tijden van lockdown, dit keer omdat men het personeel de door de lockdown niet-gemaakte uren onbetaald wil laten inhalen. FNV vindt dat niet kunnen en dus stonden de vakbond en de winkelketen deze week daarom tegenover elkaar voor de rechter.

Gep Leeflang (AD) 23 juni 2021

Volgens de cao Retail non-food kan Wibra van haar werknemers verlangen dat ze de uren inhalen. Foto: Shutterstock

,,De discounter heeft tijdens de lockdown miljoenen overheidssubsidie gekregen”, schrijft FNV op haar website. ,,Toch wil Wibra nu dat medewerkers deze gesubsidieerde uren in de zomer onbetaald komen inhalen.” Daarmee zou het bedrijf misbruik maken van de NOW-regeling. Via die regeling kreeg Wibra 80 procent van de loonkosten door de overheid gecompenseerd.

AD meldt dat Wibra in januari 2021 heeft besloten dat werknemers structureel voor minder uren worden ingezet dan de overeengekomen omvang. Daarvoor worden minuren genoteerd, die later door werknemers moeten worden ingehaald. De FNV eist nu dat de uren die al via de NOW-regeling gecompenseerd zijn, worden kwijtgescholden.

Lees ook: Dit is waarom Wibra 'de randen van de wet' opzocht met heropening

Wibra heeft volste vertrouwen in goede afloop van de zaak

De winkelketen gaf al eerder aan de zaak vol vertrouwen tegemoet te zien. Bij Wibra heeft het personeel een contract voor een vast aantal uren per maand, maar kan het aantal gewerkte uren soms wat afwijken. Naar eigen zeggen voldoet het bedrijf aan de cao-regeling rond plus- en min-uren. Volgens die regeling noteren werknemers plus-uren als ze meer werken, en min-uren als ze minder werken. Intussen krijgen ze elke maand een vast loon op basis van het overeengekomen aantal uren. Zo kan de werkgever pieken en dalen makkelijker opvangen.

Tijdens de winkelsluitingen kreeg het personeel dus gewoon uitbetaald, ook toen er minder uren gedraaid werden. In overleg met de ondernemingsraad besloot Wibra het personeel langer de tijd te geven om de min-uren weg te werken. De keten is van mening dat het bedrijf van haar werknemers kan vragen die uren in te halen, ongeacht of het concern hiervoor door de overheid is gecompenseerd, zo staat in de dagvaarding.

"Ik heb 160 uur opgebouwd waarmee ik vakantie wilde nemen. Maar daarvan is 130 uur mij afgenomen"

Jolanda Vullings, medewerker Wibra / voorzitter ondernemingsraad

Wibra: vakbond brengt ons ten onrechte in diskrediet

De vraag is nu natuurlijk of Wibra de rekening van de coronalockdown ten onrechte neerlegt bij zijn werknemers. De FNV vindt van wel, maar volgens de textieldiscounter brengt de vakbond het bedrijf ten onrechte in diskrediet. De rechter moet uitmaken of het ‘redelijk en billijk’ is dat Wibra een cao-afspraak handhaaft die voor ‘normale omstandigheden’ is gemaakt en niet voor een wereldwijde crisis.

Volgens de cao Retail non-food - die geldt voor 170.000 winkelmedewerkers van diverse ketens - kan Wibra van haar werknemers verlangen dat ze de uren inhalen. Door de ‘min- en plusuren’ mogen mensen op rustige momenten wegblijven, om dat bij drukte of ziekte van collega’s goed te maken.

Kans op sluiting is volgens FNV een risico dat werkgevers dragen

Die ‘piek- en ziekregeling’ is echter niet bedoeld voor extreme omstandigheden zoals een coronalockdown, vindt de FNV; dat winkels geruime tijd niet open mogen is een risico dat werkgevers dragen en niet het personeel. Wibra kreeg over die periode bovendien miljoenen euro’s overheidssteun. Daardoor zijn de ‘minuren’ al betaald, stelt de vakbond, en is het niet redelijk of billijk dat werknemers ze alsnog moeten inhalen.

Lees ook: Dit is waarom Wibra 'de randen van de wet' opzocht met heropening

Een streep door vrije uren van vorig jaar

Ook klagen medewerkers dat Wibra een streep heeft gezet door uren die ze nog over vorig jaar tegoed hebben. Bij Jolanda Vullings bijvoorbeeld, die werkt in de Wibra-winkel in Roermond en voorzitter is van de ondernemingsraad. ,,Ik heb 160 uur opgebouwd waarmee ik vakantie wilde nemen. Maar daarvan is 130 uur mij afgenomen.” Tijdens het kort geding beloofde Wibra-topman Bas Duijsens dat zij haar rechten niet kwijt is.

Wibra berekende dat het om slechts 40 minuten per week gaat

Volgens Wibra overdrijft de vakbond schromelijk in wat ze de textielketen voor de voeten werpt. Zo zouden mensen een stuwmeer aan min-uren nog in de zomer moeten inhalen. Het bedrijf kwam in de rechtszaal met een berekening, met als uitkomst dat het gaat om welgeteld 40 minuten per week, over de resterende 35 weken van het jaar. Het verwijt dat dan ‘gratis’ wordt gewerkt is bovendien onzin, vindt het bedrijf. Er is immers gewoon loon betaald.

De Tweede Kamer sprak collectief zijn afkeuring uit over het verplicht alsnog laten werken van gesubsidieerde uren. Wibra benadrukte in de rechtszaal dat minister Wouter Koolmees vervolgens erkende dat van de subsidie geen beperking voor de min-uren uitgaat. Dat de subsidie op de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW) is ontvangen, is dus niet relevant, betoogde Wibra's advocate.

"De NOW-regeling is geen verdienmodel, maar slechts een tegemoetkoming in de kosten, die door de winkelketen voor het overgrote deel zelf zijn gedragen"

Advocaat Wibra

Wibra-directeur Duijssens: 'Beslissing niet genomen uit luxe'

De FNV begrijpt daar niets van en vindt dat Wibra de coronaregelingen gebruikt om er beter van te worden. Door medewerkers in de zomer uren te laten inhalen, hoeven geen uitzendkrachten te worden ingehuurd en dat is goed voor de kassa. Wibra probeerde dat tijdens het geding met cijfers te pareren. ,,De NOW-regeling is geen verdienmodel, maar slechts een tegemoetkoming in de kosten, die door de winkelketen voor het overgrote deel zelf zijn gedragen.”

Toen de beslissing werd genomen om de werknemers de corona-uren te laten inhalen, gebeurde dat niet uit luxe, vult algemeen directeur Duijsens aan. Toen de winkels ineens dicht moesten blijven - Wibra heeft er 210 in Nederland en 38 in België - moesten alle zeilen worden bijgezet om te overleven. Dat lukte zonder ontslagen.

Rechter herkent dergelijke dilemma's ook in andere bedrijfstakken

Rechter Dirk Vergunst vraagt zich af of na de Wibra-zaak nog meer rechtszaken zullen volgen. Andere bedrijfstakken, zoals de horeca, kennen dit soort dilemma's ook. Vakbonden, werkgevers en eventueel politiek zouden samen moeten onderzoeken of ze buiten de rechtszaal een akkoord kunnen vinden, opperde Vergunst.

FNV en Wibra konden het daarover tijdens een schorsing niet eens worden. De rechter doet daarom over twee weken uitspraak.

Schrijf je in voor de dagelijkse nieuwsbrief voor ondernemers, in 2 minuten tijd ben je weer helemaal bij.

Ontvang iedere ochtend onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste ondernemersnieuws