Nieuws Marketing

Infozuil Nederland: zien en gezien worden

Infozuil Nederland plaatste vijf jaar geleden zijn eerste digitale billboard bij de kruising van de Europabaan en de Wulverhorstbaan in Woerden. Het bedrijf wil vooral kleinere en middelgrote plaatsen bedienen met dit soort schermen. Dat schrijft het AD.

Bert van den Hoogen | Foto: Rianne den Balvert 30 januari 2017

Reclamezuil 1065

Iedere zes seconden verschijnt er een nieuwe boodschap op het scherm in Woerden. Mededelingen van de gemeente, aankondigingen voor evenementen en advertenties van bedrijven wisselen elkaar af. De automobilisten die voor de stoplichten staan te wachten, pikken zo allerlei berichten over Woerden op. "Dat lokale karakter is belangrijk", zegt Dirk Slager, die het idee acht jaar geleden bedacht. "Onze schermen moeten iets toevoegen aan de stad. Het moet leuk zijn om naar te kijken. Daar hoort ook bij dat je telkens iets anders ziet en dat het over de stad gaat waar het scherm staat."

Onderzoek

Slager kwam niet zomaar op het idee. "Tot acht jaar geleden zat ik in de tijdelijke verkeersmaatregelen. We plaatsten mobiele rijbaansignaleringen en tekstkarren. Ik zat in de sales en had daardoor veel contact met Rijkswaterstaat en de grote infrastructuurbedrijven in Nederland en België. Ik bedacht toen dat als je dit mobiel kunt, het ook met vaste opstellingen moet kunnen. Door de ledtechniek kan het aanbod heel dynamisch zijn. Je kunt makkelijk de berichten wisselen of aanpassen."

De zes seconden per bericht zijn gebaseerd op onderzoek. Slager: "Dat is precies de tijd dat je een boodschap kunt lezen en ook nog in je op kunt nemen. Langer moet niet, want dan verslapt de aandacht. Om de attentiewaarde te behouden moet er ook regelmatig iets nieuws te zien zijn."

Als Woerdenaar probeerde Slager eerst een scherm in Woerden geplaatst te krijgen. Het kostte even tijd om de gemeente ervan te overtuigen dat het iets toevoegt. Daarvoor was het belangrijk een mix van informatie op de schermen te krijgen. "We reserveren 30 procent van de tijd voor mededelingen van de gemeente. De resterende twee derde tijd proberen wij in te vullen met advertenties."

Lokale sfeer

Het zoeken van adverteerders is het werk van echtgenote Ingrid Kamer: "We willen een lokale sfeer, en richten ons dus niet op grote landelijke adverteerders. We werken met kortlopende contracten en laagdrempelige tarieven om het interessant te maken voor de lokale ondernemer. Ik doe meer dan alleen de advertentie verkopen en denk graag mee met bedrijven hoe zij het scherm het beste in kunnen zetten."

Na Woerden volgde een jaar later de gemeente Tiel en inmiddels staan er negentien schermen verdeeld over negen gemeenten. Ook doet het bedrijf de content en exploitatie van enkele schermen van derden, zoals een winkelcentrum en een pompstation langs de snelweg. Kamer: "In het begin was het best lastig om nieuwe gemeenten te vinden. Maar we zijn ons eigen uithangbord. Zo werden we benaderd door de gemeente Hardinxveld-Giessendam omdat één van de wethouders het scherm in Woerden kende."

In overleg met gemeenten zoekt Slager naar strategische plaatsen. "Die plek in Woerden is ideaal: de hele doelgroep komt er langs en ze kijken toch allemaal even."

Weerstand

De schermen roepen ook wel eens weerstand op, omdat het storende elementen kunnen zijn en de berichten de aandacht kunnen afleiden. Slager heeft hierbij het voordeel dat hij vanuit zijn eerdere werk weet hoe de procedures voor vergunningen verlopen en welke normen er aan digitale schermen in openbare ruimten worden gesteld. Kamer: "Onze schermen moeten passen in het straatbeeld van een gemeente. We hebben hiervoor een aantal types bedacht. De type City staat bij Woerden. In Oudewater moest het wat kleiner en in een groene omgeving, het type Landschap. In Vianen hebben we de Small City en Enkhuizen is de eerste gemeente waar we type Combi hebben geplaatst, met een dubbel scherm."

Ze hopen natuurlijk meer schermen bij andere gemeenten te kunnen plaatsen. Daarbij houden ze wel vast aan het principe dat het moet bijdragen aan de lokale betrokkenheid. Kamer: "We proberen dus ook niet in de grote steden te komen, want dan gaat het lokale eraf. Dat kleinschalige past meer bij ons."