Nieuws Actueel

Schoenenzaak viert 50-jarig bestaan

"Tien jaar geleden waren we volgens de profeten ten dode opgeschreven. Maar het gaat nog steeds heel goed met de zaak." Dat zegt Herman Willems (50) over zijn schoenenzaak aan de Bossche Copernicuslaan in het Brabants Dagblad. Op 11 maart viert hij het 50-jarig bestaan van de winkel.

Marc Brink | Foto: Sandra Peerenboom 7 maart 2016

Schoenenwinkel 50

Vader (79) en moeder (74) zijn er die dag bij om het feest met een presentje voor klanten te vieren in de zaak, nu zo'n 120 vierkante meter. Zijn ouders legden de basis in een pand dat nog geen vijftig vierkante meter groot was. Maar het aanbod was 'breder'. Want je kon er terecht voor (kinder)schoenen, slippers, rubber laarzen en voetbal- en tennisschoenen. "Ze waren daar al mee gestopt. En ik richt mij ook uitsluitend op dames- en herenschoenen", zegt Willems, die de zaak overnam in 1997. Dat deed hij nadat hij de Heao had voltooid en als marketingmedewerker onder meer werkzaam was voor Ferrero en Unilever.

Een goede naamSchoenenketens zoals Manfield, Dolcis, Pro Sport en Invito zijn failliet gegaan. Ook veel zelfstandige schoenenzaken hebben het niet gered. Waarom 'overleeft' zijn zaak het? De ondernemer kan herhalen wat hij tien jaar geleden in het Brabants Dagblad zei. De verklaring is 'een goede naam'. Ook zijn klanten gevoelig voor de brede collectie van 'modieuze schoenen die niet snel uit de mode zijn'. "Supertrendy schoenen zul je hier niet zo snel zien. Blits, maar niet superblits. Want dan ben je zakelijk kwetsbaar", zegt hij nu. Willems is een van de weinige zaken die Jeroen Bosch-schoenen mogen verkopen. Dat je er 300 euro voor betaalt is geen beletsel voor aardig wat klanten. "Er worden maximaal zo'n honderd paar gemaakt en ik heb er al negentien verkocht." Het langdurige succes heeft volgens hem ook te maken met waar de winkel is gevestigd. "Ik ben heel blij met Den Bosch en zeker met deze wijk. De winkel is dichtbij het station. Er is veel aanloop. Het winkelcentrum is mooi opgeknapt ook dankzij financiële steun van de gemeente. Dertig jaar geleden was de buurt aan het verpauperen. Daar is nu geen sprake van dankzij renovatie en nieuwbouw."

Middenstanders klagen geregeld over concurrentie van internet. Klanten verkiezen een muisklik boven winkelbezoek. Willems zegt daar geen last van te hebben. "Ik heb een website als visitekaartje, maar doe er niet zo veel mee. Mensen moeten in de zaak komen om iets te kopen. Klanten krijgen graag persoonlijk advies en zien graag een brede collectie, maar zijn ook gevoelig voor de prijs. Verder scheelt het dat ik op deze locatie in een eigen pand minder hoge kosten heb dan in de binnenstad. Daarom kan ik ook wat goedkoper zijn dan winkels in het centrum. Ik ben ook vaak goedkoper dan internet."

Willems gaat er vanuit dat hij nog jaren vooruit kan met de zaak. Mogelijk is er een opvolger. Het zou Thomas, zijn 17-jarige zoon kunnen zijn, die al geregeld in de winkel werkt. "Maar ik dring er niet op aan. Ik was pas 28 toen ik er serieus over na ging denken om de winkel van mijn vader over te nemen."