Nieuws Duurzaamheid

Elektrisch rijden: wanneer stap jij over?

Elektrische mobiliteit staat op het punt van doorbreken. Als we de experts mogen geloven, hebben verbrandingsmotoren nu echt hun langste tijd gehad. Alleen de (schone) waterstofauto maakt nog kans om de puur elektrische auto voorbij te streven. Hoog tijd om te kijken wat e-rijden voor jouw bedrijf kan betekenen.

Leonard van den Berg 3 maart 2017

E rijden

‘Auto-met-uitlaat is de nieuwe sigaret’

De eerste prikken zijn al uitgedeeld. "Auto’s met uitlaten zijn de nieuwe sigaret", zegt PvdA-Kamerlid Jan Vos afgelopen voorjaar. "Roken is ook heel lang normaal gevonden, maar geleidelijk is er steeds meer weerstand tegen ontstaan. Met de auto (met verbrandingsmotor) moet hetzelfde gebeuren: het is vies en ongezond. Mensen pikken het straks gewoon niet meer." Daarom stelt Vos voor om alle verbrandingsmotoren per 2030 uit Nederland te bannen.

Mobiliteit 100% emissievrij in 2050

Dat we ‘om’ moeten, is ook voor de Sociaal Economische Raad (SER) glashelder. In het ‘Energieakkoord voor duurzame groei’ pleit de vooraanstaande adviesclub voor een ‘ingroeimodel’ met tussendoelen. Daarbij zouden vanaf 2035 alle nieuw verkochte personenauto’s in staat moeten zijn om CO2-emissievrij te rijden, en zouden in 2050 alle personenauto’s waar nog CO2 uit de uitlaat komt, uit het straatbeeld moeten zijn verdwenen.

Voorrang voor de e-car

De overheid heeft alvast een belangrijke eerste stap gezet om elektrisch rijden nu echt voorrang te geven. Na jarenlang rommelen met CO2-subsidies in de vorm van steeds veranderende bijtellingspercentages (voor privégebruik van de auto van de zaak) is dat pleit nu beslecht in het voordeel van de e-car. Voor elektrische auto’s betaal je als eigenaar (en als ondernemer) geen motorrijtuigenbelasting of bpm. Ook de bijtelling bij privégebruik is gunstiger: sinds 1 januari 2017 gelden daarvoor nog maar twee tarieven: 4 of 22%. Stoot een auto ook maar een microgram CO2-uit, dan betaal je 22% bijtelling. Dat geldt dus ook voor ‘stekkerhybrides’, een categorie voertuigen die afgelopen jaren razend populair was vanwege de gunstige bijtellingsregels: laat je vanaf dit jaar zo’n stekkerhybride op kenteken zetten, dan rekent de fiscus vijf jaar lang het volle 22%-bijtellingtarief. Alleen puur elektrische auto’s en auto’s op waterstof profiteren nog van de aantrekkelijke 4%-regeling.

Allerlei aftrekposten

De aanschaf van een auto die elektrisch rijdt of door waterstof wordt gevoed, evenals plug-in hybrides met een CO2-uitstoot tussen de 1 en 30 g/km komen in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek (MIA). Dit houdt in dat de kosten mogen worden afgetrokken van de winst. Voor dit jaar geldt bij elektrisch en waterstof een aftrek van 36% voor een maximale investering van vijftigduizend euro. Voor plug-in-hybrides is dat 27% voor een maximum investering van 35 duizend. Bestel je een taxi of bestelwagen, dan kun je tevens gebruik maken van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Het voordeel hiervan is afhankelijk van de hoogte van de investering. Ook randzaken zoals oplaadpalen en aardgas- en waterstofvulstations komen in aanmerking voor de aftrekregeling, mits deze op eigen terrein staan en voor eigen gebruik zijn. Investeringen in waterstofauto’s en elektrische bestelwagens kun je in 2017 versneld afschrijven.

Actieradius

Maar valt er eigenlijk iets te kiezen op het moment? Volledig op elektriciteit of waterstof rijdende auto’s zijn er immers nog niet in overvloed. Keuze is er wel al, waarbij niet alleen de prijs als doorslaggevende factor geldt. Actieradius is eigenlijk het echte toverwoord. Een vertegenwoordiger die dagelijks 400 kilometer rijdt, is niet gediend met een auto die na 250 kilometer aan de laadpaal moet. Opladen kost namelijk (nog) veel meer tijd dan tanken. Zelfs bij de op steeds meer plekken beschikbare snelladers ben je al snel een half uur aan het laden voor 80% volle accu’s . Vooralsnog betekent elektrisch rijden wel: extra opletten op je actieradius.

Flinke groei, bescheiden aantallen

Het aantal elektrische voertuigen in Nederland is de afgelopen jaren al flink gestegen. Tellen we alle hybride varianten mee, dan zijn dat er inmiddels meer dan 100.000 . Het aantal batterij-aangedreven personenauto’s steeg in 2016 van 9.368 tot 13.104. Het aantal elektrische bestelauto’s tot 3.500 kg groeide van 1.460 naar 1.628.

Het aanbod aan volledig elektrische auto’s groeit. Langer op de markt zijn de Nissan Leaf, de Renault Twizy en de Mitsubishi i-MiEV. Echt zichtbaar in het straatbeeld is e-rijden sinds het succes van de Tesla S en de markante BMW i3. De meest bekende nul-uitstoot-personenauto’s zijn:

  • Tesla Model S
  • Tesla Model X
  • Nissan Leaf
  • Renault Zoe
  • Renault Twizy
  • Renault Kangoo
  • Volkswagen e-Golf
  • Volkswagen e-Up
  • Peugeot Ion
  • BMW i3
  • Citroën C-Zero
  • Mercedes-Benz B-Klasse Electric Drive
  • Mitsubishi i-MiEV
  • Kia Soul EV
  • Hyundai Ioniq

Of: rijden op waterstof!

Daarnaast heeft Hyundai nog een waterstofauto op de prijslijst staan, de ix35 FCEV. Daarmee tank je waterstof (H2), dat aan boord via een zogeheten ‘brandstofcel’ wordt omgezet in elektriciteit voor een elektromotor die de auto aandrijft. De snelheid van ‘gewoon tanken’ met de voordelen van emissievrij rijden: uit de uitlaat van zo’n waterstofauto komt schone waterdamp. Ook Toyota timmert aan de waterstofweg, met de Mirai.

Klinkt ideaal. Toch gaat het nog niet hard met de waterstofauto. De techniek is nog pril, de kosten nog hoog, en waterstof tanken bij openbare tankstations kan in Nederland nog maar op drie plaatsen. Wil je als ondernemer toch gebruik maken van mogelijk de techniek van de toekomst: die drie openbare waterstofstations staan in Rhoon, Helmond en Arnhem. Maar een H2-tankstation op eigen terrein kan (onder voorwaarden) natuurlijk ook.

Lange-termijnbeslissingen

Wie nu een lange-termijnbeslissing wil nemen, kan niet om de waterstofauto heen. Al is het aanbod aan auto’s en vulstations nog ver beneden maat, kenners denken dat de waterstofauto uiteindelijk met de groene eer gaat strijken. Uit de Global Automotive Executive Survey 2017 van accountants- en advieskantoor KPMG blijkt namelijk dat 60% van de bedrijven in de automotive industrie verwacht dat een te snelle doorbraak van de accu-auto te veel zou vergen van het huidige elektriciteitsnet. “De elektrische auto die wordt voortgedreven door batterijen vraagt op dit moment te veel van de bestaande infrastructuur”, waarschuwt Loek Kramer, partner en specialist Automotive bij adviesorganisatie KPMG. “Als we met z’n allen van vandaag op morgen overschakelen op elektrisch rijden, hebben we een serieuze uitdaging met onze bestaande laadinfrastructuur. Die is hierop gewoonweg niet toegerust.”

Het rapport vermeldt verder dat de bevraagde executives een stuk optimistischer zijn over elektrische voertuigen die zijn voorzien van brandstofcellen. Dit ziet bijna 80% van hen wel als kansrijk op de lange termijn. Toch realiseren de bedrijven zich dat voor de realisatie van dit type auto’s nog de nodige obstakels moeten worden genomen, zoals de koeling van het waterstofgas en de veilige opslag daarvan in het voertuig. En dan natuurlijk de aanleg van een fijnmazig netwerk van H2-tankstations.

Waterstof tankstation Rhoon

Sterkere accu’s

Een ongewisse toekomst, waarbij elektrisch rijden vooralsnog het enige echte alternatief is voor bedrijven die willen vergroenen. Een laadpaal plaatsen is eenvoudig, de laadinfrastructuur groeit met de dag en de accu’s worden vooralsnog steeds sterker. Opel verwacht binnenkort de Ampera-e in Nederland en Tesla komt – waarschijnlijk pas in 2018 – met de Model 3. Beide auto’s zouden een riant bereik moeten krijgen, met dik 300 ‘echte’ kilometers. Opel spreekt zelf van 520 kilometer voor hun Ampera-e, maar de eerste testverslagen, zoals in Autoweek, maken duidelijk dat zo’n 370 km reëler is. Prijzen zijn nog niet bekend, maar kenners gokken op zo’n veertig mille voor de Opel. Ter indicatie: Tesla heeft de prijs voor de VS nu op 35 duizend dollar staan.

MVO

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) staat hoog op de prioriteitenlijst in het bedrijfsleven. Het hoeft geen betoog dat elektrisch rijden – of straks op waterstof – hieraan een belangrijke bijdrage levert. Zeker wanneer je als bedrijf kunt leven met de nog bestaande beperkingen, met name die van de actieradius. Dan staat niks je in de weg om te investeren in deze schone vorm van mobiliteit. Misschien in combinatie met openbaar vervoer of fiets om alle plekken van het werkgebied zonder problemen te kunnen bereiken en je carbon footprint minimaal te houden.

Stadscentra op slot

Wie blijft volharden in oude gebruiken, kan op korte termijn wel eens voor grote verrassingen komen te staan. Stadscentra in Nederland kennen, net zoals in Duitsland, Frankrijk (Parijs, per 1 juli 2017 ) en Italië al verboden voor met name oudere auto’s, maar deze regels worden steeds strakker. Duidelijk iets om rekening mee te houden.
Net zoals met de inruilwaarde van nog aan te schaffen brandstofauto’s, schrijft financieel expert Robin Fransman in zijn column op Follow The Money , een onafhankelijke en journalistieke onderzoekssite: ‘Wat is een benzineauto nog waard in 2030, vragen mensen zich dan af. Leasemaatschappijen willen geen benzineauto’s meer aanbieden. Banken willen alleen nog benzineauto’s financieren als ze versneld afschrijven. Rond 2030 stort de tweedehands markt voor benzineauto’s in. Er verdwijnen steeds meer benzinestations. Ze gaan failliet. En als je niet meer overal kan tanken, dan worden die auto’s nog onaantrekkelijker. Dieselauto’s gaan wellicht iets langer mee omdat de grotere vrachtwagens nog op diesel rijden. Maar het zware vrachtvervoer is dan wellicht over op waterstof en dan is het definitief gedaan.’

Elektrisch of waterstof?

Te optimistisch? Wie 1 plus 1 optelt, kan niet anders dan concluderen dat de verbrandingsmotor zwaar onder vuur komt te liggen de komende jaren. Wie nu al groen wil ondernemen, zet waar mogelijk in op elektrisch rijden. Geholpen, uiteraard, door allerlei gunstige financiële omstandigheden: MIA, lage bijtelling, goedkoop laden, voorlopig nog groeiende actieradius, steeds snellere oplaadtijden en lage operationele kosten – een elektrische auto heeft tenslotte weinig bewegende delen en is, enigszins gechargeerd, doorgaans al blij met een nieuw setje banden en wat ruitensproeiervloeistof. Zelfs remblokken gaan langer mee, want afremmen gebeurt grotendeels op de motor om de remenergie terug te winnen.

Puntje van aandacht

Investeert u daarnaast in zonnepanelen op uw bedrijfspand, dan maakt u de groene cirkel helemaal rond. Dan wordt het opladen van uw elektrische vloot heel schoon. Immers, laadpalen die zijn aangesloten op het energienetwerk, worden over het algemeen nog gevoed met ‘grijze’ stroom. Wie dit omkleurt in groen, helpt zichzelf zich in de kijker te spelen van klant of opdrachtgever. Die letten immers meer en meer op de duurzaamheidgedachte van hun leveranciers en afnemers. Reden te meer om ‘groene’ mobiliteit de komende jaren heel serieus te nemen.

Wie nu een lange-termijnbeslissing wil nemen, kan niet om de waterstofauto heen.

Leonard van den Berg