Naast het café- en kappersbezoek en de overige diensten, waar bijna een kwart meer geld heen ging, trokken consumenten ook vaker de portemonnee voor duurzame goederen. Vooral aan kleding, schoenen en elektrische apparaten werd meer geld besteed. Dat kan ook te maken hebben met de coronamaatregelen een jaar eerder toen niet-essentiële winkels daar nog hinder van ondervonden. De uitgaven aan duurzame goederen stegen met 8 procent. Aan persoonlijke verzorgingsproducten werd ook meer uitgegeven.
Aan overige goederen zoals energie en water waren consumenten, gecorrigeerd voor prijsveranderingen, 2 procent minder kwijt. Volgens het CBS werd er onder andere minder energie verbruikt. Aan voedings- en genotsmiddelen gaven huishoudens in doorsnee ook minder uit.