Nieuws Personeel

Nederlanders zijn kampioen thuiswerken

Van alle EU-lidstaten telt Nederland het hoogste percentage thuiswerkers. In ons land werkt 14 procent van de werkenden doorgaans thuis, gevolgd door Finland met 13,3 procent. In Bulgarije en Roemenië werkt vrijwel niemand vanuit huis: 0,3 en 0,4 procent, zo blijkt uit gegevens van het Europese statistiekbureau Eurostat.

De Ondernemer / ANP 7 februari 2020

Thuiswerk thuis werken

Thuiswerken: steeds meer Nederlanders doen het. Foto: ANP

Gemiddeld ligt het percentage thuiswerkers in de EU op 5 procent. Het gemiddelde percentage mensen dat af en toe thuis werkt is iets gestegen, van 5,8 procent in 2008 naar 8,3 in 2018.

Thuiswerkende mannen

In Nederland, Denemarken en Ierland zijn het vooral mannen die thuiswerken, in Frankrijk, Luxemburg en Malta vooral vrouwen. Voor ons land geldt dat ouderen (50-64 jaar) meer thuiswerken dan jongeren (25-49 jaar).

Werkt jouw personeel thuis? 3 tips van expert Gonny Vink

1. Onderhoud je beeld van je medewerkers

Als je meer op afstand en digitaal samenwerkt, zijn sociale vaardigheden nog belangrijker. Met telefonisch contact heb je toch een minder goed beeld van hoe het met de ander gaat. Je zult dus moeten afgaan op de stem of op wat iemand vertelt. Vragen stellen om te toetsen of wat je hoort klopt, helpt daarbij.

2. Transparantie

Transparantie over plannen, voortgang en resultaten helpen medewerkers om meer eigen verantwoordelijkheid te laten nemen. Dashboards waarmee de ontwikkeling en het resultaat worden getoond op verschillende niveaus, helpen daarbij. Medewerkers kunnen op basis van deze dashboards en inzichten zelf keuzes maken en besluiten nemen.

3. Wees duidelijk over verwachtingen

Mensen hebben vaak snel een mening klaar zonder het hele plaatje compleet te hebben, maar wel vaak vanuit hun eigen perspectief en overtuiging: je kunt niet thuiswerken als er een ziek kind is. Maar er zijn zoveel mogelijkheden en nuanceringen te bedenken. Leidinggevenden hebben hierin de belangrijke taak om goed uit te leggen en te bespreken wat wel en niet kan en wat je van elkaar verwacht.